Brandwonden
1. Inleiding
- Prevalentie in België: 1,2% van de bevolking.
1/4e wordt behandeld door de huisarts en 1/4e door thuisverpleging.
10% wordt opgenomen waarvan 6,5% in het brandwondencentrum.
Populatie:
o Bij mannen tussen 20 en 40 jaar.
o Grootste oorzaak vuur
o Kinderen < 10 jaar
o Kinderen < 2 jaar
o Grootste oorzaak hete vloeistof
o Bij mensen met een groter gebruik alcohol, tabak en drugs.
- De sterftecijfers:
Zijn leeftijdsafhankelijk: < 18 maand en > 60 jaar.
Dalen door:
o Meer brandwondencentra.
o Betere reanimatietechnieken.
o Betere post brandwonden therapie.
o Nieuwe topische antimicrobiële agentia.
o Gebruik van artificiële huid.
- Overlevende hebben nood aan revalidatie:
Contracturen, hypertrofische littekenweefsel, pijn en psychologisch.
2. Normale huid (epidermis – dermis – subdermis)
2.1. Epidermis
- Buiten laag als barrière tegen water met een dikte van 0,5 – 1,5 mm.
- Binnenlaag bevat basale cellen die mitotisch actief zijn.
Dit vormt keratinocyten: keratine-stratum corneum.
Deze migreren naar buiten waar ze hun cellulaire component verliezen.
Ze vormen een hoornlaag als water ondoorlaadbare beschermlaag.
2.2. Dermis
- Hier zijn zweetklieren, talgklieren en haarfollikels aanwezig.
Dit is belangrijk in het herstel van brandwonden.
- Aanvoer en onderhoudszone van epidermis door voedingsstoffen.
, 3. Brandwonden
3.1. Classificatie
Eerste graad - Enkel epidermis is aangetast.
- Vb. zonnebrand met erytheem, zwelling en dolor.
Dit doet pijn omdat de oppervlakkige nociceptoren zijn
aangetast.
- Geneest binnen 3 – 7 dagen (uitzonderingen door huidtype).
- Verzorging:
Kleine wondes:
o 20 minuten koelen onder fris, stromend water.
o 5 mm laagje flamigel:
Eerst op kompres om bacteriële besmetting te vermijden.
o De wonde afdekken met een gaaskompres.
Grote wondes:
o Koel de huid af onder een lauwe douche.
o Hydrateer met flamigel tot 4x per dag tot de roodheid is
verdwenen.
Tweede graad - Epidermis en dermis zijn aangetast.
Oppervlakking (vaak overlap met eerste graad).
o Rood met bleker worden bij het aandrukken.
o Vaak blaarvorming.
o Pijn door vitale zenuwuiteinden.
o Herstel
Tussen 7 – 21 dagen.
Vanuit wondranden: gave epidermis.
Vanuit dermale structuren (haarfollikels, talgklieren).
Diepe brandwonden
o Tot aan het subdermale weefsel.
o Kan spontaan herstellen:
Neiging tot hypertrofische littekenweefsel.
Meestal nood aan huidgreffen.
- Behandeling:
De huid koelen onder stromend water.
Blaren behandelen.
o Blaren niet openen, want anders kans op infectie.
o Als het pijn doet of opengaat:
Vochtwond deppen (cirkelvormige bewegingen) met
steriel, ontsmettend product.
Laat de huid van de blaar op de wonde.
Iedere dag opnieuw en reinig de huid en verwijder
zalfresten.
Derde graad = - Gans epidermis en dermis tot in subdermale weefsel.
1. Inleiding
- Prevalentie in België: 1,2% van de bevolking.
1/4e wordt behandeld door de huisarts en 1/4e door thuisverpleging.
10% wordt opgenomen waarvan 6,5% in het brandwondencentrum.
Populatie:
o Bij mannen tussen 20 en 40 jaar.
o Grootste oorzaak vuur
o Kinderen < 10 jaar
o Kinderen < 2 jaar
o Grootste oorzaak hete vloeistof
o Bij mensen met een groter gebruik alcohol, tabak en drugs.
- De sterftecijfers:
Zijn leeftijdsafhankelijk: < 18 maand en > 60 jaar.
Dalen door:
o Meer brandwondencentra.
o Betere reanimatietechnieken.
o Betere post brandwonden therapie.
o Nieuwe topische antimicrobiële agentia.
o Gebruik van artificiële huid.
- Overlevende hebben nood aan revalidatie:
Contracturen, hypertrofische littekenweefsel, pijn en psychologisch.
2. Normale huid (epidermis – dermis – subdermis)
2.1. Epidermis
- Buiten laag als barrière tegen water met een dikte van 0,5 – 1,5 mm.
- Binnenlaag bevat basale cellen die mitotisch actief zijn.
Dit vormt keratinocyten: keratine-stratum corneum.
Deze migreren naar buiten waar ze hun cellulaire component verliezen.
Ze vormen een hoornlaag als water ondoorlaadbare beschermlaag.
2.2. Dermis
- Hier zijn zweetklieren, talgklieren en haarfollikels aanwezig.
Dit is belangrijk in het herstel van brandwonden.
- Aanvoer en onderhoudszone van epidermis door voedingsstoffen.
, 3. Brandwonden
3.1. Classificatie
Eerste graad - Enkel epidermis is aangetast.
- Vb. zonnebrand met erytheem, zwelling en dolor.
Dit doet pijn omdat de oppervlakkige nociceptoren zijn
aangetast.
- Geneest binnen 3 – 7 dagen (uitzonderingen door huidtype).
- Verzorging:
Kleine wondes:
o 20 minuten koelen onder fris, stromend water.
o 5 mm laagje flamigel:
Eerst op kompres om bacteriële besmetting te vermijden.
o De wonde afdekken met een gaaskompres.
Grote wondes:
o Koel de huid af onder een lauwe douche.
o Hydrateer met flamigel tot 4x per dag tot de roodheid is
verdwenen.
Tweede graad - Epidermis en dermis zijn aangetast.
Oppervlakking (vaak overlap met eerste graad).
o Rood met bleker worden bij het aandrukken.
o Vaak blaarvorming.
o Pijn door vitale zenuwuiteinden.
o Herstel
Tussen 7 – 21 dagen.
Vanuit wondranden: gave epidermis.
Vanuit dermale structuren (haarfollikels, talgklieren).
Diepe brandwonden
o Tot aan het subdermale weefsel.
o Kan spontaan herstellen:
Neiging tot hypertrofische littekenweefsel.
Meestal nood aan huidgreffen.
- Behandeling:
De huid koelen onder stromend water.
Blaren behandelen.
o Blaren niet openen, want anders kans op infectie.
o Als het pijn doet of opengaat:
Vochtwond deppen (cirkelvormige bewegingen) met
steriel, ontsmettend product.
Laat de huid van de blaar op de wonde.
Iedere dag opnieuw en reinig de huid en verwijder
zalfresten.
Derde graad = - Gans epidermis en dermis tot in subdermale weefsel.