Introductie
Studietips op canvas bekijken + ‘wat te kennen’
Neurodiversiteit = hersenen werken op verschillende manieren (daarom niet per se foute
manieren), het komt dus niet door een dysfunctie, maar gewoon omdat ze een ‘ander’ brein
hebben
Dit zorgt enkel voor problemen omdat de samenleving hier niet op voorbereid is! Is geen
probleem op zich!
Hersenen verouderen mee met de mens → is geen dementie! (dementie = ziekte)
Hoofdfunctie hersenen = informatieverwerking!
• Zenuwen in heel het lichaam worden vanuit de hersenen bestuurt
• Hersenen ook constant bezig met de zintuigen (die zijn er door de evolutie om het
brein informatie te geven)
MAAR informatieverwerking is gelimiteerd! Denken vaak dat we veel tegelijk kunnen
maar is slechts een illusie
In de berg van de Toblerone staat een beer, heel veel mensen zullen
dit nooit in hun leven gezien hebben = goed voorbeeld van dat ons
brein ons waarmaakt alles te zien terwijl dit niet zo is
De mensen die de beer nog nooit hebben gezien, maar nu wel gaan vanaf NU altijd de
beer zien in de berg. Want : brein heeft iets geleerd en dit kunnen we nu niet meer
negeren
Mensen met hersenletsel die constant dingen zien die ze eigenlijk niet herkennen →
hoger angstniveau
Verwerkingscapaciteit is niet gelimiteerd!
Man wordt doodgeschoten, de vraag is wie schiet wie dood, we kunnen dit niet goed
zien, wanneer we het filmpje in close up zien en trager zien we het wel, wanneer we
daarna terug het gewone filmpje zien lijkt het alsof we het altijd wel al goed gezien
hebben en snappen we niet g-hoe we het niet konden zien
Ook het experiment met de kleuren en de kaarten, de kleuren in de video veranderen
voortdurend, wij denken dat het over de kaarten gaat dus zijn op niets anders gefocust,
wanneer we daarna de video zien snappen we weer niet hoe het kon dat dit ons de
eerste keer niet was opgevallen
1
, Vanaf dat we de volledige tekening van
de koe hebben gezien is deze info veel
duidelijker voor de hersenen en kunnen
we dit beter onthouden
Maar de hersenen kunnen ons ook op een verkeerd spoor zetten! → we maken
verkeerde berekeningen waardoor we dingen zien die er niet zijn = illusies
Hoofdstuk 1: conceptueel kader
‘niets is ooit, maar alles wordt’ ~ Plato
1.1. evolutie heeft geleid tot een toenemende complexiteit van neurale structuren en
hersenen
Orgaansystemen + zenuwstelsel maken deel uit van ingewikkelde ecosystemen
Systeembiologie: heel het ecosysteem in de natuur is in lagen geordend als hiërarchisch
continuüm waarbij complexe grote eenheden zijn samengevoegd uit minder complexe
eenheden
Opklimmende lagen: Kwantumdeeltjes • Subatomaire deeltjes • Atomen • Moleculen •
Macromoleculen • Organellen • Cellen • Weefsels • Organen en Orgaansystemen •
Zenuwstelsel • Organismen en persoon • Populaties • Leefgemeenschappen •
Cultuursubcultuur • Maatschappij-staat • Ecosystemen • Biosfeer
Hersenen = orgaansysteem dat deel uitmaakt van groter geheel
Gedrag (vd mens) kan enkel begrepen worden als we kijken naar de evolutie van de
delen van de gehelen (uit wat bestaat dat? Uit wat bestaat dat? Uit wat bestaat dat?)
Evolutie heeft geleid tot een toenemende complexiteit van neurale structuren en
hersenen
2
, De resultanten van de endogene en
exogene processen, tijd speelt ook
een rol!
= hersengedragschema
We bespreken van beneden naar
boven
NEURON
• Biologisch orgaan (hersenen, ruggengraad)
• Verschillende processen binnenin (metabolische werking) = endogene
processen
• Hersenen worden bij iedereen ongeveer hetzelfde gevormd MAAR we bevinden
ons ook allemaal in een andere omgeving
• Lever, longen, hart etc hebben omgeving niet nodig om te kunnen functioneren,
hersenen wel want zijn open orgaan!
• Hersenen kunnen pas optimaal werken als de omgeving optimaal is (niet
afzonderlijk te bestuderen)
• Omgeving = EXOGENE processen
• Binnenin = ENDOGENE processen
3
, Voorbeeldje om aan te tonen hoe je omgeving invloed heeft op je hersenen: Je wordt
plots wakker en staat op de autostrade (wat doe je?)
o Op basis van je geheugen weet je dat dat gevaarlijk is
o Programmeren, berekenen → wegwezen
o Enorm veel netwerken (cellen) activeren om zsm weg te geraken uit die
omgeving
• Cel = zenuwcel = neuron
• Cel = zowel structureel als functioneel start van het leven
• Bouw = structuur = morfologie
• Cellulaire neuroanatomie = studie van de bouw van 1 cel in het zenuwstelsel
• Cellulaire neurofysiologie = de werking/ functie van 1 cel in het zenuwstelsel
1.4. HET CONCEPTUEEL BIOPSYCHOSOCIAAL KADER VAN HERSENEN EN GEDRAG
NEURALE CIRCUITS, ZENUWSTELSEL, HERSENEN
• 100- 150 miljard hersencellen
• Meerdere zenuwstelsels vormen neurale circuits (denk aan een kerstboom met
een serie van lampjes)
• Groepen neurale circuits zijn verantw voor bepaalde functies zoals ademhaling,
bewegingen
• Alle neurale netwerken samen vormen de hersenen
• Elektronenmicroscoop = naar neuron kijken
• Brein slaapt NOOIT
VISCERALE FUNCTIES + GEDRAGSFUNCTIES
• Groot deel energiegebruik gaat naar hersenen
o Bv: te lage bloeddruk etc heeft snel invloed op de hersenen
• Viscerale/ autonome functie = dingen waar we zelf geen controle over hebben
o Ademhaling, bloeddruk, hartslag
• Gedragsfunctie = analyseren van zichtbaar gedrag
o begrijpen wat je ziet, bewegingen, het feit dat je emoties hebt etc
o eNdo en eXo gene functies
• Stress → viscerale functies beïnvloeden
o Wat lokt de stress uit? Hoe constant is de stress? Wat is de invloed van
tijd?!
4
Studietips op canvas bekijken + ‘wat te kennen’
Neurodiversiteit = hersenen werken op verschillende manieren (daarom niet per se foute
manieren), het komt dus niet door een dysfunctie, maar gewoon omdat ze een ‘ander’ brein
hebben
Dit zorgt enkel voor problemen omdat de samenleving hier niet op voorbereid is! Is geen
probleem op zich!
Hersenen verouderen mee met de mens → is geen dementie! (dementie = ziekte)
Hoofdfunctie hersenen = informatieverwerking!
• Zenuwen in heel het lichaam worden vanuit de hersenen bestuurt
• Hersenen ook constant bezig met de zintuigen (die zijn er door de evolutie om het
brein informatie te geven)
MAAR informatieverwerking is gelimiteerd! Denken vaak dat we veel tegelijk kunnen
maar is slechts een illusie
In de berg van de Toblerone staat een beer, heel veel mensen zullen
dit nooit in hun leven gezien hebben = goed voorbeeld van dat ons
brein ons waarmaakt alles te zien terwijl dit niet zo is
De mensen die de beer nog nooit hebben gezien, maar nu wel gaan vanaf NU altijd de
beer zien in de berg. Want : brein heeft iets geleerd en dit kunnen we nu niet meer
negeren
Mensen met hersenletsel die constant dingen zien die ze eigenlijk niet herkennen →
hoger angstniveau
Verwerkingscapaciteit is niet gelimiteerd!
Man wordt doodgeschoten, de vraag is wie schiet wie dood, we kunnen dit niet goed
zien, wanneer we het filmpje in close up zien en trager zien we het wel, wanneer we
daarna terug het gewone filmpje zien lijkt het alsof we het altijd wel al goed gezien
hebben en snappen we niet g-hoe we het niet konden zien
Ook het experiment met de kleuren en de kaarten, de kleuren in de video veranderen
voortdurend, wij denken dat het over de kaarten gaat dus zijn op niets anders gefocust,
wanneer we daarna de video zien snappen we weer niet hoe het kon dat dit ons de
eerste keer niet was opgevallen
1
, Vanaf dat we de volledige tekening van
de koe hebben gezien is deze info veel
duidelijker voor de hersenen en kunnen
we dit beter onthouden
Maar de hersenen kunnen ons ook op een verkeerd spoor zetten! → we maken
verkeerde berekeningen waardoor we dingen zien die er niet zijn = illusies
Hoofdstuk 1: conceptueel kader
‘niets is ooit, maar alles wordt’ ~ Plato
1.1. evolutie heeft geleid tot een toenemende complexiteit van neurale structuren en
hersenen
Orgaansystemen + zenuwstelsel maken deel uit van ingewikkelde ecosystemen
Systeembiologie: heel het ecosysteem in de natuur is in lagen geordend als hiërarchisch
continuüm waarbij complexe grote eenheden zijn samengevoegd uit minder complexe
eenheden
Opklimmende lagen: Kwantumdeeltjes • Subatomaire deeltjes • Atomen • Moleculen •
Macromoleculen • Organellen • Cellen • Weefsels • Organen en Orgaansystemen •
Zenuwstelsel • Organismen en persoon • Populaties • Leefgemeenschappen •
Cultuursubcultuur • Maatschappij-staat • Ecosystemen • Biosfeer
Hersenen = orgaansysteem dat deel uitmaakt van groter geheel
Gedrag (vd mens) kan enkel begrepen worden als we kijken naar de evolutie van de
delen van de gehelen (uit wat bestaat dat? Uit wat bestaat dat? Uit wat bestaat dat?)
Evolutie heeft geleid tot een toenemende complexiteit van neurale structuren en
hersenen
2
, De resultanten van de endogene en
exogene processen, tijd speelt ook
een rol!
= hersengedragschema
We bespreken van beneden naar
boven
NEURON
• Biologisch orgaan (hersenen, ruggengraad)
• Verschillende processen binnenin (metabolische werking) = endogene
processen
• Hersenen worden bij iedereen ongeveer hetzelfde gevormd MAAR we bevinden
ons ook allemaal in een andere omgeving
• Lever, longen, hart etc hebben omgeving niet nodig om te kunnen functioneren,
hersenen wel want zijn open orgaan!
• Hersenen kunnen pas optimaal werken als de omgeving optimaal is (niet
afzonderlijk te bestuderen)
• Omgeving = EXOGENE processen
• Binnenin = ENDOGENE processen
3
, Voorbeeldje om aan te tonen hoe je omgeving invloed heeft op je hersenen: Je wordt
plots wakker en staat op de autostrade (wat doe je?)
o Op basis van je geheugen weet je dat dat gevaarlijk is
o Programmeren, berekenen → wegwezen
o Enorm veel netwerken (cellen) activeren om zsm weg te geraken uit die
omgeving
• Cel = zenuwcel = neuron
• Cel = zowel structureel als functioneel start van het leven
• Bouw = structuur = morfologie
• Cellulaire neuroanatomie = studie van de bouw van 1 cel in het zenuwstelsel
• Cellulaire neurofysiologie = de werking/ functie van 1 cel in het zenuwstelsel
1.4. HET CONCEPTUEEL BIOPSYCHOSOCIAAL KADER VAN HERSENEN EN GEDRAG
NEURALE CIRCUITS, ZENUWSTELSEL, HERSENEN
• 100- 150 miljard hersencellen
• Meerdere zenuwstelsels vormen neurale circuits (denk aan een kerstboom met
een serie van lampjes)
• Groepen neurale circuits zijn verantw voor bepaalde functies zoals ademhaling,
bewegingen
• Alle neurale netwerken samen vormen de hersenen
• Elektronenmicroscoop = naar neuron kijken
• Brein slaapt NOOIT
VISCERALE FUNCTIES + GEDRAGSFUNCTIES
• Groot deel energiegebruik gaat naar hersenen
o Bv: te lage bloeddruk etc heeft snel invloed op de hersenen
• Viscerale/ autonome functie = dingen waar we zelf geen controle over hebben
o Ademhaling, bloeddruk, hartslag
• Gedragsfunctie = analyseren van zichtbaar gedrag
o begrijpen wat je ziet, bewegingen, het feit dat je emoties hebt etc
o eNdo en eXo gene functies
• Stress → viscerale functies beïnvloeden
o Wat lokt de stress uit? Hoe constant is de stress? Wat is de invloed van
tijd?!
4