Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Strafrecht en strafprocesrecht - Alle OG’s

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
210
Geüpload op
13-01-2026
Geschreven in
2025/2026

Dit vak staat bekend als een buisvak, maar met deze notities ben ik geslaagd in eerste zit. Deze zijn volledig, overzichtelijk en in detail uitgewerkt, gebaseerd op de uitleg van de tutor tijdens de onderwijsgroepen. Ik heb ook het handboek gebruikt, met duidelijke randnummers bij de antwoorden. Ideaal om efficiënt en gericht te studeren.

Meer zien Lees minder

Voorbeeld van de inhoud

STRAFRECHT - OG 1:

MISDRIJFBEGRIP ALGEMEEN, INDELINGEN VAN DE
MISDRIJVEN, EERSTE ALGEMENE VOORWAARDE VOOR
STRAFBAARHEID: DELICTSTYPICITEIT



OEFENING 1

1.1 Welke van de volgende vier stellingen is JUIST. Argumenteer en geef de relevante wetsartikelen.

A. Onopzettelijke wanbedrijven bestaan slechts wanneer de wetgever uitdrukkelijk de onachtzaamheid als
schuldbestanddeel voorschrijft.

FOUT: nr. 177: voor misdrijven in de bijzondere wetten, die hoofdzakelijk strafbepalingen bevatten waarvoor de
wet dan stilzwijgt is algemeen opzet vereist. Voor bijzondere strafwetten die niet hoofdzakelijk strafbepalingen
bevatten is dan onachtzaamheid vereist.

Bijzondere wet die hoofdzakelijk strafbepaling bevat  de drugswet  opzet vereist
Bijzondere strafwet die niet hoofdzakelijk strafbepaling bevat  de milieuwetgeving  dat is administratieve wet,
maar op het einde bevat die een aantal artikelen over strafbepalingen, dat is bijkomstig  onachtzaamheid
volstaat



Art 7 NWs gaat over het moreel bestanddeel van het misdrijf, het schuldelement, is een moeilijk artikel




B. Diefstal is een aflopend misdrijf, maar kan samen met slagen en verwondingen deel uitmaken van een
voortgezet misdrijf als de rechter van oordeel is dat er eenheid van opzet is tussen de twee misdrijven.

FOUT: Diefstal (art. 463 NSw) en slagen en verwondingen (art. 193 NSw) kunnen niet samen een voortgezet
misdrijf vormen, omdat ze gedragingen van verschillende aard zijn. In plaats daarvan kan er sprake zijn van een
collectief misdrijf.

 Een aflopend misdrijf = ogenblikkelijk misdrijf (nr. 146) is een daad die op een bepaald moment voltooid is
 een doen of laten op een bepaald ogenblik  het is misdrijf is voltooid zodra de strafbaar gestelde
handeling of onthouding heeft plaatsgevonden, ook al heeft het misdrijf blijvende gevolgen.

 Diefstal is een aflopend misdrijf, omdat het materiële bestanddeel (het bedrieglijk wegnemen van een
goed) voltooid is zodra het goed is weggenomen. Het bezit houden van het gestolen goed is geen
onderdeel van de delictsomschrijving van diefstal.

 De meeste misdrijven behoren tot de aflopende misdrijven  daar tegenover staan de voortdurende
misdrijven (nr. 147)  is een misdrijf waarbij de dader bewust een strafbare toestand in stand houdt. Het
misdrijf loopt verder in de tijd en eindigt pas wanneer aan die toestand een einde wordt gemaakt.

Bv: Wederrechtelijke opsluiting van een persoon (art. 219 NSw.)  je houdt iemand vast → dit blijft
voortduren zolang je hem vasthoudt. Nog een ander vb: Deel uitmaken van een vereniging van
misdadigers (art. 404 NSw.): je blijft lid zijn → toestand duurt voort.

, Voortgezet misdrijf (nr. 150):
 Een voortgezet misdrijf bestaat uit meerdere gedragingen van dezelfde aard (bv. herhaalde diefstallen)
die afzonderlijk strafbaar zijn, maar door de eenheid van opzet worden gezien als één groot misdrijf.

Collectief misdrijf:
 Een collectief misdrijf bestaat uit meerdere gedragingen van verschillende aard (zoals diefstal en slagen
en verwondingen), die elk op zich strafbaar zijn, maar die door hun verband en eenheid van opzet worden
beschouwd als onderdeel van één misdadig project.

Strafrechters kunnen eenheid van opzet aannemen tss verschillende misdrijven wanneer er een band
bestaat tussen de misdrijven, wanneer ze allemaal deel uit maken van eenzelfde crimineel project

 In dit geval zijn diefstal en slagen en verwondingen van verschillende aard, waardoor er sprake is van een
collectief misdrijf.




C. Een misdrijf met een gemengde schuldvorm is zowel strafbaar als het opzettelijk wordt gepleegd, als
wanneer het uit onachtzaamheid wordt gepleegd.

FOUT: nr. 176: Een misdrijf met een gemengde schuldvorm is niet strafbaar op basis van alleen opzet of alleen
onachtzaamheid. Ze vereisen voor verschillende bestanddelen van hetzelfde misdrijf een verschillende
schuldvorm  deels opzet, deels onachtzaamheid

– Opzet (dolus) nr. 158: is volgens art. 7 NSw het voornemen om met kennis van zaken het door de wet
strafbaar gestelde gedrag te stellen. Het impliceert een kennis- én een wilselement: de dader handelt
wetens en willens.

– Onachtzaamheid (culpa) nr. 166: bestaat uit een gebrek aan voorzichtigheid of voorzorg, waarbij men
ongewild een strafrechtelijk beschermd rechtsgoed of rechtsbelang schendt, hoewel men dit had kunnen en
moeten vermijden  De rechter vergelijkt het gedrag met dat van een normale, voorzichtige en
vooruitziende persoon in dezelfde omstandigheden (nr. 170: “verstandige dubbelganger”)


Voorbeelden van de tutor:

Elk misdrijf bestaat uit verschillende delictsbestanddelen.
We onderscheiden daarbij:
 Objectieve (materiële) bestanddelen → wat er feitelijk gebeurt
 Subjectieve (morele) bestanddelen → de schuldvorm (opzet of onachtzaamheid)

Vb 1: Verkrachting art 138 NSw (algemeen misdrijf)

Objectief bestanddeel:
 Er moet penetratie zijn
 De penetratie moet gebeuren bij iemand anders
 Dit moet zonder toestemming zijn

Moreel bestanddeel (schuldvorm):
 Opzet is vereist → de dader moet bewust en intentioneel handelen.

, Vb 2: Verkrachting van een minderjarige → voorbeeld van gemengde schuldvorm

Bij verkrachting van een minderjarige vertrekken we van dezelfde structuur als bij gewone verkrachting, maar er
komt één extra bestanddeel bij.

Objectieve bestanddelen: dezelfde drie als bij gewone verkrachting:
1. Penetratie
2. Bij iemand anders
3. Zonder toestemming
4. Extra materieel bestanddeel: Het slachtoffer is minderjarig

Morele bestanddelen:
 Voor de daad van verkrachting zelf blijft opzet vereist
→ de dader moet bewust penetreren en bewust tegen de wil in handelen.
 Maar voor het extra bestanddeel minderjarigheid is geen opzet vereist.
→ Hier volstaat onachtzaamheid.

Dat betekent:
 De dader moet niet noodzakelijk weten dat het slachtoffer minderjarig is.
 Het volstaat dat hij onvoorzichtig was, niet heeft nagegaan of had moeten weten dat de persoon
minderjarig was.




D. Ook personen die de vereiste hoedanigheid niet bezitten kunnen gestraft worden voor het plegen van
een hoedanigheidsmisdrijf.

JUIST: nr. 145: Een hoedanigheidsmisdrijf (= kwaliteitsmisdrijven) is een misdrijf dat enkel gepleegd kan worden
door personen die een bepaalde hoedanigheid bezitten (bv ambtenaar, bedienaar van een eredienst, bestuurder
van vennootschap). Deelnemers hoeven de hoedanigheid niet te bezitten om strafbaar te zijn  je kan dus
deelnemen aan zo’n misdrijf zonder dat je die hoedanigheid bezet en toch kan je daarvoor ook strafbaar gesteld
worden

Sommige misdrijven kan je in principe alleen maar plegen als je als dader hoedanigheid hebt  bv art 631 of 640
NSw, je moet daar een bepaalde functie voor hebben

, 1.2 Welke van de volgende vier stellingen is JUIST. Argumenteer en geef de relevante wetsartikelen.

A. Er is sprake van eventueel opzet indien de dader de strafbare gedraging met bijhorende gevolgen wil
plegen, maar de concrete gevolgen niet precies kent.

FOUT: nr. 163: eventueel (indirect/mogelijk) opzet = wanneer de dader de handeling wil, maar niet rechtstreeks
het strafbare gevolg wil, en toch doorzet, hoewel hij voorziet dat een onwenselijk gevolg kan intreden en dit
gevolg er desnoods bijneemt. De dader kiest er liever door te doen dan te stoppen (art 7, §2 NSw.). Hij kent de
gevolgen dus wel.

Zelfs al wil de dader sommige gevolgen liever niet, toch is dat geen onachtzaamheid  dader krijgt dezelfde
behandeling wanneer hij het gevolg wel zou hebben gewild.

Er zijn twee vormen van schuld: opzet en onachtzaamheid

OPZET

Graad van opzet:


 Algemeen opzet (nr. 158) = Opzet is volgens artikel 7 NSw het voornemen om met kennis van zaken het
door de wet strafbaar gestelde gedrag aan te nemen. Opzet impliceert zowel een kennis- als een
wilselement. Het is wetens en willens de gedraging stellen (handeling of nalaten) waar de wet een straf
voor voorziet (vb van misdrijf met algemeen opzet: opzettelijk slagen en verwondering, ik heb bewust
iemand geslagen, dan voldoen je aan algemeen opzet)
 Bijzonder opzet (vb: misdrijf diefstal, je neemt bewust iemand zijn gsm weg, je wilt het doen en weet
dat je het doet, toch moet er toch nog een extra voorwaarde zijn, het wegnemen moet bedrieglijk zijn)

Modaliteit van opzet:

 Direct opzet (bepaalde handeling wetens en willens stelt, je weet dat je die persoon slaagt dat het
strafbaar is en je wilt ook die persoon slagen)
 indirect/eventueel opzet (vereist dat je iets wetens en willens moet doen, die voorwaarde van willen is
hier verzwakt bij indirect opzet, je weet dat als je een bepaalde handeling gaat stellen dat er mogelijks
een bepaald gevolg is dat schadelijk is waardoor er een misdrijf gaat zijn, maar je wilt dat gevolg niet,
toch zegt het strafrecht dat er opzet kan zijn als je het gevolg aanvaardt, je er willens is dat als je het
aanvaardt, je aanvaardt de gevolgen, het kan eventueel gebeuren en als het gebeurd dan is het maar zo)




B. Voor onopzettelijke misdrijven is een zware fout vereist en wordt deze bovendien vermoed.

FOUT: Nr. 172: Voor sommige onopzettelijke misdrijven is een lichte fout voldoende, enkel wanneer de wetgever
expliciet bepaald dat er een zware fout moet worden gepleegd (vb art 106 NSw  doden door een ernstig gebrek
aan voorzorg of voorzichtigheid; art 193 NSw opzettelijke slagen en verwoningen, wat juist een zware fout is is
een filosofisch debat)

Op basis van artikel 7, eerste lid NSw kan men ervan uitgaan dat de lichtste fout volstaat als de wetgever niets
anders heeft voorzien. Sterker nog: die fout wordt vermoed en kan alleen worden weerlegd door een
aannemelijke schuldontheffingsgrond in de zin van artikel 21 NSw., d.w.z. onweerstaanbare dwang (overmacht) of
onoverkomelijke dwaling.

Documentinformatie

Geüpload op
13 januari 2026
Aantal pagina's
210
Geschreven in
2025/2026
Type
SAMENVATTING
€9,46
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF


Ook beschikbaar in voordeelbundel

Thumbnail
Voordeelbundel
Strafrecht en Strafprocesrecht – Cursus + OG-notities
-
2 2026
€ 15,89 Meer info

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
renincahelsen Universiteit Hasselt
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
22
Lid sinds
2 jaar
Aantal volgers
1
Documenten
7
Laatst verkocht
3 weken geleden

4,6

5 beoordelingen

5
4
4
0
3
1
2
0
1
0

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen