Hfdst 1 Voorgeschiedenis:
1830- • 18de eeuw - 1794: België is deel van Oostenrijk → Frankrijk valt Oostenrijk binnen,
1848 definitieve Franse annexatie in 1795
• 1794 – 1815: België is deel van Frankrijk
o 1815: nederlaag Napoleon door slag bij Waterloo
o Congres van Wenen → Europa, politiek en staatkundig stabiel maken
(voorkomen dat 1 land alle macht weer zou willen grijpen)
o ° Verenigd koninkrijk der Nederlanden als bufferstaat tegen Frankrijk →
België = Zuidelijke Nederlanden WANT Oostenrijk wou België niet meer
o De leeuw van Waterloo = gebouwd ter herinnering aan kwetsuur van Prins
van Oranje → patriottisch symbool voor Zuid en Noord, gebruikt door
Willem 1 om VKN te legitimeren
Effectieve periode 1830-1848:
• Voorlopig Bewind verklaart eigenhandig de onafhankelijkheid van België in 1830
• Conferentie van Londen 1830-1832: België wordt erkend als onafhankelijke staat
door grootmachten met voorwaarde van eeuwige neutraliteit (= voor- én nadelen)
➔ Voordelen: belofte is eeuwige neutraliteit in ruil voor bescherming
grootmachten (Als iemand België binnenvalt zullen grootmachten helpen) +
neutrale landen kunnen handeldrijven met iedereen, ongeacht onderlinge
conflicten
➔ Nadelen: verplichtingen v/d neutraliteit zijn ten alle tijden geldig, België kan hier
zelf geen einde aan maken + garantie v/d grootmachten kan niet echt worden
afgedwongen (zie hfdst 4: Duitsland valt België binnen hoewel belofte eigenlijk
nog gold) + België dient geloofwaardig neutraal te zijn (versterkingen bouwen,
aanzienlijk leger onderhouden)
o Nederland = boos → Tiendaagse Veldtocht (Belgisch leger was te zwak,
Frankrijk is tussengekomen en Nederland verjaagt) + Beschieting v/d citadel
van Antwerpen
• De keuze van koning en het feit dat er zelfs een koning is = gevolgen van
internationale druk → monarchie is voorkeursstaatsvorm van 5 grootmachten
(willen revoluties neerslaan)
o Hertog van Nemours = Fransman: zou België in een te Franse richting duwen
o Leopold 1 van Saksen-Coburg = compromisfiguur → uitgebreid Europees
netwerk wat hem steun gaf van grote mogendheden
• Conferentie van Zonhoven 1833 = tijdelijke overeenkomst tss België en Nederland
→ gunstig voor België: zolang Willem 1 verdrag van XXIV-artikelen niet tekent
worden vijandigheden niet hervat + Scheldetol wordt opgeheven
• Verdrag van Londen 1839: Willem wil nu toch tekenen = definitieve verdrag van
XXIV-artikelen
o Nederland erkent onafhankelijkheid van België MAAR België is niet tevreden
→ Be wil geen stuk van Limburg en Luxemburg afgeven + Scheldetol weer
ingevoerd (definitief afgeschaft in 1863)
1
, o Be staat onder financiële druk (moet familie Rotschild terugbetalen) + heeft
zwakke militaire positie EN grootmachten willen geen toegevingen doen dus
moet België dit verdrag wel aanvaarden
o Detail: door Verdrag van Londen, waarin Willem 1 België erkent als
onafhankelijke staat, houdt orangisme op met bestaan
• De Franse Februarirevolutie van 1848 (afschaffing monarchie, AES, afschaffing
slavernij in kolonies) zorgt ervoor dat kiescijns in België daalt (men is bang dat er
hier anders ook revoluties zouden plaatsgrijpen)
Hfdst 2 Voorgeschiedenis:
1848- • In 1847 heeft de liberale partij verkiezingen gewonnen → homogeen liberale partij
1884 voor de komende jaren
Effectieve periode 1848-1884:
• Liberaal beleid in de praktijk → wetgeving is op vraag v/d wetgevers, ongeacht partij
(soort van interventie v/d staat)
o Afschaffing wegentol 1867: goedkoper transport voor producten
o Afschaffing Scheldetol 1863 (door Lambermont):
o Geen controle meer van overheid om naamloze vennootschappen: meer
vrijheid voor investeerders
o Beurs = volledig vrij: vrije markt werkt best als overheid zich er niet mee
bemoeit
Laissez-faire politiek: liberale regering laat economie grotendeels vrij functioneren
o Beleid verleent hulp aan Société Générale + richt Nationale bank op in 1850
(= voor financiële stabiliteit), voert gemeentekrediet in in 1860 (= goedkope
leningen aan gemeenten voor infrastructuurprojecten), richt ALSK op in
1865 (= Algemene Spaar-en Lijfrentekas → spaarbank voor grote publiek)
• Exportproblemen: België produceert veel producten en zoeken naar grotere
markten om deze te kunnen verkopen MAAR GB en Fr hadden geen behoefte aan
Belgische producten → koppelen onze export aan politieke concessies
• Handelsverdragen met Nl, Fr, GB, Dl → België is altijd vragende partij + als er
maatregelen werden opgesteld die tegen verplichte neutraliteit ingingen, moest
België weigeren
• Leopold 1 was VOOR verdediging v/d Belgische neutraliteit MAAR dat wordt
moeilijker met internationale conflicten (Pruisen vs. Oostenrijk, Frankrijk vs.
Pruisen) → België moet neutraliteit geloofwaardig maken door meer uit te geven
aan defensie
o Leopold 2 † in 1865 → Leopold 2 gelooft ook dat neutraliteit geloofwaardig
moet zijn en dat we moeten laten zien dat België tanden heeft door leger te
versterken
▪ Antwerpen moet worden versterkt → er wordt in geïnvesteerd en in
gebouwd MAAR Antwerpen vindt het niet leuk dat Brussel beslist
over defensie en dat Antw. Dat op haar dak krijgt
❖ Meetingpartij ontstaat (zie instellingen)
2