Rédigé par des étudiants ayant réussi Disponible immédiatement après paiement Lire en ligne ou en PDF Mauvais document ? Échangez-le gratuitement 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Aperçu 4 sur 97 pages
Resume

Samenvatting Akoestiek

Document preview thumbnail
Aperçu 4 sur 97 pages

Deze samenvatting biedt een helder en gestructureerd overzicht van het vak Akoestiek binnen de opleiding Logopedie en Audiologie aan Thomas More. De leerstof behandelt de fysische principes van geluid, waaronder geluidsgolven, frequentie, amplitude, intensiteit, geluidssnelheid en resonantie. Ook komen begrippen zoals demping, harmonischen, klankkleur, decibel, geluidsspectrum en signaalverwerking uitgebreid aan bod. De theorie wordt op een duidelijke manier uitgelegd, ideaal voor studenten die zich efficiënt willen voorbereiden op het examen of het vak beter willen begrijpen.

Aperçu du contenu

DEEL 1: BASIS
1. BASISBEGRIPPEN

1.1. SYMBOLEN




1

,1.2. NEWTON

Newton formuleerde 3 principes/beginselen die verklaren hoe de beweging van
objecten verandert onder invloed van krachten.

1.2.1. TRAAGHEIDSBEGINSEL (1 E WET VAN NEWTON)

Ieder voorwerp waarop geen resulterende kracht inwerkt blijft in rust
of voert een beweging met constante snelheid uit in dezelfde richting
en zin”

 Bijvoorbeeld 1:
Stel je voor dat je in een auto rijdt en plotseling frontaal botst tegen een
muur. De auto stopt door de botsing, maar als je geen gordel draagt, zal je
lichaam door de traagheid blijven bewegen in de richting waarin de auto
reed. Dit komt doordat er geen kracht (zoals de gordel) op je lichaam
inwerkt om je te stoppen. Je lichaam wil dus in beweging blijven  1e wet
van Newton
 Bijvoorbeeld 2:
Lambik beweegt met de theepot mee in een rechte lijn. Wanneer de
theepot een bocht maakt, blijft Lambik door
zijn traagheid in de oorspronkelijke richting
bewegen omdat er geen kracht op hem
wordt uitgeoefend om hem te laten
meebewegen met de bocht. Zonder een
kracht (bijvoorbeeld door wrijving of een duwtje), blijft hij in dezelfde
rechte lijn bewegen  1e wet van Newton

1.2.2. CAUSALITEITSBEGINSEL (2 E WET VAN NEWTON)

Wanneer een kracht F inwerkt op een voorwerp met massa
m, dan zal dit voorwerp een versnelling a krijgen, zodat het
product van de massa met deze versnelling gelijk is aan de
kracht

 Resulterende kracht (F) op een voorwerp geeft het voorwerp een
versnelling (a)
 Vermits de massa (m) een strikt positieve grootheid is, hebben de kracht
en versnelling dezelfde richting en zin! Bovendien geeft dit beginsel het
verband tussen de afgeleide eenheid Newton en de basiseenheden:
o 1N = 1kg . m/s2
o Gevolg: zware voorwerpen zijn moeilijker van bewegingstoestand te
veranderen dan lichte voorwerpen
 Bijvoorbeeld: een bordveger duwen is makkelijker dan een
boek
 Als er meer dan één kracht op het voorwerp inwerkt,
berekenen we eerst de resulterende kracht



2

,1.2.3. BEGINSEL VAN ACTIE EN REACTIE (3 E WET VAN NEWTON)

Indien een voorwerp A een kracht uitoefent op voorwerp B, dan zal
voorwerp B tegelijkertijd een even grote maar tegengestelde kracht
uitoefenen op voorwerp A

 Opm: Reactiekracht van een kracht F duiden we aan met een accent,
dus F’




 Beginsel van actie en reactie
o Opstelling in rust (er is geen beweging):
 Wanneer een voorwerp1 een kracht uitoefent op
voorwerp2  zal voorwerp2 eenzelfde kracht uitvoeren
op voorwerp1 met tegengestelde zin
 Bijvoorbeeld: bordveger gaat door de zwaartekracht
een kracht uitoefenen op de tafel en de tafel op de
bordveger
 Actiekracht: De bordveger oefent een kracht uit
op de tafel
 Reactiekracht: De tafel oefent een gelijke maar
tegengestelde kracht uit op de bordveger




3

, 1.3. DRUK

 Druk is de kracht per eenheidsoppervlak en wordt gemeten in Pascal (Pa).
 Geluid verspreidt zich door luchtdeeltjes die heen en weer bewegen.
 Geluid is een mechanische golf die ontstaat door variaties in luchtdruk,
veroorzaakt door de trillingen van luchtdeeltjes.
o Deze trillingen creëren drukvariaties die we als geluid waarnemen,
waarbij de krachten die luchtdeeltjes op elkaar uitoefenen door hun
bewegingen de resulterende drukvariaties veroorzaken.

1.3.1. DEFINITIE

 De druk uitgeoefend op een voorwerp = de verhouding
van de loodrechte kracht op het voorwerp tot de
oppervlakte van het contactoppervlak
 SI-eenheid van druk is Pascal (Pa) en staat gelijk aan één
Newton (N) per vierkante meter (m 2)  SI-eenheid: 1 Pascale (Pa) =
1N/ m 2= 1kg/m.s2
 N = eenheid van kracht
 m2 = eenheid van oppervlakte
 1bar = 1atm = 1,013 hPa

(Lezen)  Als je met een vlakke zool over zand loopt, blijft er maar een kleine
afdruk achter omdat de druk op een groter oppervlak is verdeeld. Met
naaldhakken, die een veel kleiner contactoppervlak hebben, is de druk veel
groter, waardoor de hak dieper in het zand zakt. Dit principe geldt ook voor
andere situaties: een scherp mes snijdt gemakkelijker omdat het een kleiner
oppervlak heeft, en sneeuwschoenen voorkomen dat je diep in de sneeuw zakt
omdat ze de druk over een groter oppervlak verdelen

 Klein oppervlak = druk hoger
 Groot oppervlak = druk verdeeld

1.3.2. DRUK IN EEN GAS

 Rond ons is er lucht
o Lucht  moleculen  een temperatuur met een zekere gemiddelde
snelheid gaan bewegen in de ruimte
o Moleculen botsen tegen de wand 
richtingverandering
 Gasdeeltje oefent kracht op de wand uit: F
 Wand oefent een tegengestelde kracht op
het gasdeeltje uit: F

4

Table des matières

  1. 01 1. basisbegrippen 1
    1. 1.1. symbolen 1
    2. 1.2. Newton 2
    3. 1.3. druk 4
    4. 1.4. stroming van fluïda 7
  2. 02 2. trillingen 12
    1. 2.1. definities (dia 2) 12
    2. 2.2. harmonische trilling 12
    3. 2.3. bewegingsvergelijking -filmpjes kijken 13
    4. 2.4. energie van de harmonische trilling 14
    5. 2.5. soorten trillingen 15
    6. 2.6. samenstelling van trillingen 17
  3. 03 3. golven 19
    1. 3.1. voortplanting van een verstoring 20
    2. 3.2. kenmerkende grootheden 20
    3. 3.3. soorten golven 21
    4. 3.4. bewegingsvergelijking 22
    5. 3.5. FONEMEN 23
  4. 04 4. impedantie 33
    1. 4.1. energieresonantie 33
    2. 4.2. mechanische impedantie 34
    3. 4.3. akoestische impedantie 34
    4. 4.4. specifieke akoestische impedantie 35
    5. 4.5. impedantie overgang 36
  5. 05 1. kenmerken 37
    1. 1.1. signalen 37
    2. 1.2. het fenomeen 38
    3. 1.3. geluidsdruk 40
    4. 1.4. grootheden, bronnen 41
    5. 1.5. crestfactor en formfactor 41
    6. 1.6. geluidssnelheid 42
    7. 1.7. Geluidsintensiteit (energie) 43
  6. 06 2. geluidsbronnen en afstand 44
    1. 2.1. puntbron 44
    2. 2.2. lijnbron 44
  7. 07 3. waarneembare parameters bij geïsoleerde geluidsgolven 45
    1. 3.1. toonhoogte 45
    2. 3.2. luidheid 46
  8. 08 4. samengestelde geluidsgolven: klanken en ruis 49
    1. 4.1. toon versus klank 49
    2. 4.2. klank versus ruis 50
    3. 4.3. visualiseren 51
    4. 4.4. totale geluiddruk bij klanken - geluidsgolven samenstellen 52
    5. 4.5. geluidsruk bij ruis 53
    6. 4.6. meerdere tonen na elkaar 53
  9. 09 5. geluid bewerken 54
    1. 5.1. systemen 55
    2. 5.2. filters 56
    3. 5.3. een klank vormen via synthese 59
    4. 5.4. een klank analyseren in zijn componenten 62
  10. 10 1. het gehoor 66
    1. 1.1. aanpassingen aan de wetten van de fysica 66
    2. 1.2. maskeren 69
  11. 11 2. spraak 72
    1. 2.1. niveaus van de communicatie 72
    2. 2.2. aanpassing van de wetten van fysica 73
    3. 2.3. parameters (karakteristieken van spraakkanaal) 75
    4. 2.4. bron-filter model van het spraakkanaal (opname) 78
    5. 2.5. oscillogram - spectrum – spectorgam inzetten 78
  12. 12 3. akoestische ruimte 79
    1. 3.1. inroductie 79
    2. 3.2. absorptie van de akoestische ruimte 80
    3. 3.3. akoestische velden 80
    4. 3.4. galmstraal en galmtijd 81
    5. 3.5. akoestisch niveau in de ruimte 82
    6. 3.6. spraakverstaanbaarheid 83
  13. 13 1. basisbegrippen 85
    1. 1.1. signalen omzetten 85
    2. 1.2. elektrische signalen 85
    3. 1.3. elektro-magnetisme 86
  14. 14 2. toepassingen 88
    1. 2.1. telecoil 88
    2. 2.2. mircofoon 89
    3. 2.3. luidspreker 93
  15. 15 3. radiofrequenties 96
    1. 3.1. frequentiemodulatie (Fm) 96
    2. 3.2. differential binary phase-shift keying en Frequency-hopping (digitaal) 97

Infos sur le Document

Publié le
1 août 2025
Nombre de pages
97
Écrit en
2024/2025
Type
Resume
€8,99

Mauvais document ? Échangez-le gratuitement Dans les 14 jours suivant votre achat et avant le téléchargement, vous pouvez choisir un autre document. Vous pouvez simplement dépenser le montant à nouveau.
Rédigé par des étudiants ayant réussi
Disponible immédiatement après paiement
Lire en ligne ou en PDF

Seller avatar
Les scores de réputation sont basés sur le nombre de documents qu'un vendeur a vendus contre paiement ainsi que sur les avis qu'il a reçu pour ces documents. Il y a trois niveaux: Bronze, Argent et Or. Plus la réputation est bonne, plus vous pouvez faire confiance sur la qualité du travail des vendeurs.
helenededeyne8
3,8
(5)
Vendu
14
Abonnés
0
Éléments
39
Dernière vente
1 mois de cela



Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions