Rédigé par des étudiants ayant réussi Disponible immédiatement après paiement Lire en ligne ou en PDF Mauvais document ? Échangez-le gratuitement 4,6 TrustPilot
logo-home
Resume

Samenvatting Behavior Modification - Martin & Pear (11 editie)

Vendu
22
Pages
31
Publié le
05-06-2020
Écrit en
2019/2020

Samenvatting Behavior Modification - Garry Martin & Joseph Pear. 2019: 11 editie. Vak: Behandeling: interventies binnen de orthopedagogiek. H 1 t/m 22, 24, 25, 26 en 28. Ik heb een 9.4 gehaald met deze samenvatting.

Établissement
Cours

Aperçu du contenu

Samenvatting Behavior Modification – Martin & Pear
Hoofdstuk 1. Introductie
Gedrag: alles wat een persoon zegt of doet
- Covert gedrag: cognitief gedrag > verbeelden, zelf-praten;
- Overt gedrag: gedrag dat observeerbaar is > lopen, praten, gooien, schreeuwen etc.
3 dimensies van gedrag:
1. Duur: lengte van tijd;
2. Rate: hoeveel het voorkomt gedurende bepaalde periode;
3. Intensiteit: fysieke effort of energie betrokken bij gedrag.

Behavior modification: systematisch toepassen van leerprincipes en technieken om covert en over
gedrag te beoordelen en aan te passen om dagelijks functioneren te verbeteren
- Identificeren en beschrijven van doelgedrag
- Identificeren mogelijke oorzaken van gedrag;
- Selecteren van passende gedragsbehandeling;
- Evalueren van behandelingsuitkomst.

Eigenschappen:
- Bewezen effectief: bewijs van meerdere studies dat het werkt > veilig kunnen gebruiken;
- Effectief en gebruikt bij veel doelgroepen: handvatten voor houvast die werken voor mensen
met autisme, verstandelijke beperking, verslaving, ADHD en veel meer doelgroepen;
- Gebruikt in heel veel contexten: in hulpverlening, onderwijs en veel meer contexten;
- Theorie is sterk ontwikkeld: hoe het werkt, waarom het werkt, wat eventuele bijwerkingen
kunnen zijn, zijn vaak allemaal bekend;
- Makkelijk toe te passen: in vergelijking met psychoanalyse is dit makkelijk te leren en uit te
leggen aan mensen die geen pedagogen zijn.

Hoofdstuk 2. Toepassing
12 gebieden waarin behavior modification toegepast wordt:
1. Ouderprogramma’s: denk aan Triple P > opvoedadviezen voor ouders om bepaald gedrag of
ontwikkelingsproblemen te voorkomen om te behandelen.
2. Onderwijsprogramma’s: veranderen van gedrag die academisch leren verstoort
- Keller (PSI): gepersonaliseerd systeem van instructie inclusief mastery criteria (op een
bepaald niveau zijn voordat ze naar een hoger niveau kunnen) en gebruik van een werkwijze
waarop scores meteen kunnen worden toegekend;
- CAPSI: via computer feedback geven op studiemateriaal.
3. Ontwikkelingsbeperkingen:
- Intellectuele beperkingen: aanleren van gedrag zoals naar de wc gaan, aankleden,
persoonlijke hygiëne, communicatie en sociale vaardigheden;
- Autisme: Early Intensive Behavioral Intervention (EIBI): aanleren van strategieën voor sociaal-
en spelgedrag en ontwikkeling taalvaardigheden.
4. Schizofrenie: sociale vaardigheden ontwikkelen om positieve relaties aan te gaan en
cognitieve gedragstherapie om problemen veroorzaakt door hallucinaties te verlichten.
5. Psychologische problemen in klinische settingen: angst stoornissen, obsessieve-compulsieve
stoornis, stress-gerelateerde problemen, depressie, obesitas, seksuele disfuncties en
gewoonte stoornissen.
6. Zelfmanagement vaardigheden: gebrek aan beweging, extreem geld spenderen of gebrek
aan leren > vaardigheden aanleren om gedrag in de hand te houden;
7. Medische zorg:
- Directe behandeling van medische problemen: bio feedback > fysiologische processen
monitoren en deze informatie bieden aan het individu;
- Nakomen van behandeling: houden aan afspraken, altijd medicatie innemen etc.

1

, - Gezonde levensstijl promoten;
- Zorgen voor naasten: familie, vrienden, doctoren, therapeuten etc.
- Stress-management: omgaan met stress, effecten of gedrag en ontwikkeling van coping
strategieën.
8. Gerontologie: hoe ouderen om kunnen gaan met verlies van vaardigheden of omgaan met
veranderingen zoals naar een verzorgingstehuis;
9. Ongestructureerde gemeenschap: verminderen van rommel, bevorderen energiebesparing
en recyclen;
10. Werk, industrie en overheid: verbeteren van werknemers veiligheid, verminderen van
oplichten en verminderen van ziekteverzuim;
11. Gedragsport psychologie: verhogen van prestatie en tevredenheid van sporters;
12. Diverse populaties: aandacht voor cultuur, gender, etniciteit en seksuele oriëntatie

Hoofdstuk 3. Definiëren, meten en opnemen van doelgedrag
Fases van dataverzameling van programma voor gedragsverandering
1. Screening of intake:
- Algemene achtergrond informatie verzamelen;
- Informeren over de procedures;
- Screenen van crisis condities, zoals suïcide of kindermisbruik;
- Informatie verzamelen over diagnoses uit DSM-V;
- Beslissen welk gedrag er behandeld moet worden.
2. Doelgedrag definiëren: gedrag dat moet worden verminderd of vergroot;
3. Preprogram assessment:
- Baseline vaststellen: waar staat iemand aan het begin van de behandeling;
- Omgevingsinvloeden analyseren die mogelijk invloed hebben op variabelen
- evt. Pilot observatieprotocol.
4. Treatment: gedurende behandeling;
- Effectiviteit van behandeling en eventuele bijwerkingen ervan;
5. Follow-up:
- Blijven positieve veranderingen ook na behandeling behouden over bepaalde perioden.

Verzamelen van informatie
1. Indirect: het niet kunnen observeren of opnemen van doelgedrag in de actuele setting waarin
gedrag voorkomt;
- Interview met cliënt en betrokkenen;
- Vragenlijsten:
Life-history: demografische data zoals status, religie en achtergrondinformatie (sekse,
onderwijs, gezondheid);
Self-report: cliënt moet uit een lijst problemen uitkiezen die gelden voor hem of haar;
Survey;
Third-party behavioral checklist: anderen of professionals om subjectief de frequentie en
kwaliteit van cliënt zijn gedrag te beschrijven.
- Rollenspellen;
- Zelf-vragenlijsten: directe observatie door zichzelf en eigen gedrag.
2. Direct: observeren en opnemen van doelgedrag in de actuele setting waarin gedrag
voorkomt;
3. Experimental: H22.

Meten van gedrag:
1. Topografie: ruimtelijke vorm van een bepaalde respons > in de handen klappen, leren lopen
> gaandeweg reinforcers geven naarmate de bewegingen beter worden uitgevoerd;


2

, 2. Frequentie: aantal of hoeveelheid gedrag in een bepaalde periode > aantal gemaakte
sommen in 5 minuten;
3. Duratie: lengte van tijd wanneer gedrag voorkomt > tijd dat gestudeerd wordt;
4. Intensiteit: fysiek effect dat de respons heeft op de omgeving > volume van praten, kracht bij
het schoppen tegen de bal;
5. Stimulus control: mate van correlatie tussen stimulus en gedrag > hoe vaak komen de twee
samen voor;
6. Latency: tijd tussen verschijnen van stimulus en de respons uitgelokt van deze stimulus > tijd
van opstaan na de wekker.

Typen recording
Type Observatie interval Criteria
Continuous Gelijk aan de observatie Registreren van iedere keer
periode dat gedrag voorkomt
Partial interval Intervallen (kort en lang) in Iedere keer dat gedrag
een observatieperiode tenminste een keer voorkomt
in het interval
Whole interval Intervallen (kort en lang) in Gedrag komt gedurende het
een observatieperiode HELE interval voor
Time sampling Kleine interval in een langere Iedere keer dat gedrag
observatie periode (vaak tenminste een keer voorkomt
herhaaldelijk in het interval
Momentary time sampling Observatie interval op één Gedrag voorkomen op dat
moment in tijd moment in tijd

Error en bias
Error 3 categorieën:
1. Respons definitie: mogelijk vaag, subjectief of incompleet;
2. Observatie situatie: mogelijk moeilijkheden om gedrag te zien of afleidingen;
3. Observator: slecht getraind, ongemotiveerd of biased.

Bias 5 categorieën:
1. Reactiviteit: observatoren hebben de neiging om minder nauwkeurig te zijn als ze niet
bewust zijn van dat zijn in de gaten worden gehouden;
2. Observer drift: neiging om ‘weg te schuiven’ van een definitie zoals die in het begin is
vastgesteld > anders (beter) gaan scoren gedurende observaties, naarmate tijd vordert > niet
eigen interpretatie geven aan gedrag maar aanhouden wat je observeert;
3. Observer expectancy: neiging voor de observatie om langzame vooruitgang in doelgedrag te
zien als een functie van de verwachting van de observator dat het vooruitgang biedt;
4. Feedback: neiging van dat observaties worden beïnvloed door positieve of negatieve
feedback;
5. Complexity: neiging om minder nauwkeurig te scoren als de definitie van doelgedrag
meerdere delen heeft om als de observator meerdere gedragingen moet observeren tegelijk.

Interrater agreement: mate als twee onafhankelijke observatoren hetzelfde scoren
- Scores tussen 80 en 100% zijn acceptabel.

Voordelen:
- Je observeert gedrag van een individu en kijkt hoe dat gedrag verandert nadat interventies
worden geïntroduceerd;
- Veel controle over proces: je kan je proces snel en nauwkeurig aanpassen;

3

, - Goed bruikbaar voor zeer specifieke diagnoses (vb. autisme of schizofrenie): bij steekproeven
zijn niet alle doelgroepen representatief;
- Meer inzicht in individu;
- Geldt ook als bewijs en kan (onder bepaalde omstandigheden) zelfs gegeneraliseerd worden:
casus voor casus kijken wat werkt > na 100 casussen kan je er iets over zeggen:
“waarschijnlijk gaat het bij het volgende kind ook werken”.

Hoofdstuk 4. Gedragsverandering onderzoek
Baseline fase en behandel/interventie fase
ABAB-design: reversal-replication fase
- Baseline gevolgd door een interventie, gevolgd door
omkering terug naar baseline condities, gevolgd door een
herhaling van de interventie.

Veel zekerheid over effectiviteit:
- Het is meer ethisch verantwoord om met een interventiefase
te eindigen (evt. ouders of hulpverleners trainen): zij zullen dan zien dat het werkt;
- Nadeel: kosten/efficiëntie: duurt nog langer;
- Als de behandeling al begonnen is, wordt er een eigen baseline gemaakt;
- Baseline duurt zo lang totdat het patroon of prestatie stabiel is of totdat er een trend te zien
is in de tegenovergestelde richting waarvan verwacht werd als de onafhankelijke variabele
geïntroduceerd werd;
- Hoeveel omkering en herhalingen er nodig zijn: hangt af van de effecten van onafhankelijke
variabele.

Multiple baselines design
Op verschillenden tijdspunten aanbieden van interventies
Hierbij zijn meerdere proefpersonen, situaties of gedrag nodig:
1. Multiple-baseline-across-behaviors: vaststellen van baselines
voor twee of meer individuelen gedragingen (interventies
toepassen op rekenen, spelling en schrijven);
2. Multiple-baseline-across situations: vaststellen van baselines
voor twee of meer situaties (interventies toepassen op school,
thuis en kinderdagverblijf);
3. Multiple-baseline-across people: vaststellen van baselines
voor specifiek gedrag tussen twee of meer mensen (drie
meiden in de klas);

Effectiviteit vaststellen wanneer therapie onomkeerbare effecten teweegbrengt, maar:
- Meerdere proefpersonen/situaties/gedragsvormen nodig: aan de ene kant geeft het meer
zekerheid maar aan de andere kant moet dit ook mogelijk zijn;
- Nadeel: korte baseline bij 1 kind omdat die al vroeg de interventie krijgt;
- Lange baselines starten op andere dagen: hierdoor worden verschillende verklaringen
uitgesloten zoals spontane ontwikkeling;
- Ethiek: lange baselines > denk aan zelfbeschadiging, ga je deze baseline zo lang maken?
- Tijdrovend.

Changing citerion design
Succesvolle veranderingen in criteria voor bekrachtiging steeds veranderen om
het kind hierin mee te krijgen > bekrachtigen wordt zo effectiever

Effectiviteit:

4

Livre connecté

École, étude et sujet

Établissement
Cours
Cours

Infos sur le Document

Livre entier ?
Non
Quels chapitres sont résumés ?
H 1 t/m 22, 24, 25, 26 en 28
Publié le
5 juin 2020
Fichier mis à jour le
7 juin 2020
Nombre de pages
31
Écrit en
2019/2020
Type
RESUME

Sujets

€6,49
Accéder à l'intégralité du document:

Mauvais document ? Échangez-le gratuitement Dans les 14 jours suivant votre achat et avant le téléchargement, vous pouvez choisir un autre document. Vous pouvez simplement dépenser le montant à nouveau.
Rédigé par des étudiants ayant réussi
Disponible immédiatement après paiement
Lire en ligne ou en PDF

Reviews from verified buyers

Affichage de tous les avis
4 année de cela

3,0

1 revues

5
0
4
0
3
1
2
0
1
0
Avis fiables sur Stuvia

Tous les avis sont réalisés par de vrais utilisateurs de Stuvia après des achats vérifiés.

Faites connaissance avec le vendeur

Seller avatar
Les scores de réputation sont basés sur le nombre de documents qu'un vendeur a vendus contre paiement ainsi que sur les avis qu'il a reçu pour ces documents. Il y a trois niveaux: Bronze, Argent et Or. Plus la réputation est bonne, plus vous pouvez faire confiance sur la qualité du travail des vendeurs.
IlseGeers Universiteit Leiden
S'abonner Vous devez être connecté afin de suivre les étudiants ou les cours
Vendu
329
Membre depuis
9 année
Nombre de followers
261
Documents
12
Dernière vente
6 mois de cela
IlseGeers

Ik deel graag mijn samenvattingen met jullie. Deze leer ik zelf ook, en bestaan uit de inhoud van de boeken en (vaak) niet uit de stof van de colleges. Ik wil benadrukken dat iedereen op zijn eigen manier leert/samenvat. Voor mij betekent dit dat het mij vooral om een goede inhoud gaat, dus wellicht zal je typfouten en kromme zinnen tegen komen. Bedankt voor jullie vertrouwen in mij en succes met leren!

3,8

38 revues

5
6
4
22
3
8
2
0
1
2

Documents populaires

Récemment consulté par vous

Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions