Wat deze organismen echter gemeenschappelijk hebben, is de aanwezigheid van bladgroen dat een belangrijke
rol speelt bij fotosynthese. Door fotosynthese kunnen planten hun eigen voedsel aanmaken, wat hen uniek
maakt onder de levende organismen.
Planten worden ingedeeld in verschillende categorieën op basis van bouw en voortplanting. Een vrij
eenvoudige manier om dit te doen is de volgende:
1.2.1 DELEN VAN HET BLAD
Een blad bestaat uit een bladschijf en een bladsteel. Het blad zit met een bladsteel vast aan de tak of de
stengel. De hoek tussen bladsteel en tak is de bladoksel, waarin steeds een okselknop te vinden is. Bij een
zittend blad ontbreekt de bladsteel of is die heel kort. Aan weerszijden van de bladsteel kunnen twee blaadjes
ingeplant zijn, de steunblaadjes.
De bladschijf is samengesteld uit nerven met ertussen het bladmoes. Nerven zijn vaatbundels die in een blad
verder stromen en waardoor het sap stroomt. De dikke centrale nerf is de hoofdnerf, verder zijn de zijnerven
en de aders. De groene kleur van het bladmoes is te wijten aan bladgroenkorrels.
1.2.2 KENMERKEN VAN BLADEREN
1.2.2.1 AANTAL BLADSCHIJVEN
Een blad is enkelvoudig als het bestaat uit één enkele bladschijf. In de bladoksel staat steeds een okselknop.
Een blad is samengesteld als het bestaat uit verschillende bladschijven, die op een gemeenschappelijke
bladsteel ingeplant staan. Alleen in de oksel van die gemeenschappelijke bladsteel is een okselknop te vinden.
1.2.2.2 NERVATUUR
Nerven zijn vaatbundels die door het blad lopen. De meest voorkomende types zijn:
- Veernervig: de bladeren bezitten één hoofdnerf waaruit aan weerszijden talrijke zijnerven
ontspringen.
- Handnervig: de zijnerven ontspringen uit één punt aan de basis van de hoofdnerf.
- Rechtnervig: de hoofdnerf is recht, de zijnerven zijn ongeveer evenwijdig vb. grassen.
1
Van Malderen Lacina ( 1EBAKOC1)
, - Kromnervig: de hoofdnerf is recht, de zijnerven zijn krom vb. meiklokje
1.2.2.3 VORM VAN DE BLADSCHIJF
Het beschrijven van de bladvorm is niet zo eenvoudig aangezien er zeer uiteenlopende vormen zijn. Daarom
kan het bij het benoemen van de bladvorm handig zijn om volgende werkwijze te volgen.
Aan één blad kunnen twee verschillende soorten insnijdingen voorkomen.
1.2.2.5 DE BLADSTAND
De bladstand is de rangschikking van de bladeren ten opzichte van elkaar op de stengel:
- Verspreide bladstand: telkens één blad per knoop
- Tegenoverstaande bladstand: twee bladeren per knop.
- Kruisgewijs tegenoverstaande bladstand: twee bladeren per knoop, en elk paar bladeren staat
loodrecht op de richting van het voorgaande en het volgende blad paar.
- Kransgewijze bladstand: meer dan twee bladeren staan in een krans op eenzelfde knoop.
1.2.2.6 ANDERE KENMERKEN
Om een blad volledig te beschrijven wordt er ook nog aandacht besteed aan:
- Beharing bv hazelaar
- Klieren en klierhaartjes: op blad en/of bladsteel kunnen klieren voorkomen die vaak als lokmiddel
dienen voor insecten bv. Zoete kers
- Kleur en kleurverschil tussen boven- en onderzijde bv. Boswilg
- Vorm van bladsteel: rond, afgeplat, verbreed.
Als je met kleuters bladeren waarneemt, laat de kinderen dan ook eens ruiken. Als je het blad stuk wrijft kun je
het sap goed ruiken. Ook dit kenmerk zal sterk verschillen van soort tot soort.
Afvallen droge bladeren zijn leuk spelmateriaal: je kan er door lopen, erop schoppen, er mee gooien….
1.3 HERFSTVRUCHTEN
1.3.1 VAN BLOEM TOT VRUCHT
- Bestuiving: het stuifmeel moet op de stempel terecht komen
- Bevruchting: De mannelijke cel moet met de vrouwelijke eicel versmelten
- Zaadzetting: de embryo moet worden gevormd, met voedsel voorzien en beschermd
- Vruchtvorming: een effectief transportmiddel moet ontstaan
2
Van Malderen Lacina ( 1EBAKOC1)
,1.3.2 TYPES VAN VRUCHTEN
Een vrucht is het volledig en ontwikkeld en gerijpt vruchtbeginsel. Zijn er nog andere delen van de bloem
betrokken, dan is het een schijnvrucht.
Het zaad heeft zich uit de zaadknop ontwikkeld en bevat het embryoplantje, het reservevoedsel en de
zaadhuid. Het zaad zit in de vrucht.
Belangrijke vragen voor de indeling:
1. Is de vrucht sappig of droog?
2. Gaat de vrucht open of blijft ze gesloten?
3. Uit hoeveel vruchtbladen bestaat de vrucht?
4. Waar zitten de zaden ( in vruchtvlees of steenkern?)
Droge vruchten:
- doosachtige vruchten => kenmerken: echte vrucht/ gaat open/wordt droog.
- Nootachtige vruchten => kenmerken: een echte vrucht/ gaat niet open/ wordt droog:
splitvrucht/dopvrucht/noot
Vlezige vruchten:
- Bessen => kenmerken: echte vrucht/ gaat niet open/ wordt sappig ( appelsien, tomaat)
- Steenvruchten=> kenmerken: echte vrucht/ gaat niet open/ alleen buitenste wordt sappig/binnenste
harde kern
Merk op dat een okkernoot eigenlijk een vlezige vrucht is!
Schijnvruchten:
- Verzamelvrucht=> kenmerken: ontstaan uit één bloem met vele, niet vergroeide vruchtbladeren
Voorbeelden:
• Appel (pitvrucht)
• Aardbei ( samengestelde dopvrucht)
• Rozebottel ( samengestelde dopvrucht)
• Framboos/braam
3
Van Malderen Lacina ( 1EBAKOC1)
, Schijnvrucht: vruchtstand
Kenmerken: schijnvrucht/ ontstaan uit verschillende bloemen in een bloemwijze/ de afzonderlijke vruchten
kunnen noten, bessen of steenvruchten zijn.
Voorbeelden:
- Vijg
- Moerbei
- Ananas
1.3.3 VERSPREIDING VAN ZADEN EN VRUCHTEN
Verspreiding van vruchten en zaden kan op volgende manieren:
- Actief
- Wind
- Water
- Dieren/mensen
Wind
Hoe?
1. Door bewegen van de plant
2. Door meevoeren met wind
1. Wegschietend
2. Kruipend of springend over grond
3. In de grond borend
Kenmerken:
1. Explosief opensplijten van droge vrucht
2. Explosief opensplijten van met vocht gevulde vrucht
3. Reageren op wisselingen in luchtvochtigheid
Water
4
Van Malderen Lacina ( 1EBAKOC1)
Les avantages d'acheter des résumés chez Stuvia:
Qualité garantie par les avis des clients
Les clients de Stuvia ont évalués plus de 700 000 résumés. C'est comme ça que vous savez que vous achetez les meilleurs documents.
L’achat facile et rapide
Vous pouvez payer rapidement avec iDeal, carte de crédit ou Stuvia-crédit pour les résumés. Il n'y a pas d'adhésion nécessaire.
Focus sur l’essentiel
Vos camarades écrivent eux-mêmes les notes d’étude, c’est pourquoi les documents sont toujours fiables et à jour. Cela garantit que vous arrivez rapidement au coeur du matériel.
Foire aux questions
Qu'est-ce que j'obtiens en achetant ce document ?
Vous obtenez un PDF, disponible immédiatement après votre achat. Le document acheté est accessible à tout moment, n'importe où et indéfiniment via votre profil.
Garantie de remboursement : comment ça marche ?
Notre garantie de satisfaction garantit que vous trouverez toujours un document d'étude qui vous convient. Vous remplissez un formulaire et notre équipe du service client s'occupe du reste.
Auprès de qui est-ce que j'achète ce résumé ?
Stuvia est une place de marché. Alors, vous n'achetez donc pas ce document chez nous, mais auprès du vendeur lacinavanmalderen. Stuvia facilite les paiements au vendeur.
Est-ce que j'aurai un abonnement?
Non, vous n'achetez ce résumé que pour €5,99. Vous n'êtes lié à rien après votre achat.