De gemiddelde lineaire snelheid van een eluerende stof A bedraagt 4,2 mm/min, en het chromatogram
dat daaruit ontstaat ziet er als volgt uit:
- Vraag: - Bereken het aantal theoretische platen van deze kolom. Je kan je daarbij baseren op de LOO piek.
- Bereken de hoogte van één plaat
- Bereken de resolutie tussen LOO en LOP.
- We weten dat de pI waarde van OTT = 7, LOO = 8 en OPP = 9
- Vraag: - welke type chromatografie werd dan gebruikt om deze stoffen te scheiden?
- Is de pH waarbij de chromatografie werd gelopen belangrijk? Waarom wel of waarom niet?
, 1. Berekening van het aantal theoretische platen gebeurt op basis van de piekbreedte:
N = 16 (tR/W)2 tR en W kunnen (bij benadering) afgeleid worden uit de figuur:
N = 16 (41 min./2 min.)2 = 6724.
Je kan N ook berekenen op basis van de andere pieken waarbij je ca. dezelfde waarde zal uitkomen.
2. Hoogte van één plaat:
Twee manieren:
- Via N: H = L/N = 20 cm/6724 = 0,0029 cm = 29 µm
- Via σL2: H = σL2/L.
Daarvoor moet σL2 berekend worden:
σ L = u x x σ t. waarbij σt = W/4 = 2 min./4 = 0,5 min.
σL = 4,2 mm/min. x 0,5 min. = 2,1 mm
H = (2,1)2 mm2/200 cmm = 0,022 mm = 22 µm
Het is normaal dat deze waarden wat verschillen omdat de W en tR waarden uit de figuur geschat zijn.
3. Resolutie tussen LOO en LOP:
Rs = ΔtR/W
Rs = 45 min. – 41 min./((1.5 min. + 2 min.)/2) = 2.28
Inderdaad zijn beide pieken zeer duidelijk van elkaar gescheiden.