Les 1: Introductie.........................................................................................3
1. Cultuur..................................................................................................3
Les 2: Kruispuntdenken................................................................................4
1. Het Referentiekader en Subjectieve Waarneming.................................4
2. De Meervoudige Ik................................................................................5
3. Kruispuntdenken (Intersectioneel Denken)...........................................5
3.1 Van Platte naar Intersectionele Diversiteit.......................................5
3.2 De 8 Categorieën van Identiteit.......................................................6
4. Superdiversiteit.....................................................................................6
5. De Impact van Technologie...................................................................7
6. Uitdagingen voor de Professional..........................................................7
Les 3: Attitudes en cultuurverschillen..........................................................8
1. Identiteitsmodellen: Verdieping............................................................8
2. Cultuur Leren Kennen en Verwerven.....................................................8
3. Het Acculturatiemodel van Berry..........................................................8
4. Attitudes ten aanzien van Cultuurverschillen.......................................9
Les 4: Dominante cultuur – subcultuur – tussencultuur.............................10
1. Theoretische Cultuuranalyses op Macroniveau...................................10
2. De Dominante Cultuur........................................................................11
3. Tegencultuur (Contracultuur)..............................................................11
4. Subcultuur...........................................................................................12
5. Mondiale Cultuur.................................................................................12
Les 5: culturele shock, cultureel conflict, DMIS, helikopterperspectief......13
1. Het DMIS-model van Bennett..............................................................13
2. De Cultuurshock: Fasen van aanpassing.............................................14
3. Omgaan met Culturele Conflicten.......................................................14
4. Denkfouten en Perspectieven.............................................................15
Les 6: Culturele sensitiviteit – deel 1..........................................................16
1. Waarom interculturele competenties?................................................16
2. Omgaan met andere culturen: De 4 kwadranten................................16
3. Diversiteitsbenaderingen (De 5 D's)...................................................17
, 4. Modellen om cultuurverschillen te begrijpen (Hall & Kluckhohn)........17
5. Meten van cultuurverschillen: Geert Hofstede....................................18
Les 7: culturele sensitiviteit – deel 2..........................................................19
1. De Cultuurtypen van Richard Lewis....................................................19
2. Van Verschil naar Verbinding: Inclusie................................................20
3. Empowerment en Krachtgericht Werken............................................20
4. Werken met "Beschermjassen"...........................................................20
5. De Capability-benadering...................................................................21
Les 8: Diversiteitscommunicatie................................................................21
1. Wat is diversiteitscommunicatie?.......................................................21
2. Gender en Seksuele Diversiteit: De Genderkoek................................22
3. Voornaamwoorden (Pronouns)............................................................22
4. Barrières en Hefbomen voor Inclusieve Communicatie......................23
Les 9: TOPOI model....................................................................................23
1. De vijf gebieden van het TOPOI-model...............................................23
2. Analyse en Reflectie............................................................................24
3. Interventies en Praktische Toepassing................................................24
Les 10: Zingevend werken met religie.......................................................25
1. Wat is zingeving?................................................................................25
2. De vier existentiële thema's...............................................................26
3. Religie versus Spiritualiteit.................................................................26
4. De 7 levensbeschouwelijke dimensies................................................27
5. Gespreksmodellen en Methodieken....................................................27
6. Aandachtspunten voor de hulpverlener..............................................28
Les 11: Ethisch handelen...........................................................................29
1. De kern van ethiek: Een diep-menselijke vraag..................................29
2. Het Ethisch Dilemma..........................................................................29
3. Teleologische Ethiek (Gevolgenethiek of Utilitarisme)........................29
4. Deontologische Ethiek (Beginselen- of Plichtethiek)...........................30
5. Deugdenethiek....................................................................................30
6. Zorgethiek (Ethics of Care).................................................................30
7. Verantwoordelijkheid: Formeel vs. Persoonlijk....................................31
8. Vergelijking: Spreekrecht vs. Spreekplicht..........................................31
,Les 12: multidisciplinaire samenwerking...................................................32
1. De Noodzaak van Samenwerken........................................................32
2. Multidisciplinair versus Interdisciplinair..............................................33
3. Gedeeld Beroepsgeheim.....................................................................33
4. Interprofessionele Communicatie.......................................................34
5. Rollen in het Team...............................................................................34
Les 1: Introductie
1. Cultuur
Definitie: Cultuur komt van het Latijnse Cultura (land bebouwen,
beschaven). Het wordt omschreven als het geheel van gebruiken,
waarden en normen van een specifieke groep op een bepaalde
plaats en tijd.
Kenmerken: Cultuur is dynamisch, gedeeld en wordt overgeleverd
via primaire, secundaire en tertiaire socialisatie.
, Het Ui-model (Onion Model): Cultuur bestaat uit verschillende
lagen:
o Buitenlaag (Zichtbare artefacten): Zaken als kleding, eten,
bouwstijlen en feesten.
o Middelste laag (Beleden waarden en gedrag): Zichtbaar
gedrag zoals punctualiteit, respect voor ouderen en specifieke
omgangsvormen.
o Kern (Onderliggende basisveronderstellingen): De
onzichtbare kernwaarden en fundamentele opvattingen over
goed/kwaad en normaal/abnormaal.
Perceptie: Een cruciaal inzicht is dat we de wereld niet zien zoals
deze is, maar door onze eigen culturele en persoonlijke filter: "We
zien de dingen niet zoals ze zijn, maar zoals wij zijn".
Les 2: Kruispuntdenken
1. Het Referentiekader en Subjectieve Waarneming
Onze blik op de wereld is nooit objectief, maar wordt gevormd door ons
referentiekader.
Vorming: Dit kader ontstaat door eigen ervaringen,
leefomstandigheden, opvoeding (ook die van vorige generaties) en
de cultuur waarin we opgroeien.
Carpented world Hypothesis: Deze theorie illustreert hoe cultuur
onze visuele en mentale blik beïnvloedt. We construeren een
subjectieve wereld; dit wordt vaak pas duidelijk wanneer we