Rédigé par des étudiants ayant réussi Disponible immédiatement après paiement Lire en ligne ou en PDF Mauvais document ? Échangez-le gratuitement 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Aperçu 4 sur 37 pages
Resume

Samenvatting Respiratoir-long en Zuur-base balans - Fysiologie van de orgaanstelsels

Document preview thumbnail
Aperçu 4 sur 37 pages

Deze samenvatting omvat het onderdeel 'Renaal- Nier' voor fysiologie van de orgaanstelsels. De samenvatting is gemaakt o.b.v. de slides en notities tijdens de les.

Aperçu du contenu

2e Ba BMW fysiologie van de orgaanstelsels Merel De Ridder



Respiratoir
De fysiologie van de ademhaling


Algemene aspecten
Evolutie
 diffusiecapaciteit O2 belangrijke beperkende factor bij het groeien van
organismen tijdens de evolutie
 bij evolutie van 1-celligen naar meercelligen: obligaat vergroten van
contactoppervlak (afplatten, gastrulatie) om O2 uitwisseling te garanderen
 bij verder ontwikkelen: circulatiestelsel nodig
 eerste wat een groeiend embryo ontwikkelt
 “ontogenie is een herhaling van de fylogenie”
 ontogenie: ontwikkeling van een individu
 fylogenie: de evolutionaire ontwikkeling van de soort
 embryo doorloopt tijdens ontwikkeling stadia die lijken op de
volwassen vormen van zijn evolutionaire voorouders (bv.
kieuwboogjes in vroeg stadium embryo)
 cellen met hoge O2 nood hebben veel mitochodriën met veel cristae
 diffusie van O2 alleen is niet voldoende, ook ontwikkeling van O2 dragende
eiwitten
 bloed transporteert meer O2 dan oplosbaarheid toelaat! → hulp van
bindend eiwit
 CO2 lost veel beter op in bloed dan O2, toch wordt CO2 vooral als
HCO3- getransporteerd (nog beter oplosbaar in H 2O), een klein deel
van het CO2 wordt gebonden op hemoglobine
 gasuitwisseling thv de alveolen en de weefsels wordt gedreven door
concentratiegradiënten

belangrijke begrippen in ademhalingsfysiologie
 respiratie: uitwisseling van gas tussen atmosfeer en lichaamscellen
 ventilatie: transport van lucht in en uit de longen
 gasuitwisseling: uitwisseling van vooral CO2 en O2 tussen lucht in de longen
en het bloed
 cellulaire respiratie: intracellulair, oxidatie van organische moleculen met
producten van H2O en CO2
 respiratoir minuut volume: hoeveelheid lucht geïnhaleerd per minuut
 30% is dood volume
 70% is alveolaire ventilatie
 slechts beperkt deel van lucht in alveolen wordt bij inspiratie
vervangen dus O2 en CO2 uitwisseling is een continu proces!
 luchtwegen en gasuitwisseling
 larynx, trachea, bronchiën
 mucuslaag met respiratoir epitheel
 alveolen


1/37

,2e Ba BMW fysiologie van de orgaanstelsels Merel De Ridder


 inspiratie/expiratie (gedreven door gecreëerde drukverschillen)
andere belangrijke fysiologische functies van de ademhaling



1. veneuze retour stimuleren (respiratiepomp)
2. zuur-base evenwicht regelen
3. thermoregulatie
4. geluid en communicatie (vocalisatie)
5. metabole functie: omvormen en verwijderen van hormonen (bv.
prostaglandines) en andere bioactieve stoffen (bv. angiotensine II)


De luchtwegen
 transport van lucht naar de alveolen
 vertakkend tubulair systeem
 voorverwarmen van de ingeademde lucht
 bevochtigen van de ingeademde lucht om uitdroging van alveolair
epitheel te vermijden
 filtreren en zuiveren
mondholte
 minder efficiënte opwarming en bevochtiging
 paarden ademen nooit door mond zelfs niet bij extreme inspanning (sterk
uitzetbare neusgaten)
farynx
 kruising van voedsel en lucht (sterk gecontroleerd proces)
 reflectorische apneu tijdens slikken met sluiten van de epiglottis en
stemspleet – voedsel passeert over en langs epiglottis naar oesophagus
(reflex valt weg bij anesthesie)
 verbinding met buis van Eustachius (tuba auditiva)
larynx
 strottenhoofd (onder epiglottis)
 stembanden (vocalisatie)
 hoestreflex: prikkel komt vooral uit trachea en larynx, inademen, sluiten
stembanden, samentrekken borst- en buikspieren → plots heropenen
glottis → lucht naar buiten aan 100-150 km/u (verwijderen irriterend agens)
 reflexmechanismen in bovenste ademhalingswegen! (niezen,
hoesten en slikreflex)
 reflexmechanismen beschermen kwetsbare dieper gelegen delen
van AH stelsel




trachea


2/37

,2e Ba BMW fysiologie van de orgaanstelsels Merel De Ridder


 kraakbeenringen met ligamenten
 gecilieerd epitheel met
slijmbekercellen
 = mucociliair transport voor uitdrijven
van stof en pathogenen
 niet specifieke afweer
 gestimuleerd door ACh
 vergelijk met korenveld in de
wind
 zuivert partikels van 2-10 µm
 partikels kleiner dan 0.2 µm
worden:
 gefagocyteerd in alveoli
 afgevoerd via alveolair slijm
 opgenomen in lymfevaten
bronchen en bronchiolen
 primaire bronchen: vertakken verder waarbij aandeel van kraakbeen
afneemt en aandeel glad spierweefsel in wand toeneemt
 glad spierweefsel in bronchen en bronchiolen: bronchoconstrictie/-
dilatatie
 verschillende receptoren op gladde spiercellen in bronchen en bronchiolen
 β2 receptor:
 gevoelig voor (nor)adrenaline (OS)
 geeft actieve dilatatie van bronchen
 veel meer β receptoren dan α receptoren (geeft constrictie)
 nettoresultaat van sympathische activatie: bronchodilatatie
 bv.: inspanning → adrenaline → bronchodilatatie → betere
ventilatie alveolen
 muscarine receptor:
 gevoelig voor acetylcholine (ACh)
 actieve contractie (en stimulatie mucussecretie)
 bv.: inademen van koude lucht
 histamine/PGF2α/SRS-A (slow reactant substance A)
 vooral rol bij pathologische toestanden zoals astma:
induceren van bronchoconstrictie en bronchosecretie
 behandelen met sympathicomimetica en cortisol
 terminale bronchiolen: vormen overgang naar respiratoire zone
(respiratoire bronchiolen en alveolen)
 veel gladde spiercellen, geen kraagbeen, cilia en slijmbekercellen
meer
 20 tot 24 vertakkingen om in alveole te komen → enorme opp. toename




3/37

, 2e Ba BMW fysiologie van de orgaanstelsels Merel De Ridder


De alveolen
 terminale bronchen lopen over in respiratoire bronchen en alveolen
 in terminale bronchen geen kraakbeen maar wel gladde spiercellen →
vormen sfincter
 regelen diameter onder PS en OS-controle
 groot belang in pathologie van astma
 alveolen: 300-500 miljoen met totale opp. van 75-80 m²
 eenlagig afgeplat squameus epitheel omgeven door sterk uitgebouwd
capillair netwerk
 gasuitwisseling door drie lagen: alveolair epitheel, basaalmembraan en
endotheel
 type I en type II alveolaire cellen
 vochtlaagje binnenkant alveole bevat :
 IgA
 macrofagen
 surfactant
 geen netto filtratie van H2O uit bloedvaten zoals elders in systemische
circulatie (lage hydrostatische druk)
surfactant
 geproduceerd door type II cellen in alveolen
 oppervlaktespanning verlagende stop
 alveolen bekleed met soort watermantel met oppervlaktespanning die
compliantie van de long tegenwerkt (vele kleine belletjes moeten
uitrekken)
 door opp. spanning van water: watermoleculen trekken elkaar aan
en maken opp. zo klein mogelijk – werkt uitzetting van de long tegen
 compliantie = hoe makkelijk long uitzet bij een bepaalde druk
 surfactant zit in waterlaag van alveole: lipoproteïnecomplex met
detergente werking
 30% eiwit, 70% fosfolipiden (lecithine)
 statische functie: inhiberende werking op opp. spanning →
verbeterde longcompliantie → opp. spanning is 10x lager dan in
normale lucht-H2O interface
 alveole zou anders continu neiging hebben te collaberen
 om alveolen open te houden: heel hoge drukken nodig die
longcirculatie zouden verstoren (te hogen interstitiële
drukken)
 dynamische functie: wisselende opp. spanning bij inspiratie of
expiratietoestand
 bij inspiratie neemt diameter alveole toe → verdunning
surfactant moleculen over grotere opp.
 opp. spanning van alveole positief gecorreleerd met
doormeter van alveole
 vermijden overrekking van alveole bij inspiratie
 dynamisch elastisch verschijnsel
 vermijden collaberen alveole


4/37

Infos sur le Document

Publié le
14 avril 2026
Nombre de pages
37
Écrit en
2025/2026
Type
Resume
€9,49

Mauvais document ? Échangez-le gratuitement Dans les 14 jours suivant votre achat et avant le téléchargement, vous pouvez choisir un autre document. Vous pouvez simplement dépenser le montant à nouveau.
Rédigé par des étudiants ayant réussi
Disponible immédiatement après paiement
Lire en ligne ou en PDF

Vendu
7
Abonnés
2
Éléments
12
Dernière vente
2 mois de cela




Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions