Ecodesign 2025 Jef Monsieur
Samenvatting ecodesign
Deel 1: Noodzaak van ecodesign
Inleiding:
Milieuproblemen: stikstofproblemen, broeikaseffect, verdroging, verzuring, plastic soup…
Oplossen: wetgeving, gedragsverandering (statiegeld),
Pmd-zak → plastic verpakkingen
1) Pmd inzamelen → sorteren (fostplus) → verkopen aan recyclagebedrijven € daarom geen
statiegeld.
Slijtproducten = als dat wordt gebruikt → plastics komen vrij (kunstgras, → rubberstukjes)
→ Oplossing = biodegradeerbare materialen
Overshoot day = de dag dat de aarde voor dat kalenderjaar is uitgeput
Jevon’s paradox → vb. spaardouchekop → reflex van ipv 5 min kan ik 15 min in de douche staan
Greenwashing: groener voorstellen dan het is
Oplossing duurzame ontwikkeling:
Voorgesteld door Tripel P-model
- People: er gaat gezorgd worden voor de menskundige aspecten (geen armoede,…)
- Planet: er gaat gezorgd worden voor onze planeet, milieu.
- Profit: economisch rendabel
→ werkte niet, begrip duurzaamheid te compex
Duurzaamheid opgesplitst → sdg’s = sustainability development goals (17)
→ kapstok voor duurzaamheidsrapporten
, Ecodesign 2025 Jef Monsieur
Donut-model (Kate Raworth)
- Economisch model organiseren zodat het binnen
de sociale grenzen blijft (binnenste band)
en de ecologische grenzen (buitenkant),
→ groene band = economische band
Butterfly model → circulaire economie
= levenscyclus denken
1) Ontginning
2) Omzetten materialen → assembleren
3) Distributie
4) → na consumenten NIET verbranden
Thermisch recycleren = verbranden en
energie uithalen ≠ circulair want materiaal weg
5) Groene vleugel = bio gebaseerde materialen
Bv. hout
6) Blauwe vleugel = technische materialen
Bv. staal, glas
Cruciaal: Hiërarchie respecteren
Strategieën: (principes circulaire economie)
1) Producten zolang mogelijk gebruiken → herbruikbaar, repareerbaar (levensduur verlengen)
2) Producten & Componenten zolang mogelijk hergebruiken → refurbishing en
remanufacturing
3) Materialen Recyclen
Circulaire economie = belangrijk → waardebehoud: waardeheuvel, *end of use ipv end of life
Circulaire bussinessmodellen: product as a service
= bedrijven verkopen Dienst ipv product
Bv. verlichting → Philips verkoop mij licht geen lampen → hij betaalt voor elk uur dat de
lamp brand niet voor de lamp. Stel lamp gaat kapot → Philips moet vervangen = kost
→ DUS Philips gaat heel goede lampen voorzien
Samenvatting ecodesign
Deel 1: Noodzaak van ecodesign
Inleiding:
Milieuproblemen: stikstofproblemen, broeikaseffect, verdroging, verzuring, plastic soup…
Oplossen: wetgeving, gedragsverandering (statiegeld),
Pmd-zak → plastic verpakkingen
1) Pmd inzamelen → sorteren (fostplus) → verkopen aan recyclagebedrijven € daarom geen
statiegeld.
Slijtproducten = als dat wordt gebruikt → plastics komen vrij (kunstgras, → rubberstukjes)
→ Oplossing = biodegradeerbare materialen
Overshoot day = de dag dat de aarde voor dat kalenderjaar is uitgeput
Jevon’s paradox → vb. spaardouchekop → reflex van ipv 5 min kan ik 15 min in de douche staan
Greenwashing: groener voorstellen dan het is
Oplossing duurzame ontwikkeling:
Voorgesteld door Tripel P-model
- People: er gaat gezorgd worden voor de menskundige aspecten (geen armoede,…)
- Planet: er gaat gezorgd worden voor onze planeet, milieu.
- Profit: economisch rendabel
→ werkte niet, begrip duurzaamheid te compex
Duurzaamheid opgesplitst → sdg’s = sustainability development goals (17)
→ kapstok voor duurzaamheidsrapporten
, Ecodesign 2025 Jef Monsieur
Donut-model (Kate Raworth)
- Economisch model organiseren zodat het binnen
de sociale grenzen blijft (binnenste band)
en de ecologische grenzen (buitenkant),
→ groene band = economische band
Butterfly model → circulaire economie
= levenscyclus denken
1) Ontginning
2) Omzetten materialen → assembleren
3) Distributie
4) → na consumenten NIET verbranden
Thermisch recycleren = verbranden en
energie uithalen ≠ circulair want materiaal weg
5) Groene vleugel = bio gebaseerde materialen
Bv. hout
6) Blauwe vleugel = technische materialen
Bv. staal, glas
Cruciaal: Hiërarchie respecteren
Strategieën: (principes circulaire economie)
1) Producten zolang mogelijk gebruiken → herbruikbaar, repareerbaar (levensduur verlengen)
2) Producten & Componenten zolang mogelijk hergebruiken → refurbishing en
remanufacturing
3) Materialen Recyclen
Circulaire economie = belangrijk → waardebehoud: waardeheuvel, *end of use ipv end of life
Circulaire bussinessmodellen: product as a service
= bedrijven verkopen Dienst ipv product
Bv. verlichting → Philips verkoop mij licht geen lampen → hij betaalt voor elk uur dat de
lamp brand niet voor de lamp. Stel lamp gaat kapot → Philips moet vervangen = kost
→ DUS Philips gaat heel goede lampen voorzien