Rédigé par des étudiants ayant réussi Disponible immédiatement après paiement Lire en ligne ou en PDF Mauvais document ? Échangez-le gratuitement 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Aperçu 4 sur 35 pages
Resume

Samenvatting cellulaire fysiologie

Document preview thumbnail
Aperçu 4 sur 35 pages

Volledige samenvatting van het vak cellulaire fysiologie op basis van de lessen en het boek.

Aperçu du contenu

Membraan structuur (Hoofdstuk 2)
Lipid bilayer (celmembraan)
Belang van membranen

1. Nodig om cellen te vormen en te behouden: een fysieke barrière dat het cytoplasma scheidt van het
externe medium --> bescherming
2. Gedraagt zich als een permiabiliteitsbarrière voor sommige substanties --> behoudt zo verschillen
tussen interne en externe milieus (bv ionische/chemische gradiënten)
3. Nodig om interne organellen te vormen, welke specifieke taken hebben (bv mitochondria: ATP-
productie; endoplasmatisch reticulum: eiwitten opvouwen; nucleus: transcriptie van genen)
4. Stelt de cel in staat om snel en selectief te reageren op specifieke veranderingen in zijn omgeving -->
door celoppervlakte receptoreiwitten (membranen zijn heel dynamisch --> kunnen bewegen & migreren
tussen anderen cellen + maken het mogelijk om te signaleren naar andere cellen; vesikels kunnen snel
fuseren)

Waar kan je membranen vinden?

Plasmamembraan, endoplasmatisch reticulum (ER), golgi-apparaat, mitochondria, nucleaire enveloppe,
lysosomen, secretoire vesikels

Fysiologische voorbeelden van opmerkelijke membraan dynamieken

1. Mestcel degranulatie (secretie): dramatische (al dan niet tijdelijke) toename in membraanoppervlakte
ð Worden geactiveerd door allergenen --> geven stoYen af voor vasodilatatie & kunnen bv
histamine uitscheiden om andere stoYen te activeren (degranulatie) --> kunnen daarna snel terug
eigen vorm aannemen
2. Afgifte van neurotransmitters bij een synaps
ð Kiss-and-run: beetje fuseren en geven stof af
ð Full fusion: hele vesikel fuseert met membraan

Celmembraan componenten

Diverse fosfolipiden & eiwitten

Membraanlipiden vormen spontaan een bilayer (dubbellaag) in water door amfipatisch karakter

Amfipatisch doordat:

- ‘head’ (hoofd) = polair/hydrofiel: wijst naar waterig milieu (soms geladen)
- ‘tail’ (vetzuurstaart) = apolair/hydrofoob

Meeste membraanlipiden zijn fosfolipiden (phospholipids), bv phosphatidylcholine

- Head: glycerol - P (fosfaat) -choline
- Tails: 2 acylstaarten
o Verzadigd: recht
o Onverzadigd: kink thv dubbele binding

Andere membraanlipiden: cholesterol/glycolipiden

Energetische interacties:

- Head >< H2O
- Tail >< tail (exclusie van H2O)
ð Resultaat:
ð Vormt in waterig milieu micellen of een dubbellaag
ð Spontane opvouwing/vesikel vorming, spontaan ‘helen’ bij ruptuur (regeneratie)

,Fosfolipiden verschillen in hydrofiele hoofd en hydrofobe/lipofiele staart (diversiteit vnl in hoofd; backbone vaak
glycerol, maar ook soms sfingosine bv)

Verzadigde <> onverzadigde vetzuurstaart --> beïnvloedt vloeibaarheid, structuur en dikte van lipidemembraan
--> fosfolipiden van dierlijke cellen bevatten meestal 1 verzadigde & 1 onverzadigde vetzuurstaart




De bilayer vormt een 2D ‘vloeibare fase’

Lipiden: vrije laterale diYusie in het vlak van een bilayer leaflet

Beweging:

- Laterale diYusie snelheid in bilayer leaflet ~ 10-8 cm²/s
- Rotatie/flexie van lipide: snel
- Flip-flop (naar andere leaflet): uiterst zelden (hogere energie barrière; vereist flippase en floppase
enzymen) (scramblase: enzym dat evenveel fosfolipiden van binnen naar buiten wisselt & andersom)

Vloeibaarheid & smelt temperatuur van membraan wordt bepaald door lipiden compositie

Fasetransitie vaste ‘gel’ naar vloeibare ‘sol’ fase bij smelt-/transitietemperatuur (Tm) --> transitietemperatuur
hangt af van ‘packing’ (samenstelling) membraan

Zuivere lipidemembraan

- Lengte fosfolipide staarten: 14-24 C (meestal 18-20)
o Korter --> minder interactiepunten, harder bewegen tov elkaar --> vloeibaarder
o Langer --> sterke interactie --> dichte (dense) packing --> vast
- Aantal onverzadigdheden in lipide staarten:
o Verzadigd: ‘recht’ --> dichte packing

, o Onverzadigd: ‘kink’ --> zwakke interactie --> minder packing/zwakke packing --> vloeibaar bij
lagere temperatuur (bv plantaardige olie)

Gevolg (nadeel) van zwakke packing --> membraan vertoont scheuren/gaten --> is meer permeabel

Biologische membraan

- Zelfde algemene principes maar meerdere soorten lipiden
- Cholesterol (klein, hypofiel, hydrofobe staart): intercaleert met onverzadigde lipiden en heeft 2 eYecten:
Lage concentratie:
1. Rigide ring stabiliseert C-atomen nabij ‘head’ --> rigider, minder permeabel
2. Cholesterol belet staart-staart interactie (kristallisatie): membraan blijft vloeibaar
Hoge concentratie: vloeibaarheid versterkt
Ook invloed op dikte membraan want kan zich tussen de lagen van de bilaag bevinden; ook invloed op
hoe makkelijk moleculen kunnen diYunderen, bindingen etc.
- Vloeibaarheid/stijfheid van bilayer leaflet bepaalt permeabiliteit van membraan

In tegenstelling tot fosfolipiden: cholesterol flip-flops makkelijk overheen membraan --> dezelfde
cholesterolconcentratie in buitenste/binnenste lipide laag (leaflet)

Cholesterol is lipofiel --> niet goed wateroplosbaar --> komt in het bloed dus in complexen voor: VLDL, LDL,
HDL etc.

Pathologie: hypercholesterolemie (>300 mg/dl bloed), erfelijke oorzaak, metabole aandoening, voeding
(prevalentie: ± 12%)

Risico hypercholesterolemie: “coronary (heart) diseases”, plaques in bloedvaten (atherosclerose)

‘Lipid rafts’

- Lokale concentratie (microdomeinen) van specifieke lipiden, sfingomyeline, cholesterol + proteïnen
- Meestal dikker dan rest van membraan door de aanrijking van verzadigde fosfolipiden
- Deze clusters van proteïnen/lipiden (= rafts) spelen een rol in signaaltransductie
- Bevatten glycolipids (geglycolyseerde fosfolipiden)
- Lipid rafts creëren microdomeinen van verschillende compositie in het plasmamembraan die eYect
hebben op de lokale vloeibaarheid, membraaneigenschappen zoals stijfheid en rekbaarheid en de
concentratie van ‘second messengers’ zoals PiP3/PiP2

Asymmetrie in biologische membranen

Asymmetrie in fosfolipide compositie tussen inner en outer
leaflet van membraan:

- Ontstaat tijdens biosynthese --> lipiden seperatie
(ER/Golgi: flippase/floppase)
- Beïnvloedt de buiging (curvature) & vloeibaarheid van membraan (extracellulaire leaflet stijver dan
intracellulaire leaflet)
- Cytosol leaflet (intracellulaire zijde) negatiever gelader dan extracellulaire zijde, reguleert incorporatie
membraan proteïnen (polaire hoofden soms geladen, soms niet)

Specifieke compositie soms nodig voor functie van membraan proteïnen--> transmembraan transport: ER -->
proteïnen voor secretie & transmembraan proteïnen

- Translatie-translocatie: translocatie tijdens translatie (niet voor cytosolische eiwitten)
- Transmembraaneiwitten transloceren niet volledig --> blijven soms steken in de bilaag (oriëntatie in de
bilaag beïnvloedt door asymmetrie: C- of N-terminus aan binnen- of buitenkant van cel)

Specifieke fosfolipiden/leaflet voorbeelden

, - Asymmetrie in fosfolipiden die betrokken zijn bij second messenger signaal cascades bv PiP2
(phosphatidylinositol) aan intracellulaire zijde (inner leaflet)
(IP3-DAG/PKC… signaal cascade)
- Apoptosis: te weinig ATP --> verlies van asymmetrie waarbij phosphatidylserine in buitenste
(extracellulaire) zijde een receptor is voor phagocytose (normaal actief proces om asymmetrie te krijgen:
ATP nodig om fosfatidylserine binnen te houden --> nu verhuizing)
- Glycolipiden: ENKEL in outer leaflet (extracellulair) (door synthese in ER/Golgi lumen)

Membraan proteïnen (25-75% van membraan massa)
Diverse functies

Transport, signaling, cytoskelet koppeling, …

Membraanproteïnen zijn mobiel

Membraan associatie

- Integrale membraan proteïnes bevatten transmembraan peptide segment(en)
- Lipide anker (lipid anchor) zoals myristylatie, prenylatie, glycofosfolipiden (verankerd door directe
interactie met fosfolipiden)
- Indirect: perifere membraan proteïnen zijn gebonden aan integrale membraan proteïnen

Plasmamembraan: structurele specialisaties
Versterking (mechanisch) door interactie met cel cytoskelet

Cytoskelet geeft structuur aan de cel en kan eiwitten ankeren

Restrictie laterale mobiliteit van membraan proteïnen door:

- Intramembraan associaties (aggregaat van proteïnen)
- Extracellulaire ‘crosslinking’
- Intracellulaire ‘crosslinking’
- Cel-cel interacties (bv cadherine adherens junctie)
- Tight junction (apicaal/basolateraal)

Afwijkingen geassocieerd met gestoorde eiwitlokalisatie includeren hartfalen
Plasmamembraan Ca2+ kanalen zijn georganiseerd in een regelmatige matrix (banen) in gezonde hartspiercellen,
maar dit kan kapotgaan bij hartfalen (belangrijk waar Ca binnenkomt --> contractie)

- Het volstaat niet voor een kanaal om in een membraan te zitten
- Hoe kanalen georganiseerd zijn is belangrijk voor het normaal functioneren van een cel
- Ongepaste locatie kan leiden tot humane ziekten


Cel-cel communicatie & signaal transductie
(Hoofdstuk 3)
Evolutie van unicellulaire naar multicellulaire organismen vereiste een nieuwe dimensie (manier) van
communicatie & complexiteit: cel-cel informatieoverdracht, traditioneel onderverdeeld in neuronale
(elektrische) en endocriene communicatie

Algemene mechanismes van cel-cel communicatie
Directe cel-cel communicatie: gap junctions (~kanaal poriën)

- Iedere cel vormt een hemiconnexon (hemikanaal) bestaande uit 6 connexines

Infos sur le Document

Publié le
8 février 2026
Nombre de pages
35
Écrit en
2024/2025
Type
Resume
€9,56

Mauvais document ? Échangez-le gratuitement Dans les 14 jours suivant votre achat et avant le téléchargement, vous pouvez choisir un autre document. Vous pouvez simplement dépenser le montant à nouveau.
Rédigé par des étudiants ayant réussi
Disponible immédiatement après paiement
Lire en ligne ou en PDF

Vendu
2
Abonnés
1
Éléments
12
Dernière vente
2 semaines de cela




Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions