Hoofdstuk 1 inleiding visuele wetenschappen
Visuele wetenschappen: alle mogelijke studies en disciplines die met het zicht
te maken hebben.
Overlappingen met visuele wetenschappen:
1. Oftalmologie
2. Optometrie
3. Fysica
4. Neurowetenschappen
5. Psychologie
6. Gedragsbiologie
7. Computerwetenschappen
Zien VS zicht
Zien: het vermogen van het oog om objecten te kunnen herkennen.
(Aangeboren)
Zicht: het zintuig waardoor objecten gelokaliseerd en gezien worden, dat
grootte vorm beschrijft ten opzichte van andere voorwerpen. (Aangeleerd)
Disciplines binnen de visuele wetenschappen.
Oftalmologie: oogheelkunde. De studie van het oog en zijn ziektes.
De oogarts verzorgt de ogen, schrijft medicatie voor en voert de chirurgische
ingrepen.
Optometrie: de wetenschap en de kunst van het gebruik van verschillende
methodes om de optische staat van het oog te meten.
Taak: de visuele vaardigheden te onderzoeken en storingen van het zien op te
sporen.
Optometrie is geen medische discipline.
Bij een optometrist kan je terecht met verschillende problemen:
1. Verminderd zicht door en refractiefout zoals bijziendheid, verziendheid,
astigmatisme (problemen met ver en dichtbij zien) of
presbyopie(ouderdomsverziendheid).
2. Oncomfortabel zicht, ook met een juiste aangepaste bril of
contactlenzen.
3. Les-, leer- of concentratieproblemen.
4. Problemen met oogafwijkingen
5. Zwakziendheid (low vision)
6. Visuele aspecten in verband met uitvoering van verschillende beroepen
of sporten.
,Behandeling:
1. Het voorschrijven van een bril
2. Het aanpassen van contactlenzen
3. Een ander optisch hulpmiddel
4. Raadgeving voor visuele hygiëne
5. Visuele training
Orthoptie: het bestuderen, diagnosticeren en behandelen van binoculaire
anomalieën, strabisme(scheelkijken) en amblyopie (luie ogen)
Behandelding:
1. Strabisme (scheelkijken)
2. Amblyopie (luie ogen)
3. Diplopie (dubbelzien)
4. Leesklachten
5. Slechtziendheid
6. Nystagmus (kleine oogtrillingen)
7. Neuro visuele problemen (CVI= centraal visuele inperking)
8. Vestibulaire klachten (evenwicht)
Taken:
1. Opstarten van occlusietherapie (oogplakkers)
2. Voorschrijven van corrigerende prisma’s bij dubbel zien.
3. Het bepalen van hulpmiddel of revalidatieprogramma voor slecht
zienden.
Andere:
1. Bied ondersteuning in oogartsenpraktijk
2. Of op de oogafdeling van een ziekenhuis
3. Assisteren bij oogoperaties
4. Opvolgen van bepaalde oogziektes zoals glaucoom
Orthoptist handelt steeds nauw samen met oogartsen of een multidisciplinair
team in de visuele revalidatie.
Visuele problemen
Visuele problemen= een vermindering in visuele prestatie die niet
geaccepteerd wordt door de cliënt/patiënt of zijn sociaaleconomische
omgeving.
Dus dat betekent dat mensen met dezelfde visueel problemen maar met een
andere omgeving hun visueel probleem op een ander manier zullen ervaren.
Daar om moed je een grondige anamnese uit voeren om een totaalbeeld te
krijgen van de visuele eisen.
,Types van visuele problemen
1. Verminderende gezichtsscherpte:
a. Ver: myopie, amblyopie, absolute hypermetropie, astigmatisme,
strabisme
b. Dicht: presbyopie
2. Oncomfortabel zicht: anisometropie, emmetropie, othoforie,
minusopjectie
3. Onvoldoende prestatie: trage lezers en slechte lezers
4. Cosmetische problemen: strabisme
Factoren van visuele problemen/
1. Voeding
2. Erfelijkheid
3. Types van voorafgaande omgevingsfactoren
4. Visuele eisen binnen de thuissituatie
,
Visuele wetenschappen: alle mogelijke studies en disciplines die met het zicht
te maken hebben.
Overlappingen met visuele wetenschappen:
1. Oftalmologie
2. Optometrie
3. Fysica
4. Neurowetenschappen
5. Psychologie
6. Gedragsbiologie
7. Computerwetenschappen
Zien VS zicht
Zien: het vermogen van het oog om objecten te kunnen herkennen.
(Aangeboren)
Zicht: het zintuig waardoor objecten gelokaliseerd en gezien worden, dat
grootte vorm beschrijft ten opzichte van andere voorwerpen. (Aangeleerd)
Disciplines binnen de visuele wetenschappen.
Oftalmologie: oogheelkunde. De studie van het oog en zijn ziektes.
De oogarts verzorgt de ogen, schrijft medicatie voor en voert de chirurgische
ingrepen.
Optometrie: de wetenschap en de kunst van het gebruik van verschillende
methodes om de optische staat van het oog te meten.
Taak: de visuele vaardigheden te onderzoeken en storingen van het zien op te
sporen.
Optometrie is geen medische discipline.
Bij een optometrist kan je terecht met verschillende problemen:
1. Verminderd zicht door en refractiefout zoals bijziendheid, verziendheid,
astigmatisme (problemen met ver en dichtbij zien) of
presbyopie(ouderdomsverziendheid).
2. Oncomfortabel zicht, ook met een juiste aangepaste bril of
contactlenzen.
3. Les-, leer- of concentratieproblemen.
4. Problemen met oogafwijkingen
5. Zwakziendheid (low vision)
6. Visuele aspecten in verband met uitvoering van verschillende beroepen
of sporten.
,Behandeling:
1. Het voorschrijven van een bril
2. Het aanpassen van contactlenzen
3. Een ander optisch hulpmiddel
4. Raadgeving voor visuele hygiëne
5. Visuele training
Orthoptie: het bestuderen, diagnosticeren en behandelen van binoculaire
anomalieën, strabisme(scheelkijken) en amblyopie (luie ogen)
Behandelding:
1. Strabisme (scheelkijken)
2. Amblyopie (luie ogen)
3. Diplopie (dubbelzien)
4. Leesklachten
5. Slechtziendheid
6. Nystagmus (kleine oogtrillingen)
7. Neuro visuele problemen (CVI= centraal visuele inperking)
8. Vestibulaire klachten (evenwicht)
Taken:
1. Opstarten van occlusietherapie (oogplakkers)
2. Voorschrijven van corrigerende prisma’s bij dubbel zien.
3. Het bepalen van hulpmiddel of revalidatieprogramma voor slecht
zienden.
Andere:
1. Bied ondersteuning in oogartsenpraktijk
2. Of op de oogafdeling van een ziekenhuis
3. Assisteren bij oogoperaties
4. Opvolgen van bepaalde oogziektes zoals glaucoom
Orthoptist handelt steeds nauw samen met oogartsen of een multidisciplinair
team in de visuele revalidatie.
Visuele problemen
Visuele problemen= een vermindering in visuele prestatie die niet
geaccepteerd wordt door de cliënt/patiënt of zijn sociaaleconomische
omgeving.
Dus dat betekent dat mensen met dezelfde visueel problemen maar met een
andere omgeving hun visueel probleem op een ander manier zullen ervaren.
Daar om moed je een grondige anamnese uit voeren om een totaalbeeld te
krijgen van de visuele eisen.
,Types van visuele problemen
1. Verminderende gezichtsscherpte:
a. Ver: myopie, amblyopie, absolute hypermetropie, astigmatisme,
strabisme
b. Dicht: presbyopie
2. Oncomfortabel zicht: anisometropie, emmetropie, othoforie,
minusopjectie
3. Onvoldoende prestatie: trage lezers en slechte lezers
4. Cosmetische problemen: strabisme
Factoren van visuele problemen/
1. Voeding
2. Erfelijkheid
3. Types van voorafgaande omgevingsfactoren
4. Visuele eisen binnen de thuissituatie
,