Escrito por estudiantes que aprobaron Inmediatamente disponible después del pago Leer en línea o como PDF ¿Documento equivocado? Cámbialo gratis 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Vista previa 4 fuera de 36 páginas
Resumen

Samenvatting Neurokinesitherapie 3 (Deel Van Aggelpoel & Brugghemans)

Document preview thumbnail
Vista previa 4 fuera de 36 páginas

Volledige samenvatting van het deel PNF en Perfetti gegeven door Tinne Van Aggelpoel en Suzanne Brugghemans. Het bevat de volledige theorie en praktijk Het is opgesteld in VRAAGVORM om je zo makkelijker voor te bereiden op mogelijke examenvragen.

Vista previa del contenido

NEURO 3 (PNF): VAN AGGELPOEL + BRUGGHEMANS

1. Waarvoor staat PNF?
 Proprioceptieve Neuromusculaire Facilitatie

2. Wat zijn indicaties voor PNF?
 Versterking van spieren
 Gewrichten stabiliseren
 Verlengen van spieren
 Voorbeelden:
o Rechtstaan uit rolstoel (extensoren versterken, flexoren verlengen…)
o Trap afgaan

3. Welke sensorische modaliteiten zorgen voor proprioceptie en wat detecteren ze?
 Spierspoeltjes:
o Lengte van de spier
o Snelheid waarbij de spier verlengt of verkort
 Golgi-pees orgaan:
o Spanning in de spier
 Gewrichtsreceptoren:
o Positie van de gewrichten

4. Uit welke soorten vezels zijn spiervezels opgebouwd?
 Extrafusale vezels:
o Dwarsgestreepte vezels die voor de spiercontractie zorgen
o Geïnnerveerd door α-motorneuron
 Intrafusale vezels:
o Liggen tussen de extrafusale vezels
o Geïnnerveerd door γ-motorneuron

5. Wat is de Myotatische reflex en voor welk mechanisme is dit belangrijk?
 Na passieve uitrekking van de spier zal de antagonistische spier ontspannen
 = Reciproke inhibitie

6. Geef de betrokken onderdelen en het achterliggend mechanisme van de myotatische reflex
 Betrokken onderdelen:
o Spierspoel
o Ia-afferenten
o α-motorneuron
 Mechanisme:
1. Uitrekking van de spier
2. Verlenging van de spierspoel
3. Via Ia-vezels wordt een signaal doorgegeven naar de achterhoorn van het
ruggenmerg
4. De homonieme spier en synergisten contraheren door het α-motorneuron
5. Tegelijk zorgt het Ia-inhiberend interneuron voor inhibitie van de antagonist

7. Wat is de Golgi-reflex en voor welk mechanisme is dit belangrijk?

1

, Bescherming van de spier tegen zware belasting door relaxatie na contractie van de
homonieme spier en contractie van de antagonistische spier
 = Autogene inhibitie

8. Geef de betrokken onderdelen en het achterliggend mechanisme van de Golgi-reflex
 Betrokken onderdelen:
o Golgi-peeslichaampje
o Ib-afferenten
o α-motorneuron
 Mechanisme:
1. Stimulatie van de peesreceptoren
2. Via Ib-afferenten wordt een signaal doorgegeven naar de ruggenmerg
3. Ib-inhiberend motorneuron zorgt voor relaxatie van de homonieme spier of agonist
4. Ib-vezels innerveren tegelijk het motorneuron van de antagonistische spier waardoor
deze contraheert

9. WAAR/ONWAAR: HRAC wordt gebruikt om de reciproke inhibitie op te wekken
 ONWAAR: CRAC lokt de reciproke inhibitie uit. HRAC lokt de autogene inhibitie uit.

10. Wat is de αγ-koppeling?
 Het α-motorneuron zal de extrafusale spiervezel aansturen om te contraheren
 Het γ-motorneuron zal de intrafusale spiervezel aansturen om te contraheren
 DOEL: Als het γ-motorneuron dit niet doet, blijft de intrafusale spiervezel slap en zal deze
niet efficiënt kunnen reageren op verlenging

11. Wat is supraspinale controle?
 De hogere niveau’s hebben een modulerende inhiberende invloed op de lagere niveau’s
 Typisch: Bij CVA-patiënten is deze controle verstoord




2

,12. Wat zijn de 9 basisprincipes van PNF?
1. Optimale weerstand
2. Manueel contact
3. Verbale stimulus
4. Visuele stimulatie
5. Lichaamspositie en lichaamsmechaniek
6. Tractie en Approximatie
7. Irradiatie en Reinforcement
8. Timing (+(pre)stretch en repeated stretch)
9. Patronen

13. WAAR/ONWAAR: De 9 basisprincipes zijn zaken die bij de uitvoering van PNF altijd moeten
terugkomen, onafhankelijk om welke oefening het gaat.
 WAAR

14. Waarop duidt het basisprincipe: Optimale weerstand?
 De weerstand moet worden aangepast aan de mogelijkheden van de patiënt en het doel van
de activiteit (varieert dus constant).
 Isotonisch of Isometrisch

15. Wat is het verschil tussen isotonisch en isometrisch?
 Isotonisch:
o Er is intentie om te bewegen
o Vb.: Armworstelen, het doel is om de arm naar beneden te duwen
o 3 Soorten bewegingen:
 Concentrisch (winnaar armworstelen)
 Excentrisch (verliezer armworstelen)
 Stabiliserend isotonisch (Armworstelaars zijn even sterk  Geen beweging)
 Isometrisch:
o Er is geen intentie om te bewegen

16. Wat is het verschil tussen stabiliserend isotonisch en isometrische contractie?
 Er is bij beide geen beweging zichtbaar
 Het verschil ligt in de intentie om te bewegen:
o Isotonisch:
 Intentie om te bewegen
 Contractie van enkel concentrische of excentrische spieren
o Isometrisch:
 Intentie om niet te bewegen
 Co-contractie van agonisten en antagonisten

17. Wat zijn de aandachtspunten bij het basisprincipe manueel contact?
 = Tactiele stimulus
 Aandachtspunten:
o De handen worden altijd aan dezelfde zijde van het lidmaat geplaatst, zodat er voor
de p. nooit verwarring is in welke richting hij moet bewegen
o Altijd beide handen gebruiken
o Lumbricaalgreep gebruiken (zorgt voor 3D-controle)

3

, o Moet comfortabel zijn voor de p.

18. Welke 3 commando’s onderscheiden we bij verbale stimulus?
 Voorbereidingscommando:
o “En nu…”
 Actiecommando:
o “Strek de arm”
 Correctiecommando:
o “Strek ook je pols”
 Extra: Let op luidheid van de stem:
o Zachte, kalme stem = relaxatie en vermindering van pijn
o Luide stem = Krachtige contractie uitlokken

19. Waarom is visuele stimulatie belangrijk bij PNF?
 Geeft de p. de mogelijkheid zelf te zien of hij de beweging goed uitvoert (p. inspecteert de
beweging visueel en volgt de beweging met de ogen en kan eventueel bijsturen)
 Heeft een positieve invloed op hoofd- en rompbeweging:
o Vb.: Bij flexie, abductie en exorotatie van de arm zal het hoofd de oogbeweging
volgen en de rompextensie faciliteren
 Oogcontact met de p. is belangrijk om de alertheid, motivatie en coördinatie te verhogen (+
heeft p. last?)

20. Waarom is de lichaamspositie en lichaamsmechaniek belangrijk bij PNF?
 Zo dicht mogelijk tegen de p. staan zorgt voor een optimale weerstand
 Het is makkelijker voor de p. om de beweging te volgen als de Th. goed mee begeleidt

21. Wat is approximatie tijdens PNF en waarvoor wordt het gebruikt?
 = Compressie of druk op de romp of een extremiteit
 De prikkel verloopt via gewrichtsreceptoren met als gevolg een verhoogde spieractiviteit
 Het wordt gebruikt om stabiliteit en houdingsreacties (vb.: axiale rompextensie) te
stimuleren

22. Welke 3 soorten approximaties bestaan er bij PNF?
 Quick approximation:
o Reflexreactie uitlokken
 Slow approximation:
o Traag progressief opvoeren tot aan de grens van wat de p. kan tegenhouden
o Stabilisatie van het gewricht
 Maintained approximation:
o Spierspanning behouden en opbouwen

23. Wat is irradiatie en reinforcement bij PNF en wat is het verschil tussen de 2?
 = Overflow van activiteit die plaatsvindt waardoor sterkere spieren of patronen ingezet
worden om de zwakkere spieren of patronen te versterken
 Irradiatie:
o = Binnen één patroon
o Overvloeien van zenuwimpulsen vanuit sterke synergisten naar zwakkere agonisten


4

Información del documento

Estudio
Subido en
14 de enero de 2021
Número de páginas
36
Escrito en
2020/2021
Tipo
Resumen
$5.03

¿Documento equivocado? Cámbialo gratis Dentro de los 14 días posteriores a la compra y antes de descargarlo, puedes elegir otro documento. Puedes gastar el importe de nuevo.
Escrito por estudiantes que aprobaron
Inmediatamente disponible después del pago
Leer en línea o como PDF

Seller avatar
Los indicadores de reputación están sujetos a la cantidad de artículos vendidos por una tarifa y las reseñas que ha recibido por esos documentos. Hay tres niveles: Bronce, Plata y Oro. Cuanto mayor reputación, más podrás confiar en la calidad del trabajo del vendedor.
harold_meys
4.4
(10)
Vendido
104
Seguidores
71
Artículos
4
Última venta
1 año hace


Reseñas de compradores verificados




Por qué los estudiantes eligen Stuvia

Creado por compañeros estudiantes, verificado por reseñas

Calidad en la que puedes confiar: escrito por estudiantes que aprobaron y evaluado por otros que han usado estos resúmenes.

¿No estás satisfecho? Elige otro documento

¡No te preocupes! Puedes elegir directamente otro documento que se ajuste mejor a lo que buscas.

Paga como quieras, empieza a estudiar al instante

Sin suscripción, sin compromisos. Paga como estés acostumbrado con tarjeta de crédito y descarga tu documento PDF inmediatamente.

Student with book image

“Comprado, descargado y aprobado. Así de fácil puede ser.”

Alisha Student

Preguntas frecuentes