Theoretische orthopedagogiek
Hoofdstuk 6: Een ABC
1. A van Aansluiten
2. P van Professionele nabijheid
3. D van Destigmatiseren
4. M van Middelengebruik
5. F van Fouten durven toegeven
6. J van Ja, teamwork
1. De A van Aansluiten
Terugkoppeling naar hoofdstuk 5
=> Kopstuk in de Orthopedagogiek: Wim ter Horst
=> Succesfactoren van de Zorgboerderij
Aansluiten
Andries Baart en zijn “PRESENTIETHEORIE”
- Hij is de geestelijke vader van de presentietheorie -> aansluiten is daarvan een centraal
kenmerk
- Present= letterlijk ‘er zijn’, ‘aanwezig zijn’
- Hij deed jarenlang onderzoek naar wat personen in kwetsbare leefsituaties goede
professionals vonden en kwam tot eigen invulling van presentie (definitie)
Definitie van ‘Presentie:
- Een praktijk waarbij de zorggever zich aandachtig en toegewijd op de ander betrekt, zo leert
te zien wat er bij de ander op het spel staat – van verlangen tot angst – en die in aansluiting
daarbij gaat begrijpen wat er in de desbetreffende situatie gedaan zou kunnen worden en
wie hij daarbij voor de ander kan zijn. Wat kan gedaan worden, wordt dan ook gedaan.
Je bent als hulpverlener toegewijd en betrokken en weet wat er op het spel staat -> je helpt
de ander door te kijken wat die nodig heeft
Hij koppelt 8 kenmerken van presentie:
Je sluit aan
Stemt af en past je aan (de ander moet zich niet aanpassen aan jou)
Je staat open
Je denkt niet vanuit je studies, oordelen, interpretaties
Je kijkt zo onbevangen mogelijk (= neutraal, zonder voorkennis/mening/oordelen)
Je werkt vanuit de relatie
Betekenisvolle relatie opbouwen
Zorgt dat persoon je kan vertrouwen
Werken aan relatie
Je verdiept je in de leefwereld van de ander
Het verhaal is hoe de persoon het verteld en beleefd
Je kijkt verder
Je gaat soms ook buiten de grenzen van je vakgebied
Je werkt niet enkel op routine
, Je doet geen dingen omdat het zo moet/omdat het altijd zo gaat
Bv: bed verversen als cliënt in kamer is en die niet aankijken en niet tegen praten
Je past je tempo aan
Bij iedereen is tempo anders, bij elke persoon pas je je tempo aan
Tijd geven en niet onmiddellijk iets verwachten
Je bent trouw
Niet loslaten, de persoon niet verlaten -> ze hebben nodig dat iemand bij hen blijft
Ook al kan je niet direct helpen
In de Meridiaan (een kleinschalige woonvorm voor ouderen met dementie) werken hulpverleners
vanuit de presentiebenadering -> Zetten in op aansluiten bij hun cliënten en relatiegestuurd werken
staan hierbij centraal -> “We kijken elke dag naar onze cliënten”:
Wat hebben ze vandaag van zorg nodig? Hoe zijn ze vandaag? Willen ze wel of willen ze niet
uit bed? Willen ze wel of willen ze niet eten? …
Ze mogen in pyjama ontbijten als ze daar zin in hebben, geen ontbijt-uren, …
Flexibiliteit, zelfbepaling, betrokkenheid, …
2. De P van Professionele nabijheid
Terugkoppeling naar Wim Ter Horst en zorgboerderij: De zorgboerderij gaat niet alleen over de A
van Aansluiten, het is ook een plek met de P van Professionele nabijheid
- Voor de hulpverlener is het vaak zoeken naar een goede balans tussen afstand en nabijheid
- Het concept van ‘professionele afstand' als alternatief voor afstand en objectiviteit?
“Een opvoeder herleiden tot enkel een hulpverlener reduceert het kind of de jongere
automatisch enkel tot hulpvrager. Maar de jeugdhulp is voor hen geen job. Het is hun leven.”
- Cliënt is meer dan alleen cliënt, blijven als mens zien
- Professionele nabijheid -> zoeken naar hoe je professioneel kan zijn maar ook nabij zijn en
mens zijn -> moeilijk evenwicht
- Als je alleen professioneel denkt, dan zie je persoon ook alleen als patiënt/cliënt/persoon
met stoornis
- Als je als opvoeder enkel HV bent en geen mens -> reduceer je client alleen tot hulpvrager.
De hulpverlening is voor hen geen job, het is hun leven
Wat cliënten belangrijk vinden in de hulpverlening: de brief van Gitte aan Nadia… (boek blz: 309)
Het klikt tussen ons, er is een match
Aanspreekpunt, beschikbaar en luisterend oor
Vertrouwen
Moegepraat over problemen (moet al tegen heel veel HV praten over alle problemen)
Geen eenrichtingsverkeer (delen allebei dingen over hun leven)
Sleutelmomenten
Sterke gesprekken ontstaan spontaan (tussen de soep en de patatten)
Ik begrijp dat? (je hebt het niet meegemaakt dus je kan niet alles begrijpen)
Gewoon gewoon…
Een handelingsplan of samengaan voor mijn dromen en mijn doel?
Focus op sterke kanten, mijn kunnen en mijn krachten, en ook op leuke momenten
En soms doe je beter niets, behalve nabij zijn
3. De D van Destigmatiseren
Hoofdstuk 6: Een ABC
1. A van Aansluiten
2. P van Professionele nabijheid
3. D van Destigmatiseren
4. M van Middelengebruik
5. F van Fouten durven toegeven
6. J van Ja, teamwork
1. De A van Aansluiten
Terugkoppeling naar hoofdstuk 5
=> Kopstuk in de Orthopedagogiek: Wim ter Horst
=> Succesfactoren van de Zorgboerderij
Aansluiten
Andries Baart en zijn “PRESENTIETHEORIE”
- Hij is de geestelijke vader van de presentietheorie -> aansluiten is daarvan een centraal
kenmerk
- Present= letterlijk ‘er zijn’, ‘aanwezig zijn’
- Hij deed jarenlang onderzoek naar wat personen in kwetsbare leefsituaties goede
professionals vonden en kwam tot eigen invulling van presentie (definitie)
Definitie van ‘Presentie:
- Een praktijk waarbij de zorggever zich aandachtig en toegewijd op de ander betrekt, zo leert
te zien wat er bij de ander op het spel staat – van verlangen tot angst – en die in aansluiting
daarbij gaat begrijpen wat er in de desbetreffende situatie gedaan zou kunnen worden en
wie hij daarbij voor de ander kan zijn. Wat kan gedaan worden, wordt dan ook gedaan.
Je bent als hulpverlener toegewijd en betrokken en weet wat er op het spel staat -> je helpt
de ander door te kijken wat die nodig heeft
Hij koppelt 8 kenmerken van presentie:
Je sluit aan
Stemt af en past je aan (de ander moet zich niet aanpassen aan jou)
Je staat open
Je denkt niet vanuit je studies, oordelen, interpretaties
Je kijkt zo onbevangen mogelijk (= neutraal, zonder voorkennis/mening/oordelen)
Je werkt vanuit de relatie
Betekenisvolle relatie opbouwen
Zorgt dat persoon je kan vertrouwen
Werken aan relatie
Je verdiept je in de leefwereld van de ander
Het verhaal is hoe de persoon het verteld en beleefd
Je kijkt verder
Je gaat soms ook buiten de grenzen van je vakgebied
Je werkt niet enkel op routine
, Je doet geen dingen omdat het zo moet/omdat het altijd zo gaat
Bv: bed verversen als cliënt in kamer is en die niet aankijken en niet tegen praten
Je past je tempo aan
Bij iedereen is tempo anders, bij elke persoon pas je je tempo aan
Tijd geven en niet onmiddellijk iets verwachten
Je bent trouw
Niet loslaten, de persoon niet verlaten -> ze hebben nodig dat iemand bij hen blijft
Ook al kan je niet direct helpen
In de Meridiaan (een kleinschalige woonvorm voor ouderen met dementie) werken hulpverleners
vanuit de presentiebenadering -> Zetten in op aansluiten bij hun cliënten en relatiegestuurd werken
staan hierbij centraal -> “We kijken elke dag naar onze cliënten”:
Wat hebben ze vandaag van zorg nodig? Hoe zijn ze vandaag? Willen ze wel of willen ze niet
uit bed? Willen ze wel of willen ze niet eten? …
Ze mogen in pyjama ontbijten als ze daar zin in hebben, geen ontbijt-uren, …
Flexibiliteit, zelfbepaling, betrokkenheid, …
2. De P van Professionele nabijheid
Terugkoppeling naar Wim Ter Horst en zorgboerderij: De zorgboerderij gaat niet alleen over de A
van Aansluiten, het is ook een plek met de P van Professionele nabijheid
- Voor de hulpverlener is het vaak zoeken naar een goede balans tussen afstand en nabijheid
- Het concept van ‘professionele afstand' als alternatief voor afstand en objectiviteit?
“Een opvoeder herleiden tot enkel een hulpverlener reduceert het kind of de jongere
automatisch enkel tot hulpvrager. Maar de jeugdhulp is voor hen geen job. Het is hun leven.”
- Cliënt is meer dan alleen cliënt, blijven als mens zien
- Professionele nabijheid -> zoeken naar hoe je professioneel kan zijn maar ook nabij zijn en
mens zijn -> moeilijk evenwicht
- Als je alleen professioneel denkt, dan zie je persoon ook alleen als patiënt/cliënt/persoon
met stoornis
- Als je als opvoeder enkel HV bent en geen mens -> reduceer je client alleen tot hulpvrager.
De hulpverlening is voor hen geen job, het is hun leven
Wat cliënten belangrijk vinden in de hulpverlening: de brief van Gitte aan Nadia… (boek blz: 309)
Het klikt tussen ons, er is een match
Aanspreekpunt, beschikbaar en luisterend oor
Vertrouwen
Moegepraat over problemen (moet al tegen heel veel HV praten over alle problemen)
Geen eenrichtingsverkeer (delen allebei dingen over hun leven)
Sleutelmomenten
Sterke gesprekken ontstaan spontaan (tussen de soep en de patatten)
Ik begrijp dat? (je hebt het niet meegemaakt dus je kan niet alles begrijpen)
Gewoon gewoon…
Een handelingsplan of samengaan voor mijn dromen en mijn doel?
Focus op sterke kanten, mijn kunnen en mijn krachten, en ook op leuke momenten
En soms doe je beter niets, behalve nabij zijn
3. De D van Destigmatiseren