Escrito por estudiantes que aprobaron Inmediatamente disponible después del pago Leer en línea o como PDF ¿Documento equivocado? Cámbialo gratis 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Vista previa 4 fuera de 44 páginas
Resumen

Samenvatting kennis Straf (proces) recht begrepen | week 6 blok 4

Document preview thumbnail
Vista previa 4 fuera de 44 páginas

Hierbij krijg je een samenvatting van het boek Straf(proces)recht begrepen H7,8 en 9. Ook krijg je veel voorbeelden en voorbeeldcasussen. Verheugt specifiek staat hier niet in verwerkt, omdat de stof overeenkomt. Succes met leren!

Vista previa del contenido

Samenvatting kennis week 6 blok 4
BOEK| STRAF (PROCES) RECHT
HOOFDSTUK 7
FORMEEL STRAFRECHT: INLEIDING EN HOOFDROLSPELERS IN HET
STRAFPROCESRECT
Inleiding
In de vorige hoofdstukken ging het vooral over materieel strafrecht:
 Dat regelt wanneer gedrag strafbaar is.
 En welke personen strafbaar zijn als dader.
In hoofdstuk 7 gaat het over het formeel strafrecht (ook wel:
strafprocesrecht):
 Dit regelt hoe en wanneer de overheid iemand mag opsporen,
aanhouden, vervolgen en berechten.
 Ook wel de ‘spelregels’ van het strafproces genoemd.

Het strafprocesrecht
Waarom is strafprocesrecht belangrijk?
 Het strafprocesrecht brengt de vrijheid van burgers in gevaar, daarom
zijn er strenge ‘spelregels’ nodig.
 Deze regels bepalen hoe, wanneer en door wie mensen mogen worden
opgespoord, vervolg en berecht.

Gematigd accusatoir procesvoering
Er zijn twee typen strafprocessen:
1. Accusatoir : de rechter is passief. Twee partijen strijden tegenover
elkaar.
2. Inquisitoir: de rechter is actief op zoek naar de waarheid en stelt zelf
vragen aan getuigen of de verdachte.

Nederland: gematigd accusatoir
 In Nederland is er geen volledige gelijkwaardigheid tussen partijen:
- Het Openbaar Ministerie (OM) heeft veel bevoegdheden (arrestatie,
dwangmiddelen).
- De verdediging is meer afhankelijk van de rechter.
 Daarom noemen we het Nederlandse systeem: gematigd accusatoir.

Doelen van het strafprocesrecht
1. Voorkomen van eigenrichting : Burgers mogen niet zelf straffen
uitdelen.
2. Bewaken van rechtsbescherming: zorgen dat verdachte eerlijk wordt
behandeld.
3. Bevorderen van materiele waarheid: uitzoeken of het strafbare feit is
gepleegd.
4. Zorg voor slachtoffer en maatschappij ; erkenning voor het slachtoffer
en rust in de samenleving.
5. Preventie: strafproces moet anderen afschrikken (generale preventie) en
de dader heropvoeden (speciale preventie).  belangrijkste 2 doelen !

Bronnen van het Nederlandse strafprocesrecht
1. Grondwet : biedt basisregels, zoals recht op een eerlijk proces (art. 113
en 17 Gw).
2. Wetboek van Strafvordering (Sv): hierin staat de gedetailleerde
uitwerking van het strafproces: bevoegdheden OM, politie, rechter,
termijnen, dwangmiddelen etc.

,3. Aanvullende bronnen: internationale verdragen, beleidsregels,
jurisprudentie, richtlijnen en aanwijzingen.

,Hoofdrolspelers in het strafprocesrecht: de verdachte, het OM, de
politie, de rechter en de advocaat.
De verdachte
De verdachte is de centrale figuur in het strafproces.
Zonder verdachte kan het strafproces niet starten, want alleen tegen een
verdachte kunnen strafproceshandelingen worden toegepast.

Wanneer ben je een verdachte?
Volgens artikel 27 Sv is iemand verdachte als aan drie voorwaarden is voldaan:
1. Er is sprake van een enig strafbaar feit
 De handeling moet verboden zijn (bijv. diefstal, mishandeling).
 Iemand kan geen verdachte zijn van iets wat niet strafbaar is (bijv.
grap maken, kleding dragen).
2. Er is een redelijk vermoeden van schuld
 Er moet meer zijn dan alleen een onderbuikgevoel van een agent.
 Het vermoeden moet objectief en redelijk zijn op basis van
feiten/omstandigheden.
Voorbeeld: Een mishandelde persoon bloedt, de politie ziet een persoon
met bebloede handen  redelijk vermoeden.
3. De feiten of omstandigheden wijzen daarop
 Het gaat er om wat er feitelijk is gebeurd of gezien is.
Belangrijk:
 De verdachte hoeft nog niet precies te weten welk strafbaar feit hij
mogelijk heeft gepleegd.
 Het onderzoek mag juist starten om dat uit te zoeken.

De betekenis van artikel 129 Sv
Normaal start het strafprocesrecht bij een verdachte, maar in bepaalde
gevallen mag de overheid ook optreden zonder verdachte:
Artikel 129 Sv laat toe dat de overheid eerder ingrijpt:
 Bijvoorbeeld als er nog geen verdachte is, maar wel een vermoeden
van een strafbaar feit.
 Zoals bij ernstige misdrijven (terrorisme, georganiseerde misdaad) of
onduidelijke situaties (bijv. een verdacht overlijden).
Dit heet: afwijkend criterium (Wet BOB).
 Toegestaan bij zware of georganiseerde misdaad.
 Er hoeft dn nog geen concreet persoon verdacht te zijn.
 Voor bepaalde bevoegdheden (bijv. afluisteren of observeren) is alleen een
redelijk vermoeden van een gepland misdrijf voldoende.

Rechten van de verdachte
Zodra iemand als verdachte is aangemerkt (art. 27 Sv), krijgt hij niet alleen
te maken met dwangmiddelen, maar ook met speciale rechten om het
evenwicht in het strafproces te waarborgen.

1 Zwijgrecht – Art. 29 lid 1 en 2 Sv
 Elke verdachte heeft het recht om te zwijgen tijdens het verhoor.
 De verdachte hoeft geen vragen te beantwoorden.
 Cautieplicht: voor ieder verhoor moet aan de verdachte worden verteld
dat hij niet verplicht is om te antwoorden.
Plastic boodschappentas-arrest:
Hieruit blijkt dat de cautieplicht geldt vanaf het moment dat iemand als
verdachte wordt aangemerkt. Zo niet, dan is het verhoor ongeldig.

, Let op! : iemand die nog geen verdachte is, hoeft niet gewezen te worden
op het zwijgrecht, want dat recht geldt pas bij status ‘verdachte’.

2 Recht op een eerlijk proces (fair trial)
 Verdachte mag niet onder dwang, bedrog of druk worden verhoord.
 Hij moet vrij en bewust verklaringen kunnen afleggen.

3 Recht op bijstand van een advocaat – Art. 28 Sv
 De verdachte heeft het recht op een advocaat tijdens het verhoor.
 Dit geldt ook bij voorlopige hechtenis of inverzekeringstelling.
 De advocaat moet toegang hebben tot het dossier en met zijn client
kunnen overleggen.

4 Recht op informatie – Art. 27c Sv
De verdachte moet geïnformeerd worden over:
 Zijn rechten (bijv. zwijgrecht, recht op advocaat),
 De verdenking tegen hem,
 Wat hem wordt verweten,
 Zijn procespositie.
 Dit moet in een begrijpelijke taal gebeuren.

5 Recht op inzage in processtukken – Art. 30 Sv
 De verdachte mag documenten bekijken die van belang zijn voor zijn
verdediging.
 Zo kan hij zich voorbereiden en zijn rechten uitoefenen.

6 Recht op vertaling en tolk – Art. 28c Sv
Verdachten die geen Nederlands begrijpen hebben recht op:
 Vertaling van processtukken,
 Een tolk tijdens het verhoor en in de rechtszaal.

7 Algemene rechtsbeginselen
a. Onschuldpresumptie (presumptio innocentiae)
Elke verdachte wordt als onschuldig beschouwd tot het tegendeel is
bewezen.
b. Nemo tenetur-beginsel
De verdachte hoeft niet mee te werken aan zijn eigen veroordeling.
Hij mag zwijgen of informatie achterhouden over zijn eigen gedrag.


Het Openbaar Ministerie en de officier van justitie
 De Officier van Justitie treedt namens de maatschappij op als eisende
partij in het strafproces.
 De Officier maakt deel uit van het Openbaar Ministerie, een belangrijke
organisatie binnen het Nederlandse strafprocesrecht.

De 5 hoofdtaken van het Openbaar ministerie
1 Handhaven van de strafrechtelijke orde
 Politie is ondergeschikt aan het OM bij optreden ter handhaving van de
rechtsorde.
2 Opsporen van strafbare feiten
 De Officier van Justitie is opsporingsambtenaar (art. 141 Sv).
 Heeft leiding over het onderzoek (art. 148 Sv), maar laat het echte
speurwerk vaak aan de politie.

Libro relacionado
 image
Johannes Harm Jan Verbaan Straf(proces)recht begrepen
Editorial: 2023 ISBN: 9789462128446 Edición: Desconocido

Información del documento

Estudio
¿Un libro?
No
¿Qué capítulos están resumidos?
Desconocido
Subido en
31 de mayo de 2025
Número de páginas
44
Escrito en
2024/2025
Tipo
Resumen
$19.23

¿Documento equivocado? Cámbialo gratis Dentro de los 14 días posteriores a la compra y antes de descargarlo, puedes elegir otro documento. Puedes gastar el importe de nuevo.
Escrito por estudiantes que aprobaron
Inmediatamente disponible después del pago
Leer en línea o como PDF

Seller avatar
Los indicadores de reputación están sujetos a la cantidad de artículos vendidos por una tarifa y las reseñas que ha recibido por esos documentos. Hay tres niveles: Bronce, Plata y Oro. Cuanto mayor reputación, más podrás confiar en la calidad del trabajo del vendedor.
StudyByMe
4.2
(22)
Vendido
81
Seguidores
3
Artículos
20
Última venta
2 meses hace




Por qué los estudiantes eligen Stuvia

Creado por compañeros estudiantes, verificado por reseñas

Calidad en la que puedes confiar: escrito por estudiantes que aprobaron y evaluado por otros que han usado estos resúmenes.

¿No estás satisfecho? Elige otro documento

¡No te preocupes! Puedes elegir directamente otro documento que se ajuste mejor a lo que buscas.

Paga como quieras, empieza a estudiar al instante

Sin suscripción, sin compromisos. Paga como estés acostumbrado con tarjeta de crédito y descarga tu documento PDF inmediatamente.

Student with book image

“Comprado, descargado y aprobado. Así de fácil puede ser.”

Alisha Student

Preguntas frecuentes