Duits 2 Grammatik
Lektion 10-21
, Lektion 10:
Das perfekt
Meestal: haben
Soms: sein (bij beweging of verandering van toestand)
Sein gebruiken bij:
- Verplaatsing: gehen, fahren, fliegen, kommen, laufen, ...
- Verandering van toestand: aufwachen, sterben, einschlafen, ...
Lektion 10-21
, Lektion 10:
Das perfekt
Meestal: haben
Soms: sein (bij beweging of verandering van toestand)
Sein gebruiken bij:
- Verplaatsing: gehen, fahren, fliegen, kommen, laufen, ...
- Verandering van toestand: aufwachen, sterben, einschlafen, ...