Vignet 1 – DeHart
Het kind is in staat een ware vriendschap te onderhouden
- Vanaf 4 jaar oud kan een kind zelf een vriendschap te onderhouden
o Kind gedraagt zich ook anders met vrienden dan met kennissen
o Meer positieve uitwisselingen
o Meer onenigheid, maar de onenigheid is minder heftig, wordt eerlijk opgelost en
dit is geen reden voor kinderen van 4 om uit elkaar te gaan
Kinderen zien zelfzelf als mensen met specifieke attributen die consistent zijn over tijd
- Rond 3 jaar (preschool periode)
- Kinderen ontwikkelen een begrip van self-constancy, denken over zichzelf als een
wezen met specifieke disposities en beginnen zichzelf te evalueren
Het kind is in staat om gedrag te imiteren van zijn leeftijdsgenootjes
- Tussen 15 en 24 maanden → kinderen krijgen de mogelijkheid om zich op een
complementaire manier te gedragen tegenover leeftijdsgenootjes
- Dit geeft ruimte voor spelletjes tussen peuters die meestal bestaan uit imitatie
Het kind doet activiteiten en heeft voorkeuren die in lijn staan met zijn/haar geslacht
- Als het kind 2 is speelt het al met speelgoed voor zijn geslacht
- Kind heeft nog geen beeld van de bredere betekenis van geslacht
o Kunnen zichzelf niet indelen bij hetzelfde geslacht van papa/mama
o Weten alleen objecten in te delen (aangeleerd), maar weten niet welke
gedragingen er bij een geslacht horen
- 3 of 4 jaar:
o Kinderen weten veel meer over objecten en activiteiten die bij een geslacht
passen
o Categorisch denken over wat mannelijk/vrouwelijk is → sterke ideeën over welk
werk/activiteiten en gedragingen bij dat geslacht horen
‘Doen-alsof’ geeft kinderen de mogelijkheid om genderrollen te onderzoeken
- 3 tot 4 jaar (Preschool periode) → Gender role concept
o Kennis van culturele stereotypen over mannen en vrouwen
Het kind heeft een duidelijk idee van het verschil tussen jongens en meisjes
- Een kind van 3 weet het verschil tussen jongens en meisjes, kan karakteristieken en
activiteiten die bij een geslacht onderverdelen
- Kind van 3 heeft vaak nog geen gender constancy: het begrip dat het geslacht
permanent is, ondanks uiterlijke veranderingen
, Het kind is in staat om ware sociale interacties uit te voeren, inclusief wederzijdse
uitwisselingen
- Reciprocity:
o Ware sociale interacties met wederzijdse uitwisselingen tussen partners
o De eerste paar maanden van het leven vinden er ontwikkelingen plaats die
ervoor zorgen dat de verschijning van ware interacties kunnen ontstaan
o 8-10 weken: baby’s lachen door herkenning assimilatie
o 4-5 maanden: baby’s laten ware glimlachen zien als reactie op mensen die zij
kennen
Het kind ervaart gevoelens als schaamte of schuld
- Peuterperiode → vanaf ongeveer 2 jaar
- Door groter begrip van de ‘zelf’ is schaamte mogelijk
De emotionele responsen van blijdschap, boosheid en angst kunnen duidelijke
onderscheiden worden bij een kind
- 8 tot 10 maanden