Algemene pathologie
1. Endocrinologie en gasto-enterologie
1.1 Endocrinologie
1.1.1 Hypofyse
De hypofyse secreteert groeihormonen, antidiuretische hormonen, oxytocine, prolactine, gonadotrofines,
TSH en het bijnierstimulerend hormoon.
Hyperfunctie of hypofunctie van de hypofyse wordt meestal veroorzaakt door een tumor.
1.1.2 Schildklier
De schildklier is de thermostaat van ons lichaam en regelt hoe snel het metabolisme gaat.
Symptomen hyperfunctie:
- vermagering
- zweten
- snelle pols
- dairree
- tremor
Symptomen hypofunctie:
- traagheid
- obesitas
- depressie
Oorzaken hyperthyreoïdie:
ziekte van Graves
iatrogeen
thyreoïditis
multinodulaire struma
Thyreotoxische storm
= hyperthyreoïdie met koorts, hartritmestoornissen, psychoses en daling van bewustzijn
Behandeling hyperthyreoïdie:
ziekte van Graves thyreostaticum
thyreoïditis beta-blokkers
Oorzaken hypothyreoïdie:
thyreoïditis van Hashimoto
stille lymfocytaire thyreoïditis
iatrogeen
Behandeling hypothyreoïdie:
thyreoïditis van Hashimoto en iatrogeen levenslange substitutie
stille lymfocitaire thyreoïditis opvolging via labo
1
,Men kan problemen met de schildklier opsporen door het TSH gehalte in het bloed te bepalen. Indien het
niet normaal is gaat men het T3 en T4 gehalte bijbepalen.
Postpartum thyreoïditis
= spontaan genezende ontsteking van de schildklier die optreedt binnen het 1ste jaar na de bevalling
1.1.3 Bijschildklieren
De bijschildklieren regelen het calciumgehalte in het bloed.
Bij hyperfunctie van de schildklieren is het calciumgehalte verhoogd doordat het uit het skelet wordt
losgemaakt. Dit leidt tot beenderontkalking en neerslag van calcium in de nieren (= nierstenen).
Bij hypofunctie van de schildklieren is het calciumgehalte te laag waardoor er problemen met de
spierwerking kunnen optreden.
1.1.4 Bijnieren
Het bijniermerg scheidt adrenaline af wat ervoor zorgt dat de bijnierschors cortisol en aldosteron afscheidt.
Bij hyperfunctie van de bijnieren ontstaat de ziekte van Cushing.
1.1.5 Diabetes
Er zijn 2 types diabetes:
type I
Type I diabetes is reeds aanwezig van de geboorte en wordt veroorzaakt doordat de pancreas te
weinig insuline produceert.
type II
Type II diabetes ook wel ouderdoms diabetes wordt niet veroorzaakt doordat de pancreas minder
insuline produceert, maar door een verminderde gevoeligheid van de cellen voor insuline.
Symptomen hyperglycemie:
- vermoeidheid
- droge mond
- vaak plassen
- dorst
Symptomen hypoglycemie:
- wisselend humeur
- hoofdpijn
- bleekheid
- vermoeidheid
- honger
- zweten
- duizeligheid
- slecht zien
- beven
1.2 Gastro-enterologie
1.2.1 Mond
Problemen t.h.v. de mond:
2
, stomatitis
Stomatitis is een ontsteking van het mondslijmvlies.
gingivitis
Gingivitis is een onsteking van het tandvlees.
cariës
Cariës zijn gaatjes in de tanden.
xerostomie
Xerostomie is een droge mond wat vaak veroorzaakt wordt door medicatie.
dysfagie
Dysfagie wel zeggen moeilijkheden hebben met slikken.
herpes simplex
Dit kan gevaarlijk zijn voor neonaten omdat dit een hersenvliesontsteking kan veroorzaken.
1.2.2 Slokdarm
Problemen t.h.v. de slokdarm:
reflux
Reflux is het terugvloeien van de maaginhoud in de slokdarm.
oesofagitis
Oesofagitis is een ontsteking van de slokdarm.
slokdarmpasmen
Slokdarmpasmen ontstaan door het krampend samentrekken van de slokdarm.
1.2.3 Maag
Problemen t.h.v. de maag:
gastritis
Gastritis is een ontsteking van de maag.
Oorzaken:
- medicatie
- roken
- alcohol
- stress
- cafeïne
Symptomen:
- buikpijn
- opgeblazen gevoel
- misselijheid
- braken
Behandeling:
- gezond eten
- niet roken
- medicatie
- geen/matig alcohol en cafeïne
ulcus pepticum
Een ulcus pepticum is een maagzweer.
maagcarcinoom
Een maagcarcinoom is een maagtumor.
Risicofactoren:
- roken
3
1. Endocrinologie en gasto-enterologie
1.1 Endocrinologie
1.1.1 Hypofyse
De hypofyse secreteert groeihormonen, antidiuretische hormonen, oxytocine, prolactine, gonadotrofines,
TSH en het bijnierstimulerend hormoon.
Hyperfunctie of hypofunctie van de hypofyse wordt meestal veroorzaakt door een tumor.
1.1.2 Schildklier
De schildklier is de thermostaat van ons lichaam en regelt hoe snel het metabolisme gaat.
Symptomen hyperfunctie:
- vermagering
- zweten
- snelle pols
- dairree
- tremor
Symptomen hypofunctie:
- traagheid
- obesitas
- depressie
Oorzaken hyperthyreoïdie:
ziekte van Graves
iatrogeen
thyreoïditis
multinodulaire struma
Thyreotoxische storm
= hyperthyreoïdie met koorts, hartritmestoornissen, psychoses en daling van bewustzijn
Behandeling hyperthyreoïdie:
ziekte van Graves thyreostaticum
thyreoïditis beta-blokkers
Oorzaken hypothyreoïdie:
thyreoïditis van Hashimoto
stille lymfocytaire thyreoïditis
iatrogeen
Behandeling hypothyreoïdie:
thyreoïditis van Hashimoto en iatrogeen levenslange substitutie
stille lymfocitaire thyreoïditis opvolging via labo
1
,Men kan problemen met de schildklier opsporen door het TSH gehalte in het bloed te bepalen. Indien het
niet normaal is gaat men het T3 en T4 gehalte bijbepalen.
Postpartum thyreoïditis
= spontaan genezende ontsteking van de schildklier die optreedt binnen het 1ste jaar na de bevalling
1.1.3 Bijschildklieren
De bijschildklieren regelen het calciumgehalte in het bloed.
Bij hyperfunctie van de schildklieren is het calciumgehalte verhoogd doordat het uit het skelet wordt
losgemaakt. Dit leidt tot beenderontkalking en neerslag van calcium in de nieren (= nierstenen).
Bij hypofunctie van de schildklieren is het calciumgehalte te laag waardoor er problemen met de
spierwerking kunnen optreden.
1.1.4 Bijnieren
Het bijniermerg scheidt adrenaline af wat ervoor zorgt dat de bijnierschors cortisol en aldosteron afscheidt.
Bij hyperfunctie van de bijnieren ontstaat de ziekte van Cushing.
1.1.5 Diabetes
Er zijn 2 types diabetes:
type I
Type I diabetes is reeds aanwezig van de geboorte en wordt veroorzaakt doordat de pancreas te
weinig insuline produceert.
type II
Type II diabetes ook wel ouderdoms diabetes wordt niet veroorzaakt doordat de pancreas minder
insuline produceert, maar door een verminderde gevoeligheid van de cellen voor insuline.
Symptomen hyperglycemie:
- vermoeidheid
- droge mond
- vaak plassen
- dorst
Symptomen hypoglycemie:
- wisselend humeur
- hoofdpijn
- bleekheid
- vermoeidheid
- honger
- zweten
- duizeligheid
- slecht zien
- beven
1.2 Gastro-enterologie
1.2.1 Mond
Problemen t.h.v. de mond:
2
, stomatitis
Stomatitis is een ontsteking van het mondslijmvlies.
gingivitis
Gingivitis is een onsteking van het tandvlees.
cariës
Cariës zijn gaatjes in de tanden.
xerostomie
Xerostomie is een droge mond wat vaak veroorzaakt wordt door medicatie.
dysfagie
Dysfagie wel zeggen moeilijkheden hebben met slikken.
herpes simplex
Dit kan gevaarlijk zijn voor neonaten omdat dit een hersenvliesontsteking kan veroorzaken.
1.2.2 Slokdarm
Problemen t.h.v. de slokdarm:
reflux
Reflux is het terugvloeien van de maaginhoud in de slokdarm.
oesofagitis
Oesofagitis is een ontsteking van de slokdarm.
slokdarmpasmen
Slokdarmpasmen ontstaan door het krampend samentrekken van de slokdarm.
1.2.3 Maag
Problemen t.h.v. de maag:
gastritis
Gastritis is een ontsteking van de maag.
Oorzaken:
- medicatie
- roken
- alcohol
- stress
- cafeïne
Symptomen:
- buikpijn
- opgeblazen gevoel
- misselijheid
- braken
Behandeling:
- gezond eten
- niet roken
- medicatie
- geen/matig alcohol en cafeïne
ulcus pepticum
Een ulcus pepticum is een maagzweer.
maagcarcinoom
Een maagcarcinoom is een maagtumor.
Risicofactoren:
- roken
3