• ¿Documento equivocado? Cámbialo gratis
  • Escrito por estudiantes que aprobaron
  • Inmediatamente disponible después del pago
  • Leer en línea o como PDF
Vender
¿Dónde estudias?
Tu idioma
Document preview thumbnail
Vista previa 2 fuera de 6 páginas
Resumen

Samenvatting Leerpunten werkgroepen rechtsfilosofie - filosofen

Document preview thumbnail
Vista previa 2 fuera de 6 páginas

Voor het tentamen rechtsfilosofie moet je niet alleen de theorie uit het boek kennen in combinatie met de hoorcolleges (zie mijn andere bestanden) maar ook de stof die in de werkgroepen behandeld is. Ik vond het lastig om te bepalen wat daar belangrijk van was. Dit bestand geeft je een checklist van de belangrijke aspecten per filosoof. Je kunt het ook gebruiken als een soort overhoringslijstje omdat de uitgebreide uitwerkingen hier niet bijstaan. Kijk vooral per thema en vergelijk de filosofen met elkaar!

Vista previa del contenido

Leerpunten werkgroepen rechtsfilosofie – filosofen

1. Schmitt

Democratie: de wil van het volk staat centraal. Dit werkt alleen met een homogeen volk en
verwijdering van het heterogene.
 Substantiële gelijkheid: gelijkheid binnen een groep waarbinnen homogeniteit bestaat.
Gelijkheid impliceert ongelijkheid

Door homogeniteit is er één volkswil, een vertegenwoordiging is dus niet nodig.
 Hij is dus tegen parlementarisme. Democratie en parlementarisme gaan niet samen 
het volk behoort direct te regeren.

Liberalisme: algemene gelijkheid
 Tegenstelling ‘liberale democratie’

Tegen het maatschappelijke verdrag: het volk is immers homogeen

Geen constitutionele toetsing omdat een rechter niet namens de algemene wil van het volk
spreekt.
 Rechtstreeks contact tussen regeerders en geregeerden
 Tegen referendum: trekt de democratie in twijfel

2. Kelsen
‘Wezen en waarde van democratie’
Wezen: staatsvorm gevormd door de gemeenschapswil.

Idee en werkelijkheid democratie

Eenheid volk vs. Normatieve eenheid
Gemeenschapswil vs. Compromis
Subject = object vs. Subject is geen object
 Subject: het volk wat regels vormt
 Object: het volk wat regels ondergaat

Geen feitelijke maar normatieve eenheid
Politieke partijen noodzakelijk
- Anders geen invloed
- Verenigt gelijkgezinden

, 3. Berlin
Twee opvattingen van vrijheid

Twee manieren van gezagsuitoefening
1) Wie regeert mij (staatsvorm)
2) In hoeverre mag er worden bemoeid? (staatsbemoeienis)

Negatieve vrijheid: de mate waarin geen mens zich met mijn handelen bemoeit.
 Afwezigheid van beperkingen = vrijheid van

Positieve vrijheid: (autonomie) het meester zijn over jezelf. Je geeft je eigen leven vorm
zonder krachten van buiten = vrijheid om. Je bent meester, geen slaaf.
 Aanwezigheid van de mogelijkheid om te handelen.

 Publiek wordt de vrijheid beperkt om doelen te verwezenlijken maar privé heb je
vrijheid nodig om jezelf te ontplooien.
 Dwang: normaal had je kunnen handelen maar nu niet.
 Negatieve vrijheid is geen democratie

4. Mill (=liberaal)
‘Over vrijheid’

Schadebeginsel als beperking van vrijheid: er mag enkel macht over het individu uitgeoefend
worden ter voorkoming van schade aan anderen.
 Autonome handelingsvrijheid
Uitzonderingen:
 Kinderen/jongelui waarvan zijn geestesvermogen nog niet is volgroeid
 Mensen die niet zonder zorg van anderen kunnen.
 Dus ook geen ingrijpen als zelfbescherming.

Je kunt wel tot sommige positieve handelingen gedwongen worden  belang gemeenschap
Maar:
 Niet wanneer iemand op zichzelf beter zou handelen
 Wanneer de verplichting ernstigere gevolgen heeft dan hetgeen men probeert te
voorkomen.

Niet bemoeien met:
 Privézaken
 Zaken met instemming
 Niet bij alles, slavernij gaat bijvoorbeeld te ver

Información del documento

Estudio
Subido en
6 de enero de 2018
Número de páginas
6
Escrito en
2016/2017
Tipo
Resumen
$6.92

¿Documento equivocado? Cámbialo gratis Dentro de los 14 días posteriores a la compra y antes de descargarlo, puedes elegir otro documento. Puedes gastar el importe de nuevo.
Escrito por estudiantes que aprobaron
Inmediatamente disponible después del pago
Leer en línea o como PDF

Seller avatar
Los indicadores de reputación están sujetos a la cantidad de artículos vendidos por una tarifa y las reseñas que ha recibido por esos documentos. Hay tres niveles: Bronce, Plata y Oro. Cuanto mayor reputación, más podrás confiar en la calidad del trabajo del vendedor.
RosanneBurm
4.2
(26)
Vendido
193
Seguidores
126
Artículos
65
Última venta
7 meses hace



Por qué los estudiantes eligen Stuvia

Creado por compañeros estudiantes, verificado por reseñas

Calidad en la que puedes confiar: escrito por estudiantes que aprobaron y evaluado por otros que han usado estos resúmenes.

¿No estás satisfecho? Elige otro documento

¡No te preocupes! Puedes elegir directamente otro documento que se ajuste mejor a lo que buscas.

Paga como quieras, empieza a estudiar al instante

Sin suscripción, sin compromisos. Paga como estés acostumbrado con tarjeta de crédito y descarga tu documento PDF inmediatamente.

Student with book image

“Comprado, descargado y aprobado. Así de fácil puede ser.”

Alisha Student

Preguntas frecuentes