Escrito por estudiantes que aprobaron Inmediatamente disponible después del pago Leer en línea o como PDF ¿Documento equivocado? Cámbialo gratis 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Vista previa 4 fuera de 38 páginas
Notas de lectura

Hoorcolleges + samenvatting Inleiding in de gezondheidswetenschappen

Document preview thumbnail
Vista previa 4 fuera de 38 páginas

Dit document bevat alle informatie van de hoorcolleges. Maar het is ook een volledige samenvatting met aanvullingen van de werkgroepen erbij. Ik heb hier zelf een 9,0 mee gehaald!

Vista previa del contenido

Hoorcollege inleiding in de gezondheidswetenschap (infectieziekten)

Een virus is een eiwitmantel met daarin RNA. Doordat het een RNA virus is is het heel erg gevoelig
voor mutaties. Een virus is geen levend organisme omdat het een gastheer nodig heeft om te
infecteren. Een RNA virus kan zich ook makkelijk aanpassen naar andere gastheren, dus kunnen ze
ook voorkomen in andere reservoirs.

Het reservoir is bij HIV een groot probleem. HIV heeft asymptomatisch dragerschap en is infectieus.
Mensen weten dus niet dat ze HIV hebben.

Virus zonder envelop overleeft langer in omgeving dan virus met envelop en overleeft daarom langer
op besmette objecten etc. en langer overdraagbaar.

Manieren van transmissie: contact (direct, indirect, druppeltjes), vehicle (waterbron, voedsel, stof)

Horizontalen transmissie: mens op medemens

Verticale transmissie: van moeder op kind

pathogeen: een organisme dat ziekte kan veroorzaken.

Primair pathogeen: ziekte in gezonde gastheer

Opportunistische pathogeen: alleen ziekte in verzwakte gastheer

Infectie: aanwezigheid van een vermenigvuldigend organisme: hoeft niet schadelijk te zijn.

Het is een gevecht tussen gastheer en pathogeen. Je immuunsysteem heeft aangeboren en
verworven afweer. Resultaat van het gevecht kan resulteren in verschillende samenlevingsvormen:

o Commensalisme: micro organisme voordeel, gastheer neutraal
o Mutualisme: micro organisme voordeel, gastheer voordeel
o Parasitisme: micro organisme voordeel, gastheer nadelig



De mens draagt in hun hele lichaam bacteriën en die zijn goed. Ze heette de normale flora, of ook
wel microbiota. Ze beschermen on tegen andere micro organisme. Er zijn een aantal die vitamine B
en K maken. En het stimuleert het immuunsysteem.

Microiota kan ook ziekte veroorzaken: immunodepressie (door bijvoorbeeld stress, dieet etc.) ,
wanneer de balans wordt verstoord door antibiotica of als de normale flora op de verkeerde plek zit.

Infectieproces in 5 stappen:

1. Enter -> hechten of binden aan de gastheer
2. Stay in -> niet afgestoten worden, moet vermenigvuldigen om binnen te blijven
3. Survival -> overleven
4. Weefselschade -> kan tot ziekte leiden
5. Transmissie -> op tijd je gastheer verlaten zodat je een nieuwe gastheer kunt infecteren



Virulentiefactoren: verzamelnaam voor alle eigenschappen dat een organisme heeft of bezit om al de
stappen in het infectieproces succesvol te kunnen doorlopen.

,Virulentie: mate van pathogeniciteit/weefselschade geproduceerd door een organisme
(kwantificeerbaar):

o LD50: de dosis die nodig is om 50% van de individuen te doden (lethaal)
o ID50: de dosis die nodig is om 50% van de individuen te infecteren

Zeer virulent pathogeen heeft een lage LD50, want die heeft maar weinig nodig om goed te zijn.

Als iets niet erg besmettelijk is is de ID50 hoog, als iets er besmettelijk is is de ID50 laag

Als iets erg dodelijk is is de LD50 laag, als iets niet dodelijk is is de LD50 hoog

,Hoorcollege inleiding in de gezondheidswetenschap (infectieziekten)

Er zijn drie uitkomsten bij een infectie:

1. een acute zelf limiterende infectie -> gastheer zelf instaat om
een infectie te klaren (verkoudheid)
2. persistent infection with shedding (chronische infectie) ->
infectie blijft aanwezig in gastheer, licht actief (Hepa. C)
3. persistent latent infection (chronische, latente infectie) ->
infectie blijft latent aanwezig en op een gegeven moment een
reactiviteit van infectie (koortslip)


virussen kunnen alleen repliceren en overleven in een gastheercel -> obligaat intracellulair
bacteriën zijn prokaryoten en kunnen zelfstandig repliceren -> intra en extracellulair
parasieten zijn eukaryoten en kunnen zelfstandig repliceren -> intra en extracellulair

indeling pathogenen: virussen , prokaryoten (: bacteriën, zijn eencellig) en eukaryoten (: schimmels,
parasieten, kunnen eencellig of meercellig zijn)

parasieten zijn in te delen in:

1. de eencellige parasieten (protozoa): deze leven in het lichaam van de mens (gastheer).
2. meercellige parasieten (metazoa) bijv. helminthen (wormen): zuigwormen, lintwormen en
rondwormen.
3. De geleedpotigen (Arthropoda): ze zitten op ons lichaam, ze bestaan uit de insecta (luizen en
vlooien) en de arachnida (mijten en teken).



Prion: PrPC is een eiwitje dat in ons lichaam voorkomt. Een PrPC komt alleen maar voor in het
centrale zenuwstelsel of hersenen. Een verkeerd gevouwen
eiwit dat bij mens en dier ernstige neurodegeneratieve ziekten
kan veroorzaken, dat heet een prion het is de gemuteerde PrPC
die dan iPrPSc heet. De verkeerde structuur van prionen kunnen
ze doorgeven aan andere goed gevouwen eiwitten. Het eiwit
repliceert dus niet maar geeft de vouwing door. Hierdoor kunnen eiwitklonteringen ontstaan die
schadelijk zijn voor de functie van cellen. Dit hangt af van de plaats van de klontering in de hersenen.
Men dacht dat dit een slow virus was omdat het zich niet repliceert. De incubatie tijd is ook heel lang
want die vouwing overgeven duurt lang. Prionen hebben ook geen acute fase, doordat het
doorgeven van de vouwing heel lang duurt.



Virussen:

Worden ingedeeld op basis van:

1. het genetisch materiaal (DNA/RNA: dubbelstrengs of enkelstrengs)
2. aan of afwezigheid van een envelop
3. symmetrie van de structurele eiwitten (capside)

, Virus begrippen:

o caspsomeer: eiwit zelf
o capside: eiwitmantel
o nucleocapside: capside met daarin het erfelijke materiaal
o envelop: membraan met daarin virale eiwitten
o virion: infectieuse virus partikels



de replicatiescyclus van virussen kan verlopen via lysis of budding. Door lysis komt er een gat in het
membraan en ontstaat er een virus zonder envelop en gaat de cel zeker dood. En door budding
komen er geen gaten in het membraan en komen er alleen een soort blaasjes omheen en dan heeft
het virus wel een envelop en hoeft de cel niet dood te gaan.

de capside van een virus kan drie verschillende vormen aannemen:

1. Icosahedraal -> zes vlakkig
2. Helicaal -> buisvormig
3. Complex

HIV: single streng RNA virus

HIV is een retrovirus en is specifiek door:

- GP120 -> hechting aan gastheercel
- GP41 -> fusie virus en celmembraan gastheercel
- Integrase -> integratie DNA in gastheercel DNA
- Protease -> eiwit componenten voor infectieus virus, door korter te maken
- Reverse transcriptase -> RNA kan worden omgezet in DNA
- Capside: icosahedraal


Er is HIV-1 en HIV-2. HIV-1 heeft een andere voorouder namelijk de chimpansee en HIV-2 heeft als
voorouder een andere soort aap. HIV-1 komt wereldwijd voor en is virulenter. HIV-2 komt
voornamelijk voor in West-Afrika, is minder virulent en wordt minder snel overgedragen. HIV1
geïsoleerd on 1983. En HIV 2 in 1984.



Het replicatieproces van HIV:

1. het HIV virus fuseert met een CD4 & co-receptor CCR5 op het membraan van de
gastheercel.
2. het RNA van het virus het HIV-RNA wordt omgezet naar HIV-cDNA dubbelstrengs (dit is
belangrijk omdat HIV zo zijn eigen DNA in het menselijk lichaam krijgt zonder dat ons
lichaam daar iets aan kan doen).
3. Viral cDNA komt in de kern terecht. Het cDNA wordt geïntegreerd in het genoom middels
het enzym HIV integrase. Het is nu een provirus = HIV cDNA geïntegreerd in het DNA van
de gastheercel.
4. Er worden eiwitten gevormd. Het virus maakt hierbij gebruik van het transcriptie en
translatie van de mens -> het provirus wordt omgeschreven naar mRNA -> in onze

Información del documento

Estudio
Subido en
18 de septiembre de 2023
Número de páginas
38
Escrito en
2022/2023
Tipo
Notas de lectura
Profesor(es)
Dr. m.r. van dijk
Contiene
Todas las clases
$9.60

¿Documento equivocado? Cámbialo gratis Dentro de los 14 días posteriores a la compra y antes de descargarlo, puedes elegir otro documento. Puedes gastar el importe de nuevo.
Escrito por estudiantes que aprobaron
Inmediatamente disponible después del pago
Leer en línea o como PDF

Seller avatar
Los indicadores de reputación están sujetos a la cantidad de artículos vendidos por una tarifa y las reseñas que ha recibido por esos documentos. Hay tres niveles: Bronce, Plata y Oro. Cuanto mayor reputación, más podrás confiar en la calidad del trabajo del vendedor.
josefienboon
4.2
(10)
Vendido
120
Seguidores
57
Artículos
12
Última venta
3 meses hace

Reseñas de compradores verificados




Por qué los estudiantes eligen Stuvia

Creado por compañeros estudiantes, verificado por reseñas

Calidad en la que puedes confiar: escrito por estudiantes que aprobaron y evaluado por otros que han usado estos resúmenes.

¿No estás satisfecho? Elige otro documento

¡No te preocupes! Puedes elegir directamente otro documento que se ajuste mejor a lo que buscas.

Paga como quieras, empieza a estudiar al instante

Sin suscripción, sin compromisos. Paga como estés acostumbrado con tarjeta de crédito y descarga tu documento PDF inmediatamente.

Student with book image

“Comprado, descargado y aprobado. Así de fácil puede ser.”

Alisha Student

Preguntas frecuentes