Verpleegkundig redeneren en handelen inleidend 2
Zintuigen
9.0. De mens heeft 5 zintuigen
1) Tast – gevoel – proprioceptie (interne en externe prikkels)
2) Reuk (externe prikkels)
3) Smaak (externe prikkels)
4) Zicht (externe prikkels)
5) Gehoor en evenwicht (externe en interne prikkels)
9.1. Sensorische cellen
- Kennis van de wereld is beperkt tot die prikkels waardoor de zintuigen gestimuleerd worden
1) Onvolledig beeld van de omgeving
2) Zingtuigen bedriegen ons
- Alle sensorische informatie wordt opgepikt door zintuigen
➢ Gespecialiseerde cellen of celuitlopers die de omstandigheden binnen en buiten het
lichaam registreren
➢ Vrije zenuwuiteinden = dendrieten (eenvoudigste vorm van zintuig)
✓ Gevoelig voor verscheidene typen prikkels
✓ Gevoelig voor 1 type prikkel
➢ Ingewikkelde zintuigcellen
- Receptorveld
➢ Gebied dat informatie levert aan een sensorische cel of zintuigcel
➢ Hoe groter het veld, hoe moeilijker lokaliseerbaar de prikkel
➢ Hoe kleiner het veld, hoe makkelijker te lokaliseren
- Adaptatie
➢ Afname van gevoeligheid in aanwezigheid van een continue prikkel
➢ Minder infogeleiding naar de hersenschors
1
,Verpleegkundig redeneren en handelen inleidend 2
- 2-puntsdiscriminatie:
➢ Minimale afstand waarbij 2 verschillende punten ook echt als 2 verschillende punten
worden gepercipieerd.
➢ Two point touch test
Vingertopjes zeer gevoelig
Ter illustratie
2
,Verpleegkundig redeneren en handelen inleidend 2
- Alle sensorische informatie gaat naar het CZS ovv een actiepotentiaal via een sensibele
afferente zenuwvezel
- Sensorische transductie = omzetting van een sensorisch signaal naar een elektrisch signaal
➢ Naarmate de prikkel sterker is, is de frequentie van de AP hoger
➢ Afhankelijk van het soort informatie, wordt de informatie naar een andere plek binnen
het CZS geleid
- De aankomende informatie vanuit een zintuigcel noemt men een gewaarwording
- De bewustwording van een gewaarwording noemt men een waarneming
- 99 % van de sensorische informatie gaat naar centra in het ruggenmerg en de hersenstam
➢ = onwillekeurige reflex
➢ = niet bewust
- Slechts 1 % van de sensorische informatie gaat naar de hersenschors
➢ = bewust en dus willekeurig
- Algemene zintuigcellen liggen verspreid over het ganse lichaam
➢ Temperatuur
➢ Pijn
➢ Aanraking – trilling
➢ Druk
➢ Proprioceptie = houding
- Speciale zintuigcellen bevinden zich geconcentreerd in 5 gespecialiseerde organen
➢ Reuk
➢ Smaak
➢ Zicht
➢ Evenwicht en gehoor
9.2. Algemene zintuigen: de verschillende soorten sensorische cellen
3
, Verpleegkundig redeneren en handelen inleidend 2
- NOCI-receptoren => pijn
- THERMO-receptoren => temperatuur
- MECHANO-receptoren => aanraking-druk-proprioceptie
- CHEMO-receptoren => chemische prikkels
Opmerking:
“Algemene” zintuigen = zintuigen die overal voorkomen in het lichaam voor en niet geconcentreerd
zijn op een bepaalde plaats
9.2.1. Pijn = nociceptie
- Vrije zenuwuiteinden
- Huid – gewrichtskapsels – beenvliezen – bloedvatwanden
- Grote receptorvelden
- Gevoelig voor
➢ Mechanische beschadigende prikkels (vb. snijwonde)
➢ Extreme thermische prikkels (vb. kokend water)
➢ Opgeloste chemische prikkels (vb. ontsteking)
- 2 types axonen
➢ Gemyeliniseerde vezels: snelle vezels voor waarneming stekende en goed gelokaliseerde
pijn
➢ Ongemyeliniseerde vezels: trage vezels voor waarneming brandende en slecht
gelokaliseerde pijn
- Via Tractus Spinothalamicus (gevoelsbaan) naar primair sensorische cortex
- Pijnreceptoren blijven pijnprikkels doorgeven zolang de prikkel voorhanden is
Gerefereerde pijn
Gerefereerde pijn
- Pijngewaarwording in ingewanden lijken soms afkomstig van lichaamsoppervlak, meestal van
gebieden die door dezelfde spinale zenuw geïnnerveerd worden
- = pijn in delen van het lichaam die niet werkelijk geprikkeld worden
- Vb. Linker arm bij hartlijden , schouderpijn bij diafragmaprikkeling, …
9.2.2. Temperatuurzin = thermoceptie
- Vrije zenuwuiteinden
- Huid, skeletspieren, lever en hypothalamus
4
Zintuigen
9.0. De mens heeft 5 zintuigen
1) Tast – gevoel – proprioceptie (interne en externe prikkels)
2) Reuk (externe prikkels)
3) Smaak (externe prikkels)
4) Zicht (externe prikkels)
5) Gehoor en evenwicht (externe en interne prikkels)
9.1. Sensorische cellen
- Kennis van de wereld is beperkt tot die prikkels waardoor de zintuigen gestimuleerd worden
1) Onvolledig beeld van de omgeving
2) Zingtuigen bedriegen ons
- Alle sensorische informatie wordt opgepikt door zintuigen
➢ Gespecialiseerde cellen of celuitlopers die de omstandigheden binnen en buiten het
lichaam registreren
➢ Vrije zenuwuiteinden = dendrieten (eenvoudigste vorm van zintuig)
✓ Gevoelig voor verscheidene typen prikkels
✓ Gevoelig voor 1 type prikkel
➢ Ingewikkelde zintuigcellen
- Receptorveld
➢ Gebied dat informatie levert aan een sensorische cel of zintuigcel
➢ Hoe groter het veld, hoe moeilijker lokaliseerbaar de prikkel
➢ Hoe kleiner het veld, hoe makkelijker te lokaliseren
- Adaptatie
➢ Afname van gevoeligheid in aanwezigheid van een continue prikkel
➢ Minder infogeleiding naar de hersenschors
1
,Verpleegkundig redeneren en handelen inleidend 2
- 2-puntsdiscriminatie:
➢ Minimale afstand waarbij 2 verschillende punten ook echt als 2 verschillende punten
worden gepercipieerd.
➢ Two point touch test
Vingertopjes zeer gevoelig
Ter illustratie
2
,Verpleegkundig redeneren en handelen inleidend 2
- Alle sensorische informatie gaat naar het CZS ovv een actiepotentiaal via een sensibele
afferente zenuwvezel
- Sensorische transductie = omzetting van een sensorisch signaal naar een elektrisch signaal
➢ Naarmate de prikkel sterker is, is de frequentie van de AP hoger
➢ Afhankelijk van het soort informatie, wordt de informatie naar een andere plek binnen
het CZS geleid
- De aankomende informatie vanuit een zintuigcel noemt men een gewaarwording
- De bewustwording van een gewaarwording noemt men een waarneming
- 99 % van de sensorische informatie gaat naar centra in het ruggenmerg en de hersenstam
➢ = onwillekeurige reflex
➢ = niet bewust
- Slechts 1 % van de sensorische informatie gaat naar de hersenschors
➢ = bewust en dus willekeurig
- Algemene zintuigcellen liggen verspreid over het ganse lichaam
➢ Temperatuur
➢ Pijn
➢ Aanraking – trilling
➢ Druk
➢ Proprioceptie = houding
- Speciale zintuigcellen bevinden zich geconcentreerd in 5 gespecialiseerde organen
➢ Reuk
➢ Smaak
➢ Zicht
➢ Evenwicht en gehoor
9.2. Algemene zintuigen: de verschillende soorten sensorische cellen
3
, Verpleegkundig redeneren en handelen inleidend 2
- NOCI-receptoren => pijn
- THERMO-receptoren => temperatuur
- MECHANO-receptoren => aanraking-druk-proprioceptie
- CHEMO-receptoren => chemische prikkels
Opmerking:
“Algemene” zintuigen = zintuigen die overal voorkomen in het lichaam voor en niet geconcentreerd
zijn op een bepaalde plaats
9.2.1. Pijn = nociceptie
- Vrije zenuwuiteinden
- Huid – gewrichtskapsels – beenvliezen – bloedvatwanden
- Grote receptorvelden
- Gevoelig voor
➢ Mechanische beschadigende prikkels (vb. snijwonde)
➢ Extreme thermische prikkels (vb. kokend water)
➢ Opgeloste chemische prikkels (vb. ontsteking)
- 2 types axonen
➢ Gemyeliniseerde vezels: snelle vezels voor waarneming stekende en goed gelokaliseerde
pijn
➢ Ongemyeliniseerde vezels: trage vezels voor waarneming brandende en slecht
gelokaliseerde pijn
- Via Tractus Spinothalamicus (gevoelsbaan) naar primair sensorische cortex
- Pijnreceptoren blijven pijnprikkels doorgeven zolang de prikkel voorhanden is
Gerefereerde pijn
Gerefereerde pijn
- Pijngewaarwording in ingewanden lijken soms afkomstig van lichaamsoppervlak, meestal van
gebieden die door dezelfde spinale zenuw geïnnerveerd worden
- = pijn in delen van het lichaam die niet werkelijk geprikkeld worden
- Vb. Linker arm bij hartlijden , schouderpijn bij diafragmaprikkeling, …
9.2.2. Temperatuurzin = thermoceptie
- Vrije zenuwuiteinden
- Huid, skeletspieren, lever en hypothalamus
4