Samenvatting orgaansystemen hoorcollege 1 & 2: Hart en vaten elektrische activatie en
electrocardiogram
Boezems en kamers:
- Het hart bestaat uit 2 kamers en 2 boezems.
Het hart als pomp:
- Het hart fungeert als pomp welke is verbonden met 2 circulaties. Namelijk de longcirculatie
en de systemische circulatie.
- Hierbij geldt dat de bloeddruk voor het desbetreffende orgaan altijd hoog is en na het orgaan
laag. Hierdoor ontstaat er een bloedflow van de hoge druk naar de lage druk.
- De bloeddruk in de longcirculatie is daarnaast veel lager dan in de systemische circulatie. Het
gevolg hiervan is dan ook dat het linkerventrikel (kamer) welke de lichaamscirculatie bediend
een veel gespierdere wand heeft dan het rechterventrikel.
- Met elke hartslag wordt er een beetje bloed weggepompt. Het hartminuutvolume wordt
bepaald door de hartfrequentie en het slagvolume. Normaal is de hartfrequentie tussen de
50-70/min.
, Functionele hartcyclus:
- Het pompen van het bloed door het hart verloopt in een aantal stappen:
1. Eind diastole: De AV-kleppen openen. Zowel de boezems als de kamers ontspannen en de
kamers worden daardoor gevuld met bloed.
2. Boezemsystole: De boezems contraheren waardoor het laatste beetje bloed de kamers in
wordt gepompt.
3. Isovolumetrische kamercontractie: de AV-kleppen sluiten, maar de druk is nog niet hoog
genoeg om de semilunaire kleppen te openen.
4. Ejectiefase kamer: de druk in de kamer stijgt boven de druk in de slagaders. De semilunaire
kleppen openen en bloed wordt uitgepompt.
5. Isovolumetrische relaxatie: de kamers ontspannen en de druk daalt. Daardoor sluiten de
semilunaire kleppen terwijl de AV-kleppen nog dicht zijn.
Impulsvorming en geleiding in het hart:
- Om de pompende beweging te kunnen maken maakt het hart gebruik van elektrische
signalen.
- De elektrische activiatie volgorde is hierin de contractie volgorde. Dit wordt veroorzaakt door
excitatie-contractie koppeling.
electrocardiogram
Boezems en kamers:
- Het hart bestaat uit 2 kamers en 2 boezems.
Het hart als pomp:
- Het hart fungeert als pomp welke is verbonden met 2 circulaties. Namelijk de longcirculatie
en de systemische circulatie.
- Hierbij geldt dat de bloeddruk voor het desbetreffende orgaan altijd hoog is en na het orgaan
laag. Hierdoor ontstaat er een bloedflow van de hoge druk naar de lage druk.
- De bloeddruk in de longcirculatie is daarnaast veel lager dan in de systemische circulatie. Het
gevolg hiervan is dan ook dat het linkerventrikel (kamer) welke de lichaamscirculatie bediend
een veel gespierdere wand heeft dan het rechterventrikel.
- Met elke hartslag wordt er een beetje bloed weggepompt. Het hartminuutvolume wordt
bepaald door de hartfrequentie en het slagvolume. Normaal is de hartfrequentie tussen de
50-70/min.
, Functionele hartcyclus:
- Het pompen van het bloed door het hart verloopt in een aantal stappen:
1. Eind diastole: De AV-kleppen openen. Zowel de boezems als de kamers ontspannen en de
kamers worden daardoor gevuld met bloed.
2. Boezemsystole: De boezems contraheren waardoor het laatste beetje bloed de kamers in
wordt gepompt.
3. Isovolumetrische kamercontractie: de AV-kleppen sluiten, maar de druk is nog niet hoog
genoeg om de semilunaire kleppen te openen.
4. Ejectiefase kamer: de druk in de kamer stijgt boven de druk in de slagaders. De semilunaire
kleppen openen en bloed wordt uitgepompt.
5. Isovolumetrische relaxatie: de kamers ontspannen en de druk daalt. Daardoor sluiten de
semilunaire kleppen terwijl de AV-kleppen nog dicht zijn.
Impulsvorming en geleiding in het hart:
- Om de pompende beweging te kunnen maken maakt het hart gebruik van elektrische
signalen.
- De elektrische activiatie volgorde is hierin de contractie volgorde. Dit wordt veroorzaakt door
excitatie-contractie koppeling.