KLASSIEKE RECHTVAARDIGINGSTOETS
1 BESLISMETHODE
KRT geldt enkel binnen de beginselenethiek, niet binnen een andere ethiek. In de beginselenethiek is er dus
geen ultiem argument, in andere soorten ethiek wel. Daarom schrijft de beginselenethiek een soort proces
voor om je standpunt te beargumenteren (de KRT).
➢ (Virtueel) debat tussen propartij (niet tegen) en contrapartij (wel tegen) - anticiperen op en inleven
met tegenpartij is cruciaal
o Virtueel: je hebt niet een effectieve tegenstander
➢ Preciseer het debat – verschil tussen controverse en interventie
➢ Pro en contra hebben verschillende opdrachten – pro heeft genoeg aan één “open deur” terwijl
contra alle “deuren” moet sluiten
o Je kan pro zijn op verschillende manieren, je kan 1 deur openhouden. Pro heeft een
keuzemogelijkheid; die kan zich inzetten op de standpunten dat die wilt
o Contra moet al die mogelijke deuren sluiten; ze hebben een grotere bewijslast. Elke positie
die pro kan innemen moet die kunnen weerleggen.
➢ Waarover geen discussie bestaat, debatteer je niet – contra begint het debat (is niemand er tegen,
dan is discussie overbodig)
Er zijn 2 posities die je kan innemen: pro of contra -> geen mening hebben telt niet, je kiest een van de twee
posities. Maak ook altijd een onderscheid tussen de controverse op zich, en de interventie die door een
autoriteit wordt gesteld ten opzichte van de controverse.
- Je moet ook niet altijd tegenovergestelde standpunten hebben: je kan tegen jongensbesnijdenis op
zich (controverse) zijn, maar ook vinden dat de OH dat niet moet verbieden (interventie). Op
examen wordt dat duidelijk gemaakt op welk niveau de discussie is
Pro betekent niet tegen iets zijn (iets: een bepaalde handeling, praktijk, wet, gebeurtenis, een interventie
van een autoriteit of overheid waardoor een bepaalde handeling wordt gesanctioneerd…)
1
, - Bv. jongensbesnijdenis (op zich) (niveau handeling, controverse)
o pro = ik zie geen probleem in het feit dat jongens besneden worden op jonge leeftijd
o Je pro-standpunt moet initieel niet gerechtvaardigd worden. Je moet pas rechtvaardiging
geven als pro wanneer je te maken krijgt met tegenstanders (dus contra), vanaf dat er
discussie ontstaat begin je als pro-partij te argumenteren
- Bv. overheid die jongensbesnijdenis verbiedt (niveau van interventie):
o Bv. in Keulen: jongensbesnijdenis wordt gezien als schending van de integriteit van een
persoon (moreel beginsel)
▪ Hier pro-partij = ik heb geen probleem met een verbod op jongensbesnijdenis
Contra betekent tegen iets zijn (opnieuw iets kan de controverse zijn maar ook de interventie). De contra-
partij start de discussie; de partij geeft aan dat er een probleem is dat aangepakt moet worden. Vanaf dat
de tegenstander een probleem met iets heeft, dan begint het debat.
2
1 BESLISMETHODE
KRT geldt enkel binnen de beginselenethiek, niet binnen een andere ethiek. In de beginselenethiek is er dus
geen ultiem argument, in andere soorten ethiek wel. Daarom schrijft de beginselenethiek een soort proces
voor om je standpunt te beargumenteren (de KRT).
➢ (Virtueel) debat tussen propartij (niet tegen) en contrapartij (wel tegen) - anticiperen op en inleven
met tegenpartij is cruciaal
o Virtueel: je hebt niet een effectieve tegenstander
➢ Preciseer het debat – verschil tussen controverse en interventie
➢ Pro en contra hebben verschillende opdrachten – pro heeft genoeg aan één “open deur” terwijl
contra alle “deuren” moet sluiten
o Je kan pro zijn op verschillende manieren, je kan 1 deur openhouden. Pro heeft een
keuzemogelijkheid; die kan zich inzetten op de standpunten dat die wilt
o Contra moet al die mogelijke deuren sluiten; ze hebben een grotere bewijslast. Elke positie
die pro kan innemen moet die kunnen weerleggen.
➢ Waarover geen discussie bestaat, debatteer je niet – contra begint het debat (is niemand er tegen,
dan is discussie overbodig)
Er zijn 2 posities die je kan innemen: pro of contra -> geen mening hebben telt niet, je kiest een van de twee
posities. Maak ook altijd een onderscheid tussen de controverse op zich, en de interventie die door een
autoriteit wordt gesteld ten opzichte van de controverse.
- Je moet ook niet altijd tegenovergestelde standpunten hebben: je kan tegen jongensbesnijdenis op
zich (controverse) zijn, maar ook vinden dat de OH dat niet moet verbieden (interventie). Op
examen wordt dat duidelijk gemaakt op welk niveau de discussie is
Pro betekent niet tegen iets zijn (iets: een bepaalde handeling, praktijk, wet, gebeurtenis, een interventie
van een autoriteit of overheid waardoor een bepaalde handeling wordt gesanctioneerd…)
1
, - Bv. jongensbesnijdenis (op zich) (niveau handeling, controverse)
o pro = ik zie geen probleem in het feit dat jongens besneden worden op jonge leeftijd
o Je pro-standpunt moet initieel niet gerechtvaardigd worden. Je moet pas rechtvaardiging
geven als pro wanneer je te maken krijgt met tegenstanders (dus contra), vanaf dat er
discussie ontstaat begin je als pro-partij te argumenteren
- Bv. overheid die jongensbesnijdenis verbiedt (niveau van interventie):
o Bv. in Keulen: jongensbesnijdenis wordt gezien als schending van de integriteit van een
persoon (moreel beginsel)
▪ Hier pro-partij = ik heb geen probleem met een verbod op jongensbesnijdenis
Contra betekent tegen iets zijn (opnieuw iets kan de controverse zijn maar ook de interventie). De contra-
partij start de discussie; de partij geeft aan dat er een probleem is dat aangepakt moet worden. Vanaf dat
de tegenstander een probleem met iets heeft, dan begint het debat.
2