MYTHOLOGIE
1. INTRODUCTIE VAN DE CURSUS
DOEL VAN DE CURSUS
• Klassieke mythologische verhalen leren herkennen en begrijpen.
• Mythologie vormt een belangrijk cultureel referentiekader.
• Mythologische verwijzingen komen voor in:
o kunst
o literatuur
o architectuur
o film
o theater
o muziek
o populaire cultuur
o taalgebruik.
• Mythologie geeft extra betekenis aan kunst en cultuur.
MYTHOLOGIE IN CULTUUR
• Mythes blijven voortdurend circuleren.
• Ze worden telkens opnieuw:
o verteld
o aangepast
o geïnterpreteerd
o herwerkt.
• De beelden in de cursus dienen:
o als illustratie van mythes
o als voorbeelden van hoe mythes blijven voortleven doorheen de geschiedenis.
2. ODYSSEUS EN DE SIRENEN
DE AFBEELDING VAN DE SIRENEN
• Op de afbeelding:
o zee
o schip
o vrouw op een rots
o muziekinstrument.
• Verwijzing naar de mythe van de sirenen.
1
,SIRENEN
• Mythische wezens die zeelieden verleiden met hun zang.
• Hun gezang lokt schepen naar de rotsen.
• Voorstelling veranderde doorheen de tijd:
o Griekse oudheid:
▪ vogelachtig lichaam
▪ vrouwenhoofd
o latere tradities:
▪ vissenstaart
▪ invloed van zeemeerminmotieven.
3. TROJAANSE OORLOG
AANLEIDING VAN DE OORLOG
TWISTAPPEL VAN ERIS
• Eris gooide een gouden appel tussen de godinnen.
• Op de appel stond:
o “voor de mooiste”.
• Zeus wilde zich niet met de ruzie bemoeien.
• Paris moest beslissen welke godin won.
OORDEEL VAN PARIS
Godin Belofte
Hera Macht
Athena Wijsheid en militaire overwinning
Aphrodite Mooiste vrouw ter wereld
• Paris kiest Aphrodite.
• Aphrodite belooft hem Helena.
HELENA
• Helena woont in Sparta.
• Ze is getrouwd met Menelaos.
• Paris bezoekt Sparta.
• Hij wordt verliefd op Helena.
• Hij neemt haar mee naar Troje.
GEVOLG
• De Griekse koningen hadden gezworen elkaar te steunen.
• Daarom trekken de Grieken naar Troje.
• De oorlog duurt jarenlang.
2
,4. DE ILIAS
• Groot epos toegeschreven aan Homeros.
• Oorspronkelijk mondeling gezongen.
• Deel van een orale traditie.
• Beschrijft slechts een klein deel van de Trojaanse oorlog.
• Centraal:
o Achilles
o zijn woede
o zijn conflict met Agamemnon.
5. HET PAARD VAN TROJE
LIST VAN ODYSSEUS
• Odysseus bedenkt een list om Troje te veroveren.
• De Grieken bouwen een groot houten paard.
• Beste strijders verstoppen zich erin.
• Het leger doet alsof het vertrekt.
INNAME VAN TROJE
• Trojanen denken dat het paard een offer is.
• Ze halen het paard binnen.
• ’s Nachts komen de Grieken eruit.
• Ze openen de stadspoorten.
• Troje wordt vernietigd.
BETEKENIS VANDAAG
• “Paard van Troje” betekent:
o iets dat onschuldig lijkt
o maar verborgen gevaar bevat.
6. DE ODYSSEE
• Tweede grote epos van Homeros.
• Gaat over de terugkeer van Odysseus naar Ithaka.
SITUATIE
• Odysseus wil terug naar:
o Penelope
o Ithaka.
• Poseidon is boos op hem.
• Daardoor moet hij jarenlang rondzwerven.
3
, AVONTUREN ONDERWEG
• Odysseus ontmoet onder andere:
o de cycloop
o Circe
o de sirenen
o de onderwereld.
7. ODYSSEUS EN DE SIRENEN
DE SIRENEN
• Sirenen bezitten grote kennis.
• Ze verleiden mensen met verhalen en zang.
• Ze beloven Odysseus:
o kennis
o verhalen over Troje
o inzicht in gebeurtenissen.
ODYSSEUS’ PLAN
Bemanning Odysseus
oren dicht met was vastgebonden aan mast
• Odysseus wil:
o ontsnappen aan de sirenen
o maar hun zang toch horen.
• Hij geeft zijn mannen opdracht hem niet los te maken.
• Door zich vast te laten binden wordt Odysseus de eerste die de zang van de sirenen
kan horen én overleven.
• Daardoor kan hij hun lied later navertellen.
BETEKENIS
• Odysseus wil kennis opdoen.
• Hij wil verhalen horen over zichzelf en Troje.
• Mensen zoeken via verhalen betekenis en identiteit.
• Verhalen helpen mensen:
o ervaringen begrijpen
o trauma verwerken
o zichzelf herkennen.
4