Probleem 2
Partijen
- Liesbeth, Miranda en Natasha
- Vader en moeder
Probleemstelling
Wat zijn de gevolgen voor de dochters?
Krijgt Miranda een andere straf?
Vanaf welk moment zijn ze strafbaar?
Leerdoelen
Wanneer kan een persoon die een delictsomschrijving nog niet heeft vervuld, al strafbaar
zijn? (poging en voorbereiding)
Gedragingen kunnen al in een eerder stadium strafbaar zijn, dus nog voordat de delictsomschrijving
is vervuld. Iemand die de delictsomschrijving probeert te vervullen, zonder dat hem dat lukt, kan
reeds strafbaar zijn. De misdadige wil die blijkt uit de beginhandelingen van een strafbaar feit wilde
de wetgever niet straffeloos laten. Het algemeen aanvaarde criterium (CITO-criterium) voor een
poging tot misdrijf is dat de uiterlijke verschijningsvorm dient te zijn gericht op voltooiing van het
misdrijf.
In de strafwetenschap worden twee theorieën onderscheiden:
- Subjectieve theorie
Bij deze theorie ligt de nadruk op de intentie van de dader. Er is sprake van uitvoering indien er
handelingen worden verricht waaruit blijkt dat men naar voltooiing van het misdrijf streeft en dus
uiting geeft aan de misdadige wil.
- Objectieve theorie
Bij deze theorie moet sprake zijn van een gedraging die daadwerkelijk het begin vormt van voltooiing
van het misdrijf. Men is doorgaans de voltooiing van het feit dichter genaderd dan bij de subjectieve
opvatting.
- Poging
De poging kan in zijn algemeenheid gezien worden als een uitbreiding van de strafbaarheid naar een
eerder stadium. Dit is echter niet grenzeloos, soms is een stadium nog te pril om te kunnen spreken
van poging tot het strafbare feit. De wettelijke omschrijving staat in art. 45 lid Sr. Het voornemen, de
wil van de dader, moet blijken uit bepaalde handelingen. Die handelingen moeten aan te merken zijn
als een begin van de uitvoering. Een dader die zijn poging vrijwillig opgeeft is niet strafbaar op grond
van poging, art. 46b Sr.
De ondeugdelijke poging
Er zijn veel gevallen te bedenken waarin iemand streeft naar het plegen van een strafbaar feit, maar
dat doet op zodanige wijze dat nooit een reëel gevaar voor het slagen van het misdrijf aanwezig is.
We spreken dan van absolute ondeugdelijkheid. Bij deze vorm maakt het gebruikte middel of het