Klas: Vwo 6
Stof: Relativiteit
, Relativiteit
Paragraaf 1: Tijdrek en lengtekrimp
Referentiestelsel, relatieve snelheid
Je ziet alle bewegingen in een stelsel waarvan jij het middelpunt bent. Zo’n stelsel noem je
een referentiestelsel. Het stelsel waarin je jezelf bevindt heet het ruststelsel. Het andere
stelsel noem je het bewegend stelsel.
Snelheid is een relatief begrip, omdat het verschilt per stelsel. Dit staat ook wel bekend als
de relativiteitsprincipe van Galilei.
Lichtsnelheid
De lichtsnelheid heeft in ieder stelsel dezelfde constante waarde. Een snelheid groter dan de
lichtsnelheid bestaat niet.
Tijdrek
Licht is opgebouwd uit fotonen. Een proces in een stelsel dat beweegt ten opzichte van jou,
duurt voor jou langer dan voor een waarnemer in dat stelsel zelf. Dit verschijnsel noem je
tijdrek.
Je berekent de tijdrek met:
Δtb = y x Δte
Δtb is de tijd van een proces in s in het referentiestelsel dat beweegt ten opzichte van het
ruststelsel in het proces.
Δte is de eigentijd van een proces in s in het ruststelsel van het proces.
y is de gammafactor.
De gammafactor heet ook wel de lorentzfactor. De gammafactor heeft geen eenheid en is
altijd groter dan of gelijk aan 1.
1
y=
√ 1−
v2
c2
y is de gammafactor.
v is de relatieve snelheid van de tweesystemen ten opzichte van elkaar in m/s.