Deel 4. Algemeen regime van verbintenissen
Titel 1: Inleiding Art 5.138 BW
Titel 2: Modaliteiten van verbintenissen
Hoofdstuk 1: Begripsbepaling modaliteiten
Een verbintenis is normaal zuiver & eenvoudig. (= onmiddellijk
opeisbaar, blijft bestaan tot ze tenietgaan), maar partijen kunnen de
verbintenis moduleren.
Dit doen ze door de werking te laten afhangen van een toekomstige
gebeurtenis. Art 1.6
Hoofdstuk 2: Voorwaardelijke verbintenis
= verbintenis is opeisbaar/voorwaardelijk wanneer haar opeisbaarheid of
tenietgaan afhangt van een toekomstige onzekere gebeurtenis. Art 5.139
Soorten voorwaarden
1. Opschortende voorwaarde: verbintenis wordt opeisbaar bij
vervulling
2. Ontbindende voorwaarde: verbintenis dooft uit bij vervulling.
Vorm voorwaarde: uitdrukkelijk (expliciet in contract) of stilzwijgend
(afgeleid uit bedoeling van partijen) art 5.142
≠Ontbindende beding (sanctie voor wanprestatie). Onbind; voorw.; geen
wanprestatie nodig
Geldigheidsvereisten van een voorwaarde
1. Geen geldigheidsvereiste van contract
De voorwaarde mag geen essentieel element van het contract
betreffen vb. wilsovereenstemming, handelingsbekwaamheid (art
5.141)
2. Geen zuiver potestatieve opschortende voorwaarde voor SA
Potestatief= afhankelijk van wil van een partij
Zuiver potestatief= uitsluitend afhankelijk van wil van één partij
Voorwaarde is niet geldig wanneer ze bij de SA ligt contract zou
niet bindend zijn
Wel toegestaan= gemengd potestatief, zuiver potestatief bij SE,
zuiver potestatief ontbindend bij SA (opzegbeding)
3. Voorwaarde mag niet (niet-)nakoming andere contractuele
verbintenis zijn
Nakoming of niet-nakoming van ander verplichting kan geen
voorwaarde zijn. Zo een beding kan geherkwalificeerd worden als
tijdsbepaling (5.149) of ontbindend beding.
, 4. Voorwaarde moet mogelijk zijn
Gevolgen onmogelijke verb.: bij opschortende voorwaarde
verbintenis ontstaat niet
Bij ontbindende voorwaarde verbintenis is onmiddellijk geldig.
Art 5.140
5. Mag niet verboden zijn door wet
Sommige wetten verbieden bepaalde voorwaarden bv.
Arbeidsovereenkomst mag niet automatisch eindigen door huwelijk
of moederschap
Gevolgen van de voorwaarde
Wanneer is voorwaarde vervuld? Interpretatie door rechter volgens
bedoeling partijen (5.143)
Gebeurtenis zal plaatsvinden
- Tijd verstreken zonder gebeurtenis onvervuld
- Geen tijd onvervuld wanneer zeker dat gebeurtenis niet komt
Gebeurtenis zal niet plaatsvinden
- Tijd verstreken vervuld
- Geen tijd vervuld wanneer zeker dat gebeurtenis niet komt
Verhindering of uitlokking (art 5.144). Als partij:
- Vervulling verhindert andere partij mag voorwaarde als vervuld
beschouwen
- Vervulling uitlokt andere partij mag als onvervuld beschouwen
Als gebeurtenis al gebeurd bij contractsluiting gevolgen treden
onmidd. in (5.140)
Gevolgen tijdens wachttijd
1. Afstand van voorwaarde (5.145)
Mogelijk wanneer voorwaarde enkel in belang van één partij is.
Zolang ze hangende is.
2. Rechten en plichten (5.146): Tijdens wachttijd: partijen moeten te
goeder trouw handelen, geen handelingen die rechten andere
partij schaden & partijen mogen maatregelen nemen om rechten
te beschermen.
Gevolgen wanneer voorwaarde vervuld is (art 5.147)
- Opschortende voorwaarde: verbintenis wordt opeisbaar
- Ontbindende voorwaarde: verbintenis eindigt
Werking; automatisch, geen terugwerkende pracht, MAAR bij
ontbindende voorwaarde restitutie van prestaties. UITZ. Prestatief
om iets te doen (niet te doen)
, Gevolgen wanneer voorwaarde niet vervuld is (art 5.148)
- Opschortend verbintenis gaat teniet
- Ontbindend verbintenis wordt definitief
Hoofdstuk 3: Verbintenis met tijdsbepaling
= verbintenis afhankelijk van toekomstige en zekere gebeurtenis (art
5.149)
Soorten
- Opschortende tijdsbepaling na tijdstip wordt verbintenis
opeisbaar
- Uitdovende tijdsbepaling verbintenis eindigt na tijdstip
Vaste datum= exacte tijdstip (17 maart)
Onvaste datum= gebeurtenis zeker maar tijdstip onzeker (overlijden
persoon)
Vorm: art 5.150. kan uitdrukkelijk of stilzwijgend
Gevolg tijdsbepaling
1. Interpretatie: als tijd niet duidelijk is rechter bepaalt volgens
omstandigh. (5.152)
2. Wachttijd: art 5.154 tijdens wachttijd: SE kan betaling niet eisen,
vrijwillige betaling moet niet worden teruggegeven & SE mag
maatregelen nemen om rechten te beschermen.
3. Afstand tijdsbepaling (art 5.153). Vermoeden: tijdsbepaling in
belang SA. Afstand mogelijk zolang de tijd nog niet verstreken is.
4. Verstrijken tijdsbepaling (art 5.151). Automatische werking:
- Opschortend verbintenis wordt opeisbaar
- Uitdovend verbintenis eindigt
Geen terugwerkende kracht
Verval opschortende tijdsbepaling (art 5.155)
SA verliest voordeel wanneer:
- Faillissement
Titel 1: Inleiding Art 5.138 BW
Titel 2: Modaliteiten van verbintenissen
Hoofdstuk 1: Begripsbepaling modaliteiten
Een verbintenis is normaal zuiver & eenvoudig. (= onmiddellijk
opeisbaar, blijft bestaan tot ze tenietgaan), maar partijen kunnen de
verbintenis moduleren.
Dit doen ze door de werking te laten afhangen van een toekomstige
gebeurtenis. Art 1.6
Hoofdstuk 2: Voorwaardelijke verbintenis
= verbintenis is opeisbaar/voorwaardelijk wanneer haar opeisbaarheid of
tenietgaan afhangt van een toekomstige onzekere gebeurtenis. Art 5.139
Soorten voorwaarden
1. Opschortende voorwaarde: verbintenis wordt opeisbaar bij
vervulling
2. Ontbindende voorwaarde: verbintenis dooft uit bij vervulling.
Vorm voorwaarde: uitdrukkelijk (expliciet in contract) of stilzwijgend
(afgeleid uit bedoeling van partijen) art 5.142
≠Ontbindende beding (sanctie voor wanprestatie). Onbind; voorw.; geen
wanprestatie nodig
Geldigheidsvereisten van een voorwaarde
1. Geen geldigheidsvereiste van contract
De voorwaarde mag geen essentieel element van het contract
betreffen vb. wilsovereenstemming, handelingsbekwaamheid (art
5.141)
2. Geen zuiver potestatieve opschortende voorwaarde voor SA
Potestatief= afhankelijk van wil van een partij
Zuiver potestatief= uitsluitend afhankelijk van wil van één partij
Voorwaarde is niet geldig wanneer ze bij de SA ligt contract zou
niet bindend zijn
Wel toegestaan= gemengd potestatief, zuiver potestatief bij SE,
zuiver potestatief ontbindend bij SA (opzegbeding)
3. Voorwaarde mag niet (niet-)nakoming andere contractuele
verbintenis zijn
Nakoming of niet-nakoming van ander verplichting kan geen
voorwaarde zijn. Zo een beding kan geherkwalificeerd worden als
tijdsbepaling (5.149) of ontbindend beding.
, 4. Voorwaarde moet mogelijk zijn
Gevolgen onmogelijke verb.: bij opschortende voorwaarde
verbintenis ontstaat niet
Bij ontbindende voorwaarde verbintenis is onmiddellijk geldig.
Art 5.140
5. Mag niet verboden zijn door wet
Sommige wetten verbieden bepaalde voorwaarden bv.
Arbeidsovereenkomst mag niet automatisch eindigen door huwelijk
of moederschap
Gevolgen van de voorwaarde
Wanneer is voorwaarde vervuld? Interpretatie door rechter volgens
bedoeling partijen (5.143)
Gebeurtenis zal plaatsvinden
- Tijd verstreken zonder gebeurtenis onvervuld
- Geen tijd onvervuld wanneer zeker dat gebeurtenis niet komt
Gebeurtenis zal niet plaatsvinden
- Tijd verstreken vervuld
- Geen tijd vervuld wanneer zeker dat gebeurtenis niet komt
Verhindering of uitlokking (art 5.144). Als partij:
- Vervulling verhindert andere partij mag voorwaarde als vervuld
beschouwen
- Vervulling uitlokt andere partij mag als onvervuld beschouwen
Als gebeurtenis al gebeurd bij contractsluiting gevolgen treden
onmidd. in (5.140)
Gevolgen tijdens wachttijd
1. Afstand van voorwaarde (5.145)
Mogelijk wanneer voorwaarde enkel in belang van één partij is.
Zolang ze hangende is.
2. Rechten en plichten (5.146): Tijdens wachttijd: partijen moeten te
goeder trouw handelen, geen handelingen die rechten andere
partij schaden & partijen mogen maatregelen nemen om rechten
te beschermen.
Gevolgen wanneer voorwaarde vervuld is (art 5.147)
- Opschortende voorwaarde: verbintenis wordt opeisbaar
- Ontbindende voorwaarde: verbintenis eindigt
Werking; automatisch, geen terugwerkende pracht, MAAR bij
ontbindende voorwaarde restitutie van prestaties. UITZ. Prestatief
om iets te doen (niet te doen)
, Gevolgen wanneer voorwaarde niet vervuld is (art 5.148)
- Opschortend verbintenis gaat teniet
- Ontbindend verbintenis wordt definitief
Hoofdstuk 3: Verbintenis met tijdsbepaling
= verbintenis afhankelijk van toekomstige en zekere gebeurtenis (art
5.149)
Soorten
- Opschortende tijdsbepaling na tijdstip wordt verbintenis
opeisbaar
- Uitdovende tijdsbepaling verbintenis eindigt na tijdstip
Vaste datum= exacte tijdstip (17 maart)
Onvaste datum= gebeurtenis zeker maar tijdstip onzeker (overlijden
persoon)
Vorm: art 5.150. kan uitdrukkelijk of stilzwijgend
Gevolg tijdsbepaling
1. Interpretatie: als tijd niet duidelijk is rechter bepaalt volgens
omstandigh. (5.152)
2. Wachttijd: art 5.154 tijdens wachttijd: SE kan betaling niet eisen,
vrijwillige betaling moet niet worden teruggegeven & SE mag
maatregelen nemen om rechten te beschermen.
3. Afstand tijdsbepaling (art 5.153). Vermoeden: tijdsbepaling in
belang SA. Afstand mogelijk zolang de tijd nog niet verstreken is.
4. Verstrijken tijdsbepaling (art 5.151). Automatische werking:
- Opschortend verbintenis wordt opeisbaar
- Uitdovend verbintenis eindigt
Geen terugwerkende kracht
Verval opschortende tijdsbepaling (art 5.155)
SA verliest voordeel wanneer:
- Faillissement