Deel 2. Verbintenissen uit rechtsfeiten
Titel 1: Oneigenlijke contracten
Hoofdstuk 1: Begripsbepaling oneigenlijke contracten
= art 5.127. Belangrijk: = geoorloofd (geen fout), geen
wilsovereenstemming, rechtsgevolgen lijken op die van contracten
3 soorten: zaakwaarneming, onverschuldigde betaling &
ongerechtvaardigde verrijking
Hoofdstuk 2: Zaakwaarneming
= art 5.128 BW. Bv. Buur herstelt dak van zijn buur tijdens dat hij op
vakantie is Soorten handelingen (art 5.129):
rechtshandelingen (contract sluiten met aannemer) of materiële
handelingen (zelf dak herstellen).
Zaakwaarneming zoekt evenwicht tussen altruïsme aanmoedigen en
bescherming tegen opdringerigheid. Niet voldaan aan voorwaarden
inbreuk op eigendomsrecht
Vereisten
1. Inzicht om andermans belang te behartigen
De hoofdinstantie moet altruïstisch zijn niet handelen voor eigen
belang
2. Vrijwillige tussenkomst
Geen zaakwaarneming als: wettelijke, contractuele & reglementaire
plicht
!! Algemene hulpverleningsplicht art 422bis SW verhindert
zaakwaarneming niet.
3. Nuttige tussenkomst
De tussenkomst moet wenselijk lijken en beoordeeld worden op
moment van optreden. Resultaat achteraf is niet doorslaggevend.
Zelf als het mislukt; kan er toch zaakwaarneming zijn.
4. Geen verzet van de meester van de zaak
Geen zaakwaarneming als meester zich verzet of verzet redelijk
voorzienbaar is
5. Geen vrijgevigheid
Geen animus donadi (geen schenkingsoogmerk). Vrijgevigheid wordt
niet vermoed. De meester moet dit bewijzen.
Als de meester achteraf bevestigd, dan worden de 5 vereisten als vervuld
beschouwd (art 5.128), maar voorafgaande toestemming is geen vereiste.
,Gevolgen
Verbintenissen van de zaakwaarnemer
1. Voorzettingsplicht
Moet de begonnen taak voortzetten en voltooien tot de meester kan
overnemen (zelf bij overlijden, onbekwaamheid art 5.130)
2. Informatieplicht: moet meester onmiddellijk informeren
3. Rekenschapsplicht: moet uitleg geven over wat hij deed, waarom
en hoe.
4. Zorgplicht
Moet handelen als een voorzichtig en redelijk persoon art 5.131.
Norm is concreet
- Professionele hulpverlener strengere norm
- Eenmalige hulpverlener soepelere norm
5. Aansprakelijkheid
Bij fout schadevergoeding. Rechter kan schadevergoeding matigen
(art 5.131) bv. Bij spoedeisende omstandigheden
Verbintenis van de meester van de zaak
1. Verbintenissen in naam van meester
Als hij handelt in naam van meester meester moet uitvoeren art
5.132
2. Verbintenissen in eigen naam
Eigen naam handelen meester moet hem vergoeden. Derde kan
enkel de zaakwaarnemer aanspreken (behalve bij bevestiging)
3. Vergoeding kosten
Meester moet vergoeden nuttige/noodz. uitgaven & geleden
verliezen (zonder fout)
4. Loon bij beroepsactiviteit
Als zaakwaarnemer in beroepscontext optreedt of inkomsten
misloopt kan rechter billijk loon toekennen.
Hoofdstuk 3: Onverschuldigde betaling= art 5.133 BW
- Solvens= de betaler
- Accipiens= degene die ontvangt
, - Soms ook een derde persoon Bv. Iemand stort geld op een
verkeerd rekeningnummer. Werkelijke SE bestaat, maar krijgt
niets
Vereisten
1. Er moet een betaling zijn
Betaling= uitvoering van een verbintenis. (niet enkel geld, ook
prestatie leveren)
2. Onverschuldigd karakter
De betaling moet zonder oorzaak zijn 2 soorten
- Objectief onverschuldigd
Er bestaat geen (geldige) schuld. Vb. Schuld heeft nooit
bestaan, schuld is nog niet openbaar, schuld is uitgedoofd (al
betaald) het teveel betaalde is zonder oorzaak
- Subjectief onverschuldigd
Er is wel schuld, maar er wordt aan de verkeerde persoon
betaald of de betaler is niet de SA. Vb. fout rekeningnummer of
iemand betaalt schulden van nalatenschap terwijl hij geen
erfgenaam is
3. Vergissing of dwang (bij betaling door derde)
Als een derde betaalt aan de SE moet dat gebeurd zijn door
vergissing of dwang. Dwaling hoeft niet verschoonbaar te zijn, zelfs
een fout van de betaler verhindert terugvordering niet. Die fout kan
wel aanleiding geven tot ASH tegenover de ontvanger.
Gevolgen voor de accipiens
1. Restitutieverplichting (art 5.134)
De accipiens moet het onverschuldigd ontvangen bedrag
terugbetalen. De solvens heeft terugvorderingsrecht
2. Uitzondering bij betaling door derde
Geen restitutie als: derde betaalt per vergissing, SE is te goeder
trouw EN hij:
1. Zijn titel vernietigd
2. Afstand doet van zekerheden
Zijn vorderingen laat verjaren
In deze gevallen wordt de SE beschermt omdat hij in
vertrouwen heeft gehandeld en anders benadeeld zou worden.
De betaler kan zich richten tot de werkelijke SA voor betaalde
bedrag (art 5.134)
3. Vermindering van de verrijking
Restitutieplicht is geen ASH. Daarom mag ontvanger niet slechter
staan dan zonder betaling. Als de verrijking verminderd is zonder
, fout van ontvanger en door omstandigheden buiten zijn wil, dan
moet hij enkel het resterende voordeel teruggeven.
Gevolgen voor de solvens
1. Art 121 BW. De solvens met de kosten vergoeden die de ontvanger
heeft gemaakt naar aanleiding van de onverschuldigde betaling. Er
zijn 2 soorten kosten
- Nuttige kosten: kosten die een voordeel opleveren
- Noodzakelijke kosten: kost die onontbeerlijk zijn om
schade/verlies te voorkomen.
Vb. iemand krijgt per vergissing goederen geleverd. Om te
vermijden dat de goederen beschadigd raken, maakt hij kosten
om ze veilig op te slaan. Die opslagkosten zijn noodzakelijk & de
betaler moet de vergoeden.
2. ASH van de betaler
Als de ontvanger schade lijdt door de onverschuldigde betaling, kan
er buitencontractuele ASH zijn. In dat geval kan de accipiens
schadevergoeding vorderen.
Hoofdstuk 4: Ongerechtvaardigde verrijking
= art 5.135= wanneer een persoon verrijkt is, andere verarmd is en voor
beide ontbreekt elke juridische rechtvaardiging. De
vermogensverschuiving moet dan ongedaan worden gemaakt. De
verarmde heeft een vordering tot terugbetaling ‘actio de in rem verso’
Specifieke toepassingen: 3.64 (natrekking), 3.160 (vruchtgebruik), 3.176
(einde erfpacht), 3.188 (einde opstal)
Vereisten
1. Verrijking
Elk voordeel dat in geld waardeerbaar is
Positieve verrijking vermogen neemt toe Negatieve verrijking
bevrijding van schuld
Kan materieel (geld, goederen) of immaterieel (genot van een zaak)
2. Verarming
Elk geldelijk waardeerbaar nadeel. Materieel (verlies geld) of
immaterieel (tijdverlies)
3. Oorzakelijk verband
Verrijking en verarming moeten correlatief zijn. Er is geen verband
als de verrijking ook zonder de verarming zou zijn gebeurd of
omgekeerd.
4. Geen juridische rechtvaardiging
Titel 1: Oneigenlijke contracten
Hoofdstuk 1: Begripsbepaling oneigenlijke contracten
= art 5.127. Belangrijk: = geoorloofd (geen fout), geen
wilsovereenstemming, rechtsgevolgen lijken op die van contracten
3 soorten: zaakwaarneming, onverschuldigde betaling &
ongerechtvaardigde verrijking
Hoofdstuk 2: Zaakwaarneming
= art 5.128 BW. Bv. Buur herstelt dak van zijn buur tijdens dat hij op
vakantie is Soorten handelingen (art 5.129):
rechtshandelingen (contract sluiten met aannemer) of materiële
handelingen (zelf dak herstellen).
Zaakwaarneming zoekt evenwicht tussen altruïsme aanmoedigen en
bescherming tegen opdringerigheid. Niet voldaan aan voorwaarden
inbreuk op eigendomsrecht
Vereisten
1. Inzicht om andermans belang te behartigen
De hoofdinstantie moet altruïstisch zijn niet handelen voor eigen
belang
2. Vrijwillige tussenkomst
Geen zaakwaarneming als: wettelijke, contractuele & reglementaire
plicht
!! Algemene hulpverleningsplicht art 422bis SW verhindert
zaakwaarneming niet.
3. Nuttige tussenkomst
De tussenkomst moet wenselijk lijken en beoordeeld worden op
moment van optreden. Resultaat achteraf is niet doorslaggevend.
Zelf als het mislukt; kan er toch zaakwaarneming zijn.
4. Geen verzet van de meester van de zaak
Geen zaakwaarneming als meester zich verzet of verzet redelijk
voorzienbaar is
5. Geen vrijgevigheid
Geen animus donadi (geen schenkingsoogmerk). Vrijgevigheid wordt
niet vermoed. De meester moet dit bewijzen.
Als de meester achteraf bevestigd, dan worden de 5 vereisten als vervuld
beschouwd (art 5.128), maar voorafgaande toestemming is geen vereiste.
,Gevolgen
Verbintenissen van de zaakwaarnemer
1. Voorzettingsplicht
Moet de begonnen taak voortzetten en voltooien tot de meester kan
overnemen (zelf bij overlijden, onbekwaamheid art 5.130)
2. Informatieplicht: moet meester onmiddellijk informeren
3. Rekenschapsplicht: moet uitleg geven over wat hij deed, waarom
en hoe.
4. Zorgplicht
Moet handelen als een voorzichtig en redelijk persoon art 5.131.
Norm is concreet
- Professionele hulpverlener strengere norm
- Eenmalige hulpverlener soepelere norm
5. Aansprakelijkheid
Bij fout schadevergoeding. Rechter kan schadevergoeding matigen
(art 5.131) bv. Bij spoedeisende omstandigheden
Verbintenis van de meester van de zaak
1. Verbintenissen in naam van meester
Als hij handelt in naam van meester meester moet uitvoeren art
5.132
2. Verbintenissen in eigen naam
Eigen naam handelen meester moet hem vergoeden. Derde kan
enkel de zaakwaarnemer aanspreken (behalve bij bevestiging)
3. Vergoeding kosten
Meester moet vergoeden nuttige/noodz. uitgaven & geleden
verliezen (zonder fout)
4. Loon bij beroepsactiviteit
Als zaakwaarnemer in beroepscontext optreedt of inkomsten
misloopt kan rechter billijk loon toekennen.
Hoofdstuk 3: Onverschuldigde betaling= art 5.133 BW
- Solvens= de betaler
- Accipiens= degene die ontvangt
, - Soms ook een derde persoon Bv. Iemand stort geld op een
verkeerd rekeningnummer. Werkelijke SE bestaat, maar krijgt
niets
Vereisten
1. Er moet een betaling zijn
Betaling= uitvoering van een verbintenis. (niet enkel geld, ook
prestatie leveren)
2. Onverschuldigd karakter
De betaling moet zonder oorzaak zijn 2 soorten
- Objectief onverschuldigd
Er bestaat geen (geldige) schuld. Vb. Schuld heeft nooit
bestaan, schuld is nog niet openbaar, schuld is uitgedoofd (al
betaald) het teveel betaalde is zonder oorzaak
- Subjectief onverschuldigd
Er is wel schuld, maar er wordt aan de verkeerde persoon
betaald of de betaler is niet de SA. Vb. fout rekeningnummer of
iemand betaalt schulden van nalatenschap terwijl hij geen
erfgenaam is
3. Vergissing of dwang (bij betaling door derde)
Als een derde betaalt aan de SE moet dat gebeurd zijn door
vergissing of dwang. Dwaling hoeft niet verschoonbaar te zijn, zelfs
een fout van de betaler verhindert terugvordering niet. Die fout kan
wel aanleiding geven tot ASH tegenover de ontvanger.
Gevolgen voor de accipiens
1. Restitutieverplichting (art 5.134)
De accipiens moet het onverschuldigd ontvangen bedrag
terugbetalen. De solvens heeft terugvorderingsrecht
2. Uitzondering bij betaling door derde
Geen restitutie als: derde betaalt per vergissing, SE is te goeder
trouw EN hij:
1. Zijn titel vernietigd
2. Afstand doet van zekerheden
Zijn vorderingen laat verjaren
In deze gevallen wordt de SE beschermt omdat hij in
vertrouwen heeft gehandeld en anders benadeeld zou worden.
De betaler kan zich richten tot de werkelijke SA voor betaalde
bedrag (art 5.134)
3. Vermindering van de verrijking
Restitutieplicht is geen ASH. Daarom mag ontvanger niet slechter
staan dan zonder betaling. Als de verrijking verminderd is zonder
, fout van ontvanger en door omstandigheden buiten zijn wil, dan
moet hij enkel het resterende voordeel teruggeven.
Gevolgen voor de solvens
1. Art 121 BW. De solvens met de kosten vergoeden die de ontvanger
heeft gemaakt naar aanleiding van de onverschuldigde betaling. Er
zijn 2 soorten kosten
- Nuttige kosten: kosten die een voordeel opleveren
- Noodzakelijke kosten: kost die onontbeerlijk zijn om
schade/verlies te voorkomen.
Vb. iemand krijgt per vergissing goederen geleverd. Om te
vermijden dat de goederen beschadigd raken, maakt hij kosten
om ze veilig op te slaan. Die opslagkosten zijn noodzakelijk & de
betaler moet de vergoeden.
2. ASH van de betaler
Als de ontvanger schade lijdt door de onverschuldigde betaling, kan
er buitencontractuele ASH zijn. In dat geval kan de accipiens
schadevergoeding vorderen.
Hoofdstuk 4: Ongerechtvaardigde verrijking
= art 5.135= wanneer een persoon verrijkt is, andere verarmd is en voor
beide ontbreekt elke juridische rechtvaardiging. De
vermogensverschuiving moet dan ongedaan worden gemaakt. De
verarmde heeft een vordering tot terugbetaling ‘actio de in rem verso’
Specifieke toepassingen: 3.64 (natrekking), 3.160 (vruchtgebruik), 3.176
(einde erfpacht), 3.188 (einde opstal)
Vereisten
1. Verrijking
Elk voordeel dat in geld waardeerbaar is
Positieve verrijking vermogen neemt toe Negatieve verrijking
bevrijding van schuld
Kan materieel (geld, goederen) of immaterieel (genot van een zaak)
2. Verarming
Elk geldelijk waardeerbaar nadeel. Materieel (verlies geld) of
immaterieel (tijdverlies)
3. Oorzakelijk verband
Verrijking en verarming moeten correlatief zijn. Er is geen verband
als de verrijking ook zonder de verarming zou zijn gebeurd of
omgekeerd.
4. Geen juridische rechtvaardiging