Begrippen CA1 2019-2020:
Wereld-systeem theorie
Het idee dat een waarneembaar sociaal systeem, gebaseerd op rijkdom en macht, andere
individuele landen overstijgt.
Multiculturalisme
Culturele diversiteit wordt gezien als waardevol en belangrijk om te onderhouden.
Gestratificeerd
Klassen in de samenleving gestructureerd met verschillen in rijkdom, prestige en macht.
Universeel
Iets dat bestaat in elke cultuur.
Gender rollen
Taken en activiteiten die een cultuur aanwijzen aan elke seks.
Afstamming (decent)
Sociale identiteit gebaseerd op afkomst.
Antropologische archeologie
De studie van menselijk gedrag door middel van (materiaal) resten.
Interventie filosofie
Een ideologische rechtvaardiging voor buitenstaanders om inheemse volkeren te
begeleiden, overheersen of uit te sluiten.
Enculturation
Het proces waarbij een cultuur is aangeleerd en overgedragen door de generaties heen. Het
proces waarbij een kind haar of zijn cultuur leert.
Rite de passage
Een ritueel dat de verandering in sociale of seksuele status van iemand markeert.
Socialisme
Een sociaal-politieke organisatie en economisch systeem waarin de productiemiddelen
eigendom zijn van de overheid.
Illness (ziekte)
Een staat van slechte gezondheid waargenomen of gevoeld door een individu binnen een
bepaalde cultuur.
Semi-periferie
Positie in het wereld systeem tussen het centrum en de periferie in.
, Algemene antropologie
Antropologie in het geheel: cultureel, archeologisch, biologisch, taalkundig.
Diachronisch
Het bestuderen van samenlevingen door de tijd heen.
Toegeschreven status
Sociale status gebaseerd op beperkte keuze, zoals leeftijd.
Globalisatie
Omvat een reeks van processen die transnationaal werken om verandering in een wereld te
promoten waarin landen en mensen in toenemende maten met elkaar verbonden en van
elkaar afhankelijk zijn. De versnelling van onafhankelijkheid van naties in het wereldsysteem
van vandaag.
Cultuur
Tradities en gewoontes, doorgegeven en aangeleerd, die vormen en begeleiden de
opvattingen en het gedrag van mensen die zijn blootgesteld aan hen.
Bare life
Een opvatting van het leven, waarin de pure biologische feit van het leven prioriteit wordt
gegeven over de manier waarop het leven wordt geleefd. De León refereert naar de mensen
die dood zijn gegaan waarvan hun dood niks betekent.
Endogamie
Een huwelijk binnen een sociale groep.
Kapitalistische wereldeconomie
Een op winst gerichte mondiale economie die gebaseerd is op de productie voor verkoop of
ruil.
Ontwikkeling antropologie
Een veld dat de sociaal-culturele dimensies van de economische ontwikkeling onderzoekt.
Hominiden
De mensen en chimpansees en gorilla’s.
Antropogene
Veroorzaakt door mensen en hun activiteiten.
Xenofobie
Een irrationele en/of obsessieve angst voor vreemden, buitenlanders of buitenlandse
voorwerpen/zaken.
Industriële revolutie
In Europa, na 1750, de sociale economische transformatie door middel van industrialisatie.
Wereld-systeem theorie
Het idee dat een waarneembaar sociaal systeem, gebaseerd op rijkdom en macht, andere
individuele landen overstijgt.
Multiculturalisme
Culturele diversiteit wordt gezien als waardevol en belangrijk om te onderhouden.
Gestratificeerd
Klassen in de samenleving gestructureerd met verschillen in rijkdom, prestige en macht.
Universeel
Iets dat bestaat in elke cultuur.
Gender rollen
Taken en activiteiten die een cultuur aanwijzen aan elke seks.
Afstamming (decent)
Sociale identiteit gebaseerd op afkomst.
Antropologische archeologie
De studie van menselijk gedrag door middel van (materiaal) resten.
Interventie filosofie
Een ideologische rechtvaardiging voor buitenstaanders om inheemse volkeren te
begeleiden, overheersen of uit te sluiten.
Enculturation
Het proces waarbij een cultuur is aangeleerd en overgedragen door de generaties heen. Het
proces waarbij een kind haar of zijn cultuur leert.
Rite de passage
Een ritueel dat de verandering in sociale of seksuele status van iemand markeert.
Socialisme
Een sociaal-politieke organisatie en economisch systeem waarin de productiemiddelen
eigendom zijn van de overheid.
Illness (ziekte)
Een staat van slechte gezondheid waargenomen of gevoeld door een individu binnen een
bepaalde cultuur.
Semi-periferie
Positie in het wereld systeem tussen het centrum en de periferie in.
, Algemene antropologie
Antropologie in het geheel: cultureel, archeologisch, biologisch, taalkundig.
Diachronisch
Het bestuderen van samenlevingen door de tijd heen.
Toegeschreven status
Sociale status gebaseerd op beperkte keuze, zoals leeftijd.
Globalisatie
Omvat een reeks van processen die transnationaal werken om verandering in een wereld te
promoten waarin landen en mensen in toenemende maten met elkaar verbonden en van
elkaar afhankelijk zijn. De versnelling van onafhankelijkheid van naties in het wereldsysteem
van vandaag.
Cultuur
Tradities en gewoontes, doorgegeven en aangeleerd, die vormen en begeleiden de
opvattingen en het gedrag van mensen die zijn blootgesteld aan hen.
Bare life
Een opvatting van het leven, waarin de pure biologische feit van het leven prioriteit wordt
gegeven over de manier waarop het leven wordt geleefd. De León refereert naar de mensen
die dood zijn gegaan waarvan hun dood niks betekent.
Endogamie
Een huwelijk binnen een sociale groep.
Kapitalistische wereldeconomie
Een op winst gerichte mondiale economie die gebaseerd is op de productie voor verkoop of
ruil.
Ontwikkeling antropologie
Een veld dat de sociaal-culturele dimensies van de economische ontwikkeling onderzoekt.
Hominiden
De mensen en chimpansees en gorilla’s.
Antropogene
Veroorzaakt door mensen en hun activiteiten.
Xenofobie
Een irrationele en/of obsessieve angst voor vreemden, buitenlanders of buitenlandse
voorwerpen/zaken.
Industriële revolutie
In Europa, na 1750, de sociale economische transformatie door middel van industrialisatie.