1
VAKFICHE TV OPVOEDKUNDE 3 TSO EXAMENCOMMISSIE
SECUNDAIR ONDERWIJS 2026-27
Inhoud
Waarom leer je dit vak?
Wat moet je leren?
Hoe verloopt het examen?
Hoe beoordelen we het examen?
Met welk materiaal bereid je je voor?
Waarom leer je dit vak?
In de studierichting sociale en technische wetenschappen leer je over de wisselwerking tussen
individu, voeding, samenleving, leefmilieu en techniek. De 'mens' als sociaal, technisch en
wetenschappelijk wezen staat hier voornamelijk centraal. Het sociale luik van deze richting hoort bij
het vak opvoedkunde. Het uitgangspunt voor dit vak is de mens en zijn gedrag.
Deze vakfiche bestaat uit 4 deeldomeinen.
In het eerste deeldomein bestudeer je de menselijke interactie, de factoren die de menselijke
interactie en gedrag beïnvloeden en hoe gedrag aangeleerd wordt. Er wordt ook aandacht besteed
aan hoe mensen hun eigen gedrag en dat van anderen verklaren en welke gevolgen dit heeft voor hun
gedrag.
Bij het tweede domein leer je op welke manier je het best communiceert met anderen. Communicatie
kan gepaard gaan met conflicten. Hier leer je welke conflicten er bestaan, welke fase er zijn in een
conflict en wat de mogelijke gevolgen van een conflict kunnen zijn. Je leert je eigen
conflicthanteringsstijl inschatten aan de hand van het model van Thomas en Kilmann en hoe je
assertief kan reageren in conflictsituaties.
De breuklijnen die in onze samenleving heersen komen aan bod in het derde deeldomein. De indeling
van groepen mensen gebeurt op basis van verschillende factoren. We leggen de nadruk op de mens
als onderdeel van de samenleving. Welke rol speelt de mens in het economisch, democratisch, sociaal
& maatschappelijk, rechtssysteem?
In het laatste domein wordt de ontwikkeling van de mens onder de loep genomen. De ontwikkeling
van de mens wordt beïnvloed door verschillende factoren, speelt zich af in verschillende gebieden en
fasen. Bijzondere aandacht gaat naar de opvoeding. Deze speelt een belangrijke rol in de ontwikkeling
,2
van de mens.
Wat moet je leren?
UIT WELKE COMPONENTEN BESTAAT HET VAK?
Menselijke interactie
Passend communiceren
Breuklijnen in onze samenleving
Ontwikkeling van de mens
WAT IS DE INHOUD VAN HET VAK?
, 3
Wat moet je leren?
Menselijke interactie
Menselijke interactie
Je kan op basis van een voorbeeld uit het dagelijks leven aanduiden of er sprake is van
menselijke interactie of niet.
Menselijke interactie is de manier waarop mensen (en groepen) onderling handelen, op elkaar
reageren en elkaar bewust en onbewust beïnvloeden.
Factoren die gedrag beïnvloeden
Je kan op basis van een voorbeeld uit het dagelijks leven beschrijven welke factoren het
menselijk gedrag beïnvloeden.
Menselijk gedrag wordt beïnvloed door interne en externe factoren.
Interne factoren zijn:
- biologische factoren
- psychodynamische processen
- cognitieve processen
- leerprocessen
Externe factoren zijn:
- sociaal-culturele factoren
Aanleren van gedrag
Je krijgt op het examen een voorbeeld uit het dagelijks leven.
Je beschrijft welk leerproces hier een rol gespeeld heeft.
Er bestaan verschillende leerprocessen of manieren waarop mensen gedrag aanleren:
- klassieke conditionering (Pavlov)
- operante conditionering (Skinner)
- leren door observatie (Bandura)
- inzichtelijk leren (Köhler)
Factoren die menselijke interactie beïnvloeden
Je krijgt op het examen een voorbeeld uit het dagelijks leven.
Je duidt aan welke factor de menselijke interactie beïnvloed heeft.
De menselijke interactie wordt beïnvloed door:
- zelfbeeld
- sociale perceptie
- context
- cognitie
Sociale attributietheorie
Je krijgt op het examen een voorbeeld uit het dagelijks leven.
Je duidt aan of we te maken hebben met interne of externe attributie.
Je duidt aan welke attributiefout er gemaakt wordt.
4
VAKFICHE TV OPVOEDKUNDE 3 TSO EXAMENCOMMISSIE
SECUNDAIR ONDERWIJS 2026-27
Inhoud
Waarom leer je dit vak?
Wat moet je leren?
Hoe verloopt het examen?
Hoe beoordelen we het examen?
Met welk materiaal bereid je je voor?
Waarom leer je dit vak?
In de studierichting sociale en technische wetenschappen leer je over de wisselwerking tussen
individu, voeding, samenleving, leefmilieu en techniek. De 'mens' als sociaal, technisch en
wetenschappelijk wezen staat hier voornamelijk centraal. Het sociale luik van deze richting hoort bij
het vak opvoedkunde. Het uitgangspunt voor dit vak is de mens en zijn gedrag.
Deze vakfiche bestaat uit 4 deeldomeinen.
In het eerste deeldomein bestudeer je de menselijke interactie, de factoren die de menselijke
interactie en gedrag beïnvloeden en hoe gedrag aangeleerd wordt. Er wordt ook aandacht besteed
aan hoe mensen hun eigen gedrag en dat van anderen verklaren en welke gevolgen dit heeft voor hun
gedrag.
Bij het tweede domein leer je op welke manier je het best communiceert met anderen. Communicatie
kan gepaard gaan met conflicten. Hier leer je welke conflicten er bestaan, welke fase er zijn in een
conflict en wat de mogelijke gevolgen van een conflict kunnen zijn. Je leert je eigen
conflicthanteringsstijl inschatten aan de hand van het model van Thomas en Kilmann en hoe je
assertief kan reageren in conflictsituaties.
De breuklijnen die in onze samenleving heersen komen aan bod in het derde deeldomein. De indeling
van groepen mensen gebeurt op basis van verschillende factoren. We leggen de nadruk op de mens
als onderdeel van de samenleving. Welke rol speelt de mens in het economisch, democratisch, sociaal
& maatschappelijk, rechtssysteem?
In het laatste domein wordt de ontwikkeling van de mens onder de loep genomen. De ontwikkeling
van de mens wordt beïnvloed door verschillende factoren, speelt zich af in verschillende gebieden en
fasen. Bijzondere aandacht gaat naar de opvoeding. Deze speelt een belangrijke rol in de ontwikkeling
,2
van de mens.
Wat moet je leren?
UIT WELKE COMPONENTEN BESTAAT HET VAK?
Menselijke interactie
Passend communiceren
Breuklijnen in onze samenleving
Ontwikkeling van de mens
WAT IS DE INHOUD VAN HET VAK?
, 3
Wat moet je leren?
Menselijke interactie
Menselijke interactie
Je kan op basis van een voorbeeld uit het dagelijks leven aanduiden of er sprake is van
menselijke interactie of niet.
Menselijke interactie is de manier waarop mensen (en groepen) onderling handelen, op elkaar
reageren en elkaar bewust en onbewust beïnvloeden.
Factoren die gedrag beïnvloeden
Je kan op basis van een voorbeeld uit het dagelijks leven beschrijven welke factoren het
menselijk gedrag beïnvloeden.
Menselijk gedrag wordt beïnvloed door interne en externe factoren.
Interne factoren zijn:
- biologische factoren
- psychodynamische processen
- cognitieve processen
- leerprocessen
Externe factoren zijn:
- sociaal-culturele factoren
Aanleren van gedrag
Je krijgt op het examen een voorbeeld uit het dagelijks leven.
Je beschrijft welk leerproces hier een rol gespeeld heeft.
Er bestaan verschillende leerprocessen of manieren waarop mensen gedrag aanleren:
- klassieke conditionering (Pavlov)
- operante conditionering (Skinner)
- leren door observatie (Bandura)
- inzichtelijk leren (Köhler)
Factoren die menselijke interactie beïnvloeden
Je krijgt op het examen een voorbeeld uit het dagelijks leven.
Je duidt aan welke factor de menselijke interactie beïnvloed heeft.
De menselijke interactie wordt beïnvloed door:
- zelfbeeld
- sociale perceptie
- context
- cognitie
Sociale attributietheorie
Je krijgt op het examen een voorbeeld uit het dagelijks leven.
Je duidt aan of we te maken hebben met interne of externe attributie.
Je duidt aan welke attributiefout er gemaakt wordt.
4