Histopathologie: Partim prof. Ferdinande
Volksgezondheid en epidemiologie
1. Pathologie van de cel 3. Hemodynamische stoornissen
1. Adaptatie van cellulaire groei en differentiatie 1. Oedeem
- Hypertrofie - Oorzaken
2. Hyperemie en congestie
- Hyperplasie
3. Hemorrhagie
- Atrofie 4. Thrombose
- Metaplasie - Virchow’s triade
- Intracellulaire accumulaties - Evolutie van een thrombus
- Lipiden - Klinische implicaties
- Glycogeen 5. Embool
- Pigment - Longembolen
- Systemische thromboëmbolie
- Eiwitten
- Andere
2. Celschade en celdood 6. Infarct
- Celschade: oorzaken 7. Shock
- Celdood - Oorzaken
- Necrose 8. Atherosclerose
- Apoptose - Risicofactoren
- Mechanisme - Pathogenese: response-to-injury hypothese
- Consequenties
- Fysiologisch
- Pathologisch
3. Celveroudering 4. Inflammatie en immunopathologie
- Mechanismen 1. Inflammatie
- DNA schade - Acute inflammatie
- Cellulaire senescentie - Oorzaken
- Bloedvaten in acute inflammatie
- Telomeren en telomerase
- Leukocyten in acute inflammatie
- Verlies van eiwithomeostase - Extravasatie van leukocyten
- Ontregelde ‘nutrient sensing’ - Herkenning van microben en dode
4. Pathologie geassocieerd met veroudering weefsels
- Fagocytose
2. Repair en regeneratie - Chronische inflammatie
1. Basis van repair en regeneratie - Oorzaken
2. Normale immuunrespons
- Celproliferatie
- Aangeboren immuniteit
- Extracellulaire matrix - Epitheel
- Stamcellen - Dendritische cellen
- Angiogenese - Natural Killer cellen
2. Regeneratie - Complementsysteem
3. Repair en wondheling - Adaptieve immuniteit
- Per primam/per secundam - T-lymfocyten
- B-lymfocyten
- Sequentie
- MHC moleculen
4. Effecten op wondheling - MHC klasse I moleculen
- Systemisch - MHC klasse II moleculen
- Lokaal
5. Pathologische repair - Cellulaire immuniteit
- Deficiënte littekenvorming - Humorale immuniteit
- Afname van de immuunrespons en
- Overmatige repair
immunologisch geheugen
- Overmatige wondcontractie
- Fibrose
1
,Hoofstuk 1: Pathologie van de cel
Homeostase
→ cel in evenwicht (voeding, zuurstof, …)
→ kan verstoord worden
→ door iets omgeven: cel uit evenwicht
→ omgevingsfactoren normaal: terug naar homeostase
(reversibel)
Adaptatie
→ doel om aan te passen aan nieuwe omstandigheden
om tot nieuwe steady state te komen
- onvoldoende zal zorgen voor celschade
Celschade
→ te weinig adaptatie
→ door stimulus
Irreversibele schade
→ kan zorgen voor celdood
→ schade mag niet doorgegeven worden aan dochtercellen
→ te erge schade : maligne ontaarding
Cursieve vormen: ongecontroleerde adaptatie → oorzaak maligne ontaarding
1. Adaptatie van cellulaire groei en differentiatie
→ Reversibele respons op extreme fysiologische stress of pathologische stimuli
→ Veranderingen in celgroei, celgrootte of differentiatie
→ Intracellulaire accumulatie
→ Diverse moleculaire mechanismen
Hypertrofie
= toename van celgrootte (volume, niet aantal cellen)
→ Verhoogde synthese van structurele componenten
→ fysiologisch: bij gezonde persoon
- Bv baarmoeder oiv hormonen tijdens de zwangerschap
→ pathologisch: ziekte
- Bv hartspier die harder moet werken door verhoogde bloeddruk (beschermingsmechanisme maar kan slecht aflopen)
- Bv ventrikels die toenemen doordat elke apart hartspiercel meer myofilamenten heeft
2
,Hyperplasie
= toename aantal cellen in orgaan of weefsel
→ proliferatie van mutur cellen oiv groeifactoren of regeneratie afkomstig van stamcellen)
→ sterke controle! (bij kanker geen controle, blijft proliferen)
→ fysiologisch
- Hormonaal: borstklier bij borstvoeding (meer lobules en meer klierbuisjes binnenin, minder bindweefsel en vetweefsel)
- Compensatoir: hyperplasie van orgaan om verlies van ander stuk orgaan te compenseren
→ bij levertransplantatie: stukje lever blijft over → beginnen groeien → na weken volledig herstelt
→ dikke darm tumor metastasen naar lever → in lever wegnemen → rekenen op compensatoire hyperplasie
→ pathologisch
- Extreme hormonale stimulatie of groeifactoren
→ bij endometriumhyperplasie: veel meer buisjes, minder stroma (bv bij menopauze)
- Normale controlemechanismen van celgroei: kanker (autonoom vermenigvuldigen)
→ Bv endometriumcarcinoom (volledig uit klierbuizen met vreemde groei)
→ Bv verruca vulgaris (wrat): door humaan papilloma virus → veel meer cellagen → productie keratine (dr virale
groeifactoren)
3
, Atrofie
= afname volume van orgaan/weefsel door afname in celgrootte en aantal cellen
→ verminderde eiwitsynthese
→ verhoogde eiwitafbraak
→ fysiologisch en pathologisch
→ oorzaken
- verminderde werkbelasting
- denervatie atrofie: beschadiging bezenuwing
- Ischemie: onvoldoende bloedvoorziening dus onvoldoende
zuurstof
- onvoldoende voeding
- verlies van endocriene stimulatie
- druk
→ borstklier bij post-menopauzale vrouw
→ bv gips (geen belasting op spiercellen dus atrofie op skeletspier)
Metaplasie
= reversibele wijziging waarbij gedifferentieerd celtype vervangen wordt door ander celtype (adaptatie)
< precursor cellen (stamcellen/reservecellen in epitheel, ongedifferentieerde mesenchymale cellen in bindweefsel)
→ onder invloed van cytokines en groeifactoren en extracellulaire matrix
→ bv cilindrisch door plaveisel
→ Bij rokers
- Respiratoir epitheel niet zo stevig om die schadelijke stoffen op te vangen
- Metaplasie: respiratoir epitheel vervangen door squameus (plaveisel) epitheel: sterkste epitheel
- Verlies van functie dus vatbaarder voor infecties
- Als sigarettenrook blijft komen kunnen er mutaties ontstaan en kan er ontwikkeling zijn van kanker
→ reversibel: vanaf stadium van dysplasie niet meer
- Dysplasie = precursor letsel voor maligne verandering
- A: mucuscellen
- B: zelfde epitheel als de huid
- C: dysplasie, cellen worden groter
- F: ernstige dysplasie: cellen veel groter, weet niet welke de bovenkant of onderkant is = tumor is bedwang gehouden
door basale membraan = carcinoma in situ → basale membraan doorbreken: (micro)invasief plaveiselcarcinoom
4
Volksgezondheid en epidemiologie
1. Pathologie van de cel 3. Hemodynamische stoornissen
1. Adaptatie van cellulaire groei en differentiatie 1. Oedeem
- Hypertrofie - Oorzaken
2. Hyperemie en congestie
- Hyperplasie
3. Hemorrhagie
- Atrofie 4. Thrombose
- Metaplasie - Virchow’s triade
- Intracellulaire accumulaties - Evolutie van een thrombus
- Lipiden - Klinische implicaties
- Glycogeen 5. Embool
- Pigment - Longembolen
- Systemische thromboëmbolie
- Eiwitten
- Andere
2. Celschade en celdood 6. Infarct
- Celschade: oorzaken 7. Shock
- Celdood - Oorzaken
- Necrose 8. Atherosclerose
- Apoptose - Risicofactoren
- Mechanisme - Pathogenese: response-to-injury hypothese
- Consequenties
- Fysiologisch
- Pathologisch
3. Celveroudering 4. Inflammatie en immunopathologie
- Mechanismen 1. Inflammatie
- DNA schade - Acute inflammatie
- Cellulaire senescentie - Oorzaken
- Bloedvaten in acute inflammatie
- Telomeren en telomerase
- Leukocyten in acute inflammatie
- Verlies van eiwithomeostase - Extravasatie van leukocyten
- Ontregelde ‘nutrient sensing’ - Herkenning van microben en dode
4. Pathologie geassocieerd met veroudering weefsels
- Fagocytose
2. Repair en regeneratie - Chronische inflammatie
1. Basis van repair en regeneratie - Oorzaken
2. Normale immuunrespons
- Celproliferatie
- Aangeboren immuniteit
- Extracellulaire matrix - Epitheel
- Stamcellen - Dendritische cellen
- Angiogenese - Natural Killer cellen
2. Regeneratie - Complementsysteem
3. Repair en wondheling - Adaptieve immuniteit
- Per primam/per secundam - T-lymfocyten
- B-lymfocyten
- Sequentie
- MHC moleculen
4. Effecten op wondheling - MHC klasse I moleculen
- Systemisch - MHC klasse II moleculen
- Lokaal
5. Pathologische repair - Cellulaire immuniteit
- Deficiënte littekenvorming - Humorale immuniteit
- Afname van de immuunrespons en
- Overmatige repair
immunologisch geheugen
- Overmatige wondcontractie
- Fibrose
1
,Hoofstuk 1: Pathologie van de cel
Homeostase
→ cel in evenwicht (voeding, zuurstof, …)
→ kan verstoord worden
→ door iets omgeven: cel uit evenwicht
→ omgevingsfactoren normaal: terug naar homeostase
(reversibel)
Adaptatie
→ doel om aan te passen aan nieuwe omstandigheden
om tot nieuwe steady state te komen
- onvoldoende zal zorgen voor celschade
Celschade
→ te weinig adaptatie
→ door stimulus
Irreversibele schade
→ kan zorgen voor celdood
→ schade mag niet doorgegeven worden aan dochtercellen
→ te erge schade : maligne ontaarding
Cursieve vormen: ongecontroleerde adaptatie → oorzaak maligne ontaarding
1. Adaptatie van cellulaire groei en differentiatie
→ Reversibele respons op extreme fysiologische stress of pathologische stimuli
→ Veranderingen in celgroei, celgrootte of differentiatie
→ Intracellulaire accumulatie
→ Diverse moleculaire mechanismen
Hypertrofie
= toename van celgrootte (volume, niet aantal cellen)
→ Verhoogde synthese van structurele componenten
→ fysiologisch: bij gezonde persoon
- Bv baarmoeder oiv hormonen tijdens de zwangerschap
→ pathologisch: ziekte
- Bv hartspier die harder moet werken door verhoogde bloeddruk (beschermingsmechanisme maar kan slecht aflopen)
- Bv ventrikels die toenemen doordat elke apart hartspiercel meer myofilamenten heeft
2
,Hyperplasie
= toename aantal cellen in orgaan of weefsel
→ proliferatie van mutur cellen oiv groeifactoren of regeneratie afkomstig van stamcellen)
→ sterke controle! (bij kanker geen controle, blijft proliferen)
→ fysiologisch
- Hormonaal: borstklier bij borstvoeding (meer lobules en meer klierbuisjes binnenin, minder bindweefsel en vetweefsel)
- Compensatoir: hyperplasie van orgaan om verlies van ander stuk orgaan te compenseren
→ bij levertransplantatie: stukje lever blijft over → beginnen groeien → na weken volledig herstelt
→ dikke darm tumor metastasen naar lever → in lever wegnemen → rekenen op compensatoire hyperplasie
→ pathologisch
- Extreme hormonale stimulatie of groeifactoren
→ bij endometriumhyperplasie: veel meer buisjes, minder stroma (bv bij menopauze)
- Normale controlemechanismen van celgroei: kanker (autonoom vermenigvuldigen)
→ Bv endometriumcarcinoom (volledig uit klierbuizen met vreemde groei)
→ Bv verruca vulgaris (wrat): door humaan papilloma virus → veel meer cellagen → productie keratine (dr virale
groeifactoren)
3
, Atrofie
= afname volume van orgaan/weefsel door afname in celgrootte en aantal cellen
→ verminderde eiwitsynthese
→ verhoogde eiwitafbraak
→ fysiologisch en pathologisch
→ oorzaken
- verminderde werkbelasting
- denervatie atrofie: beschadiging bezenuwing
- Ischemie: onvoldoende bloedvoorziening dus onvoldoende
zuurstof
- onvoldoende voeding
- verlies van endocriene stimulatie
- druk
→ borstklier bij post-menopauzale vrouw
→ bv gips (geen belasting op spiercellen dus atrofie op skeletspier)
Metaplasie
= reversibele wijziging waarbij gedifferentieerd celtype vervangen wordt door ander celtype (adaptatie)
< precursor cellen (stamcellen/reservecellen in epitheel, ongedifferentieerde mesenchymale cellen in bindweefsel)
→ onder invloed van cytokines en groeifactoren en extracellulaire matrix
→ bv cilindrisch door plaveisel
→ Bij rokers
- Respiratoir epitheel niet zo stevig om die schadelijke stoffen op te vangen
- Metaplasie: respiratoir epitheel vervangen door squameus (plaveisel) epitheel: sterkste epitheel
- Verlies van functie dus vatbaarder voor infecties
- Als sigarettenrook blijft komen kunnen er mutaties ontstaan en kan er ontwikkeling zijn van kanker
→ reversibel: vanaf stadium van dysplasie niet meer
- Dysplasie = precursor letsel voor maligne verandering
- A: mucuscellen
- B: zelfde epitheel als de huid
- C: dysplasie, cellen worden groter
- F: ernstige dysplasie: cellen veel groter, weet niet welke de bovenkant of onderkant is = tumor is bedwang gehouden
door basale membraan = carcinoma in situ → basale membraan doorbreken: (micro)invasief plaveiselcarcinoom
4