Knechel, R., Krishnan, G. V., Pevzner, M., Shefchik, L. B., & Velury, U. K. (2013). Audit
quality: Insights from the academic literature. Auditing: A Journal of Practice and Theory,
32, 385-421.
Audit quality: Insights form the academic literature. Auditing: A journal of practice and
theory. (2013)
Het artikel biedt een uitgebreid overzicht van academisch onderzoek naar de
auditkwaliteit. Het artikel bespreekt definities, raamwerken en indicatoren van
auditkwaliteit, evenals suggesties voor toekomstig onderzoek. Hieronder de belangrijkste
bevindingen:
Definities en raamwerken
De auditkwaliteit wordt vaak gedefinieerd als de waarschijnlijkheid dat een auditor zowel
een fout ontdekt als deze rapporteert, zoals beschreven door DeAngelo (1981). Er is geen
universeel aanvaardde definitie van de auditkwaliteit; daarom stellen de auteurs voor om
de auditkwaliteit te benaderen via raamwerken die verschillende niveau van analyse
omvatten, zoals voorgesteld door Francis (2011).
Indicatoren van auditkwaliteit
De auteurs categoriseren indicatoren van auditkwaliteit in vier hoofdcomponenten:
Inputs
o Professionele scepsis --> een kritische houding van auditors draagt bij aan
een hogere auditkwaliteit
o Kennis en expertise --> auditors met diepgaande kennis en ervaring
leveren doorgaans audits van hogere kwaliteit
o Incentives en motivatie --> de motivatie en prikkels van auditors kunnen
de kwaliteit van hun werk beïnvloeden
Proces
o Oordeelsvorming --> auditors moeten complexe oordelen vellen; biases en
heuristieken kunnen deze oordelen beïnvloeden
o Risicobeoordeling --> effectieve identificatie en beoordeling van risico’s zijn
cruciaal voor een kwalitatieve audit
o Analytische procedures --> het gebruik van analytische technieken helpt bij
het identificeren van afwijkijkingen en risico’s
Uitkomsten
o Auditrapporten --> de kwaliteit en duidelijkheid van het auditrapport
reflecteren de auditkwaliteit
o Externe beoordelingen --> reviews en inspecties door externe partijen
bieden inzicht in de kwaliteit van uitgevoerde audits
Context
o Organisatiecultuur --> een cultuur die kwaliteit en ethiek benadrukt binnen
auditfirma’s bevordert een hogere auditkwaliteit
o Markt- en regelgevingsomgeving --> externe factoren zoals regelgeving en
marktverwachtingen beïnvloeden de auditkwaliteit.
Extra informatie
Auditkwaliteit is multidimensionaal --> het artikel benadrukt dat auditkwaliteit niet
een meetbare eigenschap is. Het hangt af van de technische bekwaamheid,
ethiek, onafhankelijkheid en professionele zorgvuldigheid
Determinanten van auditkwaliteit
o Auditfirma --> grootte (Big4 vs non-Big4), expertise in de sector,
internationale netwerken
o Cliëntkenmerken --> complexiteit van de onderneming, interne beheersing
o Regelgeving --> toegenomen toezicht en verslaggevingstandaarden
Kritiek op bestaande onderzoeksmethoden --> veel studies meten auditkwaliteit
indirect (accruals, faillisementen) wat de validiteit kan ondermijnen
,Conclusies en aanbevelingen
Multidimensionale benadering --> auditkwaliteit is een complex en
multidimensionaal concept dat niet kan worden vastgelegd in een enkele maatstaf
Belang van raamwerken --> het gebruikt van gestructureerde raamwerken helpt
bij het begrijpen en evalueren van auditkwaliteit op verschillende niveaus
Toekomstig onderzoek --> er is behoeft aan verder onderzoek naar verschillende
factoren en hun interacties de auditkwaliteit beïnvloeden.
Christensen, B. E., Glover, S. M., Omer, T. C., & Shelley, M. K. (2016). Understanding audit
quality: Insights from audit professionals and investors. Contemporary Accounting
Research, 33(4), 1648-1684
Understanding audit quality: Insight from audit professionals and investors, Contemporay
Accounting Research (2016)
Het artikel onderzoek hoe auditprofessionals en investeerders auditkwaliteit definiëren,
meten en beoordelen. Het biedt empirisch bewijs over percepties van auditkwaliteit en
evalueert indicatoren voorgesteld door de Public Company Accounting Oversight Board
(PCAOB).
Doel
Het onderzoek richt zich op
Het verkrijgen van definities en indicatoren van auditkwaliteit van auditors en
investeerders
Het vergelijken van deze perspectieven om overeenkomsten en verschillen te
identificeren
Het evalueren van de bruikbaarheid van voorgestelde auditkwaliteitsindicatoren,
zoals die van de PCAOB
Definities van auditkwaliteit
Investeerders --> leggen de nadruk op de input van het auditproces, zoals de ervaring,
competentie van auditors, naleving standaarden, documentatie, teamwork en interne
kwaliteitscontroles
Auditors --> benadrukken zowel de input als de output, inclusief naleving van
standaarden en de betrouwbaarheid van financiële rapporten. Hechten meer belang aan
resultaten, zoals onafhankelijkheid, mate waarin de auditor optreedt als ‘gatekeeper’
Indicatoren van auditkwaliteit
Gedeelde inzichten
Grote auditfirma’s worden geassocieerd met hogere auditkwaliteit
Deficiënties in PCAOB-inspectierapporten worden gezien als indicatoren van lagere
kwaliteit
Herformuleringen van financiële staten worden beschouwd als signalen lage
auditkwaliteit
Verschillen
Investeerders hechten meer waarde aan de ervaring en opleiding van individuele
auditors
auditors richten zich meer op procesmatige aspecten en naleving van standaarden
Verwachtingskloof
Er bestaat een ‘expectation gap’ tussen auditors en investeerders
Investeerders verwachten meer transparantie over individuele auditorsprestaties
Auditors benadrukken de collectieve verantwoordelijkheid en proceskwaliteit
Oproep tot brug tussen percepties
Het artikel pleit voor meer transparantie en communicatie tussen auditors en gebruikers
van financiële verslaggeving, om verwachtingen op elkaar af te stemmen.
Beïnvloedende factoren volgens respondenten
Tijd- en budgetdruk
, Relatie met het management van de cliënt
Toezicht vanuit regulerende instanties
Innovatief element
De studie gebruikt kwalitatieve interviews, een methode die minder vaak voorkomt in
accountingonderzoek maar waardevolle context biedt.
Conclusies en aanbevelingen
Transparantie --> er is behoefte aan meer openbaarmaking van informatie over
auditteams en hun kwalificaties
Indicatoren --> bestaande indicatoren, zoals PCAOB-inspectieresultaten en
herformuleringen, zijn nuttig maar niet voldoende om auditkwaliteit volledig te
beoordelen
Toekomstig onderzoek --> verdere studies zijn nodig om de effectiviteit van
verschillende auditkwaliteitsindicatoren te evalueren en om de kloof tussen
verwachtingen van auditors en investeerders te overbruggen
, Week 2
Gramling, A. A., Jenkins, J. G., & Taylor, M. H. (2010). Policy and research implications of
evolving independence rules for public company auditors. Accounting Horizons, 24(4),
547-566.
Policy and research implications of envolving independence rules for public company
auditors. Accounting Horizons (2010)
Het artikel biedt een uitgebreide synthese van bestaand onderzoek naar
onafhankelijkheid van auditors. Het richt zich op de implicaties voor zowel beleidsmakers
als academici.
Doel
Het artikel heeft als doel
Het samenvatten van bestaand onderzoek naar auditorsonafhankelijkheid
Het identificeren van implicaties voor beleidsmakers bij het formuleren van
onafhankelijkheidsregels
Het aanwijzen van gebieden waar toekomstig onderzoek beleidsvorming kan
ondersteunen
Beperkt bewijs voor effectiviteit van huidige regels
Het bestaande onderzoek biedt beperkt bewijs dat de huidige onafhankelijkheidsregels
sterk correleren met daadwerkelijke onafhankelijkheid (‘independence in fact’). Sommige
regels lijken echter de waargenomen onafhankelijkheid (‘independence in appearance’) te
verbeteren, vooral in de periode voor de Sarbanes-Oxley Act (SOX).
Vooruitgang sinds SOX --> hoewel SOX (2002) bepaalde belangenconflicten trachtte te
beperken (verbod op consultancy aan auditcliënten), bleven er praktische knelpunten,
zoals afhankelijkheid van herbenoeming.
Public oversight board (PCAOB) --> de oprichting van deze instantie wordt als cruciale
stap gezien voor onafhankelijkheid toezicht, maar de auteurs vragen zich af of dit
voldoende impact heeft gehad op diepgewortelde structuren in de praktijk.
Invloed van niet-auditdiensten
Het verlenen van niet-auditdiensten door auditors heeft over het algemeen een negatieve
invloed op de perceptie van onafhankelijkheid. De mate van deze invloed varieert echter
afhankelijk van de aard van de diensten en de betrokken belanghebbenden.
Effect van auditfirma-rotatie
Verplichte rotatie van auditfirma’s heeft gemengde effecten op de perceptie van
onafhankelijkheid. Sommige belanghebbenden zien het als een versterking van
onafhankelijkheid, terwijl anderen twijfels hebben over de effectiviteit ervan.
Aanbeveling
De auteurs roepen academici op om de relatie tussen de perceptie en feitelijke
onafhankelijkheid nader te besturen.
De effectiviteit van specifieke maatregelen zoals rotatie of adviesverboden is nog
onvoldoende empirisch onderbouwd.
Conclusie
Balans tussen kosten en baten --> beleidsmakers moeten streven naar een evenwicht
tussen de voordelen van strengere onafhankelijkheidsregels en de bijbehorende kosten
voor auditfirma’s en cliënten.
Noodzaak voor verdere onderzoek --> er is behoefte aan meer empirisch onderzoek om
de effectiviteit van specifieke onafhankelijkheidsmaatregelen te beoordelen en om beter
inzicht te krijgen in hoe deze maatregelen de perceptie en realiteit van onafhankelijkheid
beïnvloeden.
Bazerman, M. H., Loewenstein, G., & Moore, D. A. (2002). Why good accountants do bad
audits. Harvard Business Review, 80(11), 96-103