Zelf reactievergelijkingen met zuur-base opstellen. H5 Extra oefening.
Nodig : binas 66 en binas 49
Stappenplan:
- Noteer eerst chemisch correct alle deeltjes in de oplossing.
(Zwak/Sterk)
- Sterkste zuur reageert met sterkste base, de rest doet niet mee.
- Schrijf de reactievergelijking.
- Iets sterks? Dan aflopende reactie. Zwak met zwak = evenwicht.
- Controleer jezelf, atomen gelijk links-rechts? Lading gelijk links-
rechts?
o N.b. de lading in de reactievergelijking hoeft niet 0 te zijn,
als deze maar links en rechts van de pijl gelijk is.
o N.b. Er is vaak water (H2O) aanwezig, maar dit is een heel
zwak zuur en een hele zwakke base. Deze reageert enkel
als er geen andere zuur of base aanwezig is.
Opgaven:
1. Geef de zuur-base reactie, inclusief fase, tussen natronloog en
azijnzuur.
2. Geef de zuur-base reactie, inclusief fase, tussen verdund
zwavelzuur en de vaste stof kaliumoxide.
3. Geef de zuur-base reactie tussen een oplossing van natriumsulfiet
en een oplossing van waterstoffluoride.
Nodig : binas 66 en binas 49
Stappenplan:
- Noteer eerst chemisch correct alle deeltjes in de oplossing.
(Zwak/Sterk)
- Sterkste zuur reageert met sterkste base, de rest doet niet mee.
- Schrijf de reactievergelijking.
- Iets sterks? Dan aflopende reactie. Zwak met zwak = evenwicht.
- Controleer jezelf, atomen gelijk links-rechts? Lading gelijk links-
rechts?
o N.b. de lading in de reactievergelijking hoeft niet 0 te zijn,
als deze maar links en rechts van de pijl gelijk is.
o N.b. Er is vaak water (H2O) aanwezig, maar dit is een heel
zwak zuur en een hele zwakke base. Deze reageert enkel
als er geen andere zuur of base aanwezig is.
Opgaven:
1. Geef de zuur-base reactie, inclusief fase, tussen natronloog en
azijnzuur.
2. Geef de zuur-base reactie, inclusief fase, tussen verdund
zwavelzuur en de vaste stof kaliumoxide.
3. Geef de zuur-base reactie tussen een oplossing van natriumsulfiet
en een oplossing van waterstoffluoride.