100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Lecture notes

Hoorcolleges inkomsten- en vennootschapsbelasting

Rating
-
Sold
1
Pages
89
Uploaded on
15-12-2025
Written in
2025/2026

Dit zijn alle hoorcolleges van het vak Inkomsten- en vennootschapsbelasting voor de master Notarieel Recht aan Universiteit Leiden, met de nieuwe opzet van het vak.

Institution
Module











Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Connected book

Written for

Institution
Study
Module

Document information

Uploaded on
December 15, 2025
Number of pages
89
Written in
2025/2026
Type
Lecture notes
Professor(s)
Kooiman
Contains
All classes

Subjects

Content preview

Hoorcollege 1
Van wie is de wereld? Introductie op het belasten van inkomen.




2 verdelingen:
-​ Verdeling door eigendom en
-​ verdeling door belastingen.

Belastingen maken bijna de helft van onze economie uit. Een heel groot deel gaat naar de
belastingen.

-​ Over het algemeen de verdelingsmaat: Je betaalt wat je gebruikt.
-​ Wat de overheid doet wordt betaald uit collectieve voorzieningen, en je kunt dus niet
zeggen dat je er een stukje voor betaalt en dus ook een stukje voor jou is. ​

Wat je wel zou kunnen doen: Splitsen, we delen gewoon de kosten door alle inwoners. Dit
werkt niet in de praktijk. Het is niet zo’n heel goed idee.

Lasten verdelen naar draagkracht: De
sterkste schouders dragen de zwaarste
lasten.

Wat is het draagkrachtbeginsel? Hoe werkt
dat dan? Daar zijn verschillende ideeën over.

Sander Schimmelpenninck: tweet uit 2021:
draagkracht is inkomen, en inkomen is alles
wat je binnenkrijgt: ook dingen als rente. Alles
door hetzelfde tarief.

Rutger Bregman: de correspondent:
draagkracht aan slechte dingen gekoppeld als
vervuiling, bonussen, vermogen etc. Ook een
idee van draagkracht, maar een heel ander
idee dan dat van inkomen.

Wie heeft draagkracht?
Henk, 54 jaar, woonboerderij EUR
1.200.000, jaarinkomen EUR 50.000.
Marieke, 32 jaar, huurappartement in
Amsterdam, jaarinkomen EUR 140.000.

Veel mensen in de collegebanken kiezen voor
Marieke.

,Wat was draagkracht?
Reliëf in Rome voor belastingregistratie, soort groot feest. Vermogen geschat bij de sensor.
Huizen, liquide middelen, schepen als teken van hun draagkracht. Als je meer vermogen had
moet je meer belasting betalen, en als er oorlog is moet jij als rijkste voor de meeste kosten
opdraaien. Dus Draagkracht = vermogen. Dit is eigenlijk door de hele geschiedenis heen.
Romeinse teksten systematiseren en kijken naar wat een rechtvaardige belasting is. Steden in
Italië hadden dus een belastingstelsel dat is gebaseerd op dat van de Romeinen.
1.​ Nettovermogen
2.​ 1 belasting, om het niet te ingewikkeld te houden. Als je een eerlijk systeem wil
hebben moet je gewoon 1 belasting hebben die wordt gebaseerd op vermogen.
3.​ geen progessief tarief, geen box 1 2 en 3. Een staat heeft elk jaar bepaalde uitgaven.
Deze gaan we begroten en zeggen wat het vermogen is. Dan delen we de uitgaven
door net bepaalde vermogen en weten we wat iedereen moet betalen aan de hand van
hun vermogen.
4.​ geen uitzonderingen voor personen of bezittingen voor het betalen van belasting.
Iedereen betaalt op gelijke mate.
Dus: Het systeem was eeuwenlang proportioneel draagkracht naar vermogen. Dat is de kern
van rechtvaardig belasting heffen.

Wat werd draagkracht?
1.​ Nettoinkomen;
2.​ Mix van belastingen;
3.​ Progessief tarief; en
4.​ Uitzonderingen als dat economisch gunstig is.

Wanneer zijn we van vermogen naar inkomen gegaan en wiens schuld is dat?
-​ Vorst ging naar juristen om te vragen welke belasting eerlijk was, in de 18e eeuw
veranderde dat door de economische wetenschap. Het werd gezien als middel als
instrument waarmee de staat de economie kan sturen. Je moet een fiscaal beleid
hebben. Bijv. accijns op drank en roken.
-​ Het is de schuld van Adam Smith: hij zegt dat je vermogen onbelast moet laten om
mee te investeren. Als je het kapitaal niet belast, kan dat kapitaal worden
geïnvesteerd in de economie, en dus moet de belasting worden geheven van het netto
inkomen.
-​ Het beste belastingsysteem is belasten van allerlei soorten vermogen.
-​ Het is met economisch systeem niet goed zichtbaar als burger dat je belasting betaalt.
Het enige wat je weet is wat je netto op je rekening krijgt, want als je niet weet wat je
afdraagt ontstaat er geen onvrede.
-​ Uitzondering als dit economisch gunstig is: differentiëren in tarieven kan je mensen
stimuleren om iets te doen of iets te laten. bijv. innovatiebox voor het stimuleren van
innovatie.
-​ Je moet kijken naar het inkomen om vast te stellen wat iemand zijn daadkracht is.

Wat is inkomen
1.​ Daadwerkelijk genoten inkomen.
I.​ Inkomen uit arbeid: Makkelijk te belasten, want periodieke uitbetaling,
want je hebt op heel veel momenten geld om belasting te betalen en geen
discussie over hoe hoog je loon is. Ook is arbeid niet zo makkelijk te
verplaatsen, je kunt meestal niet voor lager belastingtarief naar het
buitenland. Niet zo makkelijk te verplaatsen.
II.​ Inkomen uit vermogen: Dit is lastiger vast te stellen: economen:
vermogensvergelijking: vergelijken vermogen begin en eind van het jaar.
Problematisch: Inkomen heeft ook te maken met liquiditeit, voelt als
oneerlijk. Inkomen is alleen wat je daadwerkelijk in hand krijgt, maar dus ook
de vruchten uit het vermogen. Het is alleen wat je als inkomen uit je

, vermogen krijgt. Het vruchtgebruik op je vermogen. Op microniveau is dit
niet heel eerlijk
-​ opbrengsten - kosten
a.​ Vermogensaanwas
b.​ vruchten: de vruchten die je verkrijgt uit het vermogen zoals rente.
c.​ vruchten en vermogensinkomsten: niet alleen vruchten belasten maar ook
vermogensinkomsten. De winsten die je maakt met het verkopen van je
vermogen telt hier ook mee.
Je mag rekening houden met de kosten om het inkomen te verwerven.

Er is een complicatie: de kapitaalvennootschap
De kapitaalvennootschap. Wat is de invloed van de kapitaalvennootschap op het
belastingsysteem? Wie heeft dit bedacht. De vennootschapsbelasting was er eerst. Wat is de
reden? De Franse revolutie had als gevolg dat de gilden werden afgeschaft en er vrije
beroepskeuze ontstond.
-​ Voorheen regulering via gilden
-​ Nieuw: vrije beroepskeuze, vrij gaan handelen en ondernemen. Ondernemingen niet
aan bepaalde personen koppelen.
-​ Regulering via belastingwetten → controle samenleving. Een van deze reguleringen is
het patentrecht→ het idee dat als je gaat ondernemen je een bepaalde belasting moet
betalen. Via een NV 2% van je winst. Dit is in wezen nog steeds de vennootschap

Industriële revolutie
“Without years of substantial assistance from Dr. Black, Roebuck and Boulton, Watt’s steam
engine might never have pumped a gallon of water or turned a factory wheel”
Wat daarmee samen ging is de industriële revolutie. Economische groei met industrie, hier
had je kapitaal voor nodig.
-​ Voorheen: persoonlijke onderneming
-​ Nieuw: technische vernieuwingen waarvoor meer kapitaal nodig is.
-​ Scheiding sfeer van de onderneming en de kapitaalverschaffer. De kapitaalverschaffer
heeft wel vermogen maar geen kennis. We beginnen een rechtsvorm waarmee de
ondernemer gaat ondernemen met het kapitaal van de kapitaalverschaffers.
Verhouding kapitalisten en ondernemers. De kapitalisten hebben beperkte
aansprakelijkheid, hooguit inleg kwijtraken. Dus:
1.​ Scheiding Kapitaalverschaffer en vennootschap.
2.​ beperkt aansprakelijk
3.​ Afscherming vennootschapsvermogen → liquidation protection: Het idee dat
de vennootschap beschermd is tegen liquidatie door de aandeelhouders. Het
vermogen van de onderneming is dus afgeschermd van de inleg van de
aandeelhouders.
4.​ Vrije verhandelbaarheid: Door vermogensafscheiding is het wel nodig dat de
aandelen van de aandeelhouders vrij overdraagbaar zijn. De vennootschap
heeft dan geen zeggenschap over wie de aandeelhouders zijn. Daarom kun je
als je een vennootschap wil kopen gewoon de aandeelhouders uit kunnen
kopen. Hier kun je je niet zo makkelijk tegen beschermen.

1819: Invoering patentrecht "in evenredigheid van de voordelen, welke de gezamenlijke
belanghebbenden genieten; een grondslag, waarvan de billijkheid niet betwist zal worden."

1892: Invoering bedrijfsbelasting “Door de beperkte aansprakelijkheid en de betrekkelijk
gemakkelijke wijze, waarop langs dezen weg groote kapitalen kunnen worden bijeengebracht
voor ondernemingen, die de krachten van individuen te boven gaan, heeft de naamlooze
vennootschap in andere opzichten veel op dezen voor.”

, 1914: Invoering inkomstenbelasting “De wetgever roept de juridische persoon in het leven en
alleen door zijn wil is het mogelijk zaken te drijven met onbeperkte winstkansen tegenover
eene beperkte aansprakelijkheid bij verlies; het is toelaatbaar dat de Staat voor het gebruik
van dien rechtsvorm eene vergoeding ontvangt“.

1942: Invoering vennootschapsbelasting "De gedachte, dat naamloze vennootschappen en
andere lichamen ten aanzien van de heffing van belastingen in dezelfde positie behoren te
verkeren als natuurlijke personen”.

Bovenstaande kenmerken zijn essentieel om het belastingrecht te bekijken. Wat heeft dat
dan te maken met de vennootschapsbelasting? Heel veel van die grote, onpersoonlijke
vennootschappen kwamen op. Een nadeel hiervan is dat het asociaal is en er geen
verantwoordelijkheid wordt genomen voor de personen achter die onderneming.
Werknemers hadden geen sterke positie. Er bestaat het idee dat de kapitaalvennootschap
zowel civiel als fiscaal te reguleren. Belasting gebruiken voor vervuilde grond saneren en
uitkeringen betalen. We kunnen dan die belasting van de profiteur gebruiken om zo andere
problemen op te lossen.

We belasten eerst de inkomstenbelasting via het klassieke stelsel: Scheiding tussen sfeer VPB
en IB. IB bleef ongewijzigd want geen dubbele belastingheffing. Er is dus geen cumulatie. Bij
VK was dit bijvoorbeeld anders, doordat de VPB een soort voorbelasting was, maar dit werd
afgeschaft en nu ook volgens het klassieke stelsel. In de basis is deze scheiding een heel
logisch concept.

De winst van de onderneming van de VPB kun je oppotten. Dit heeft voor- en nadelen. Box 2
gaat uit van het tarief van de VPB en IB waarvan de winst van de onderneming is opgepot
moet ongeveer gelijk zijn aan die van de IB zonder dat er winst is opgepot van de VPB.

Probleem: Dat oppotten zorgt dat het klassieke systeem niet werkt, aangezien dat inkomen
uit vermogen eerst door een kapitaalvennootschap wordt verkregen, en dan pas door de
persoon daarachter. Dat oppotten gaat bijvoorbeeld ook via pensioenfondsen. Als je kapitaal
dus goed wil belasten, moet je de vennootschap zelf ook belasten. Je kunt hierdoor geen
perfecte inkomstenbelasting regelen.

Effecten van het kapitalistisch systeem
1.​ de leer van de iustum pretium versus de prijs van de vrije markt
2.​ de sociale bescherming van de gilde versus de onpersoonlijke onderneming
3.​ de onderworpenheid aan de natuur versus het ontwerpen van de natuur.
→ Correctie: belasting van kapitaalvennootschappen.

Nog een probleem met de inkomstenbelastingen: Wie heeft de meeste draagkracht → degene
met het hoogste inkomen. Wat denkt u? Stel dat we inkomen progessief zouden belasten, hoe
hoger je inkomen, hoe hoger je belasting, vergelijken met systeem van hetzelfde percentage.

Progessief stelsel op inkomsten is indien toegepast bij vermogen juist degressief. Met
systeem B zou een groot deel een groot vermogen hebben opgebouwd door belasting.
ongelijkheid qua vermogen wordt in de eerste plaats veroorzaakt door belasting. De
inkomensongelijkheid is vele maanden kleiner dan de vermogensongelijkheid. Je kunt dus
zeggen: Als je inkomen zwaar belast leidt dit tot minder inkomensongelijkheid maar leidt tot
meer vermogensongelijkheid. Vermogen is veel minder gelijk verdeeld dan inkomen.
Vermogensbelasting: deel heeft helemaal geen vermogen. Rijkste deel moet meer belasting
over dat vermogen betalen.
£8.00
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
irisoudhoff

Get to know the seller

Seller avatar
irisoudhoff Universiteit Leiden
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
1
Member since
3 year
Number of followers
0
Documents
6
Last sold
1 month ago

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their exams and reviewed by others who've used these revision notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No problem! You can straightaway pick a different document that better suits what you're after.

Pay as you like, start learning straight away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and smashed it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions