100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting bijzondere weefselleer - vrouwelijk geslachtsapparaat

Rating
-
Sold
1
Pages
18
Uploaded on
23-11-2025
Written in
2025/2026

Dit is een samenvatting van mijn notities tijdens de les, ook met tekeningen van YOKO en de inhoud van de slides.

Institution
Module










Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Module

Document information

Uploaded on
November 23, 2025
Number of pages
18
Written in
2025/2026
Type
Summary

Subjects

Content preview

VROUWELIJK GESLACHTSSTELSEL

INLEIDING

Structuren

- Ovarium : eierstokken ( beiderzijds aanwezig)
- tuba uterina : eileider, verbinding stuk ovaria en baarmoeder
- uterus, cervix uteri : met een corpus en 2 hoornen ( diersoort afhankelijk). Het corpus eindigt op
baarmoederhals, cervix : overgang baarmoeder en
vagina
- vagina, vestibulum vaginae : op het einde gaat die
trechtervormig verwijden = vestibulum vaginae
- Vulva

Morfologie

- Diersoort : opbouw is erg diersoortafhankelijk
( anatomisch, histologisch niet)
- ouderdom (prepuberteit, geslachtsrijp, menopauze)
o Tek : Tijdens de ontwikkeling van het
voortplantingsstelsel spreken we van
embryologie. Tijdens het leven zelf onderscheiden we verschillende fasen:
 De geslachtsrijpe periode
 De periode vóór de geslachtsrijpe periode, dit is de pre-puberale periode
 De periode ná de geslachtsrijpe periode, dit is de menopauze en post-menopauzale
periode
- niet drachtig (ogenblik cyclus), drachtig : Tijdens de niet-drachtige periode treden vaak cyclische
veranderingen op. De oestruscyclus bestaat uit de volgende fasen:
o Pro-oestrus – voorbereiding op de eisprong
o Oestrus – de eisprong zelf; bevruchting kan plaatsvinden
o Met-oestrus – de fase waarin alles tot rust komt
o Di-oestrus – een korte rustpauze
o Daarna begint opnieuw de pro-oestrus, als voorbereiding op de volgende cyclus

Cyclische veranderingen

- oestrale cyclus
o pro-oestrus, oestrus, met-oestrus, di-oestrus
o Poly-oestraal
 De golven van de cyclus volgen snel op elkaar.
 Mens: om de 28 dagen, tot aan de menopauze
 Rund: om de 21 dagen
o Seizoensgebonden poly-oestraal
 Dit zijn ook poly-oestrale dieren, maar de cyclus is afhankelijk van het seizoen.
 Paard: de cyclus komt op gang bij het lengen van de dagen (bv. lente), en stopt in de
herfst/winter
 KHK (kleine herkauwers): de cyclus start bij het korter worden van de dagen
o Mono-oestraal
 Deze dieren hebben maar één cyclus, meestal maar één keer per jaar.
 Hond en kat: hebben telkens één cyclus, maar meestal toch ongeveer twee keer per
jaar

De rustperiode tussen de cycli heet an-oestrus. Dit is een rustfase waarbij er niets gebeurt. Ze komt voor bij:
poly-oestrale seizoensgebonden dieren en mono-oestrale dieren. De volledige cyclus wordt hormonaal
aangestuurd (door oestrogeen en progesteron). Deze hormonen hebben invloed op:

- Het gedrag van het dier
- De morfologie van alle componenten van het voortplantingsstelsel
o Bijvoorbeeld: ovariumcyclus, eileidercyclus, enz.
- ovariële cyclus
- Eileidercyclus

,- endometriale cyclus
- vaginale cyclus

OVARIUM (EIERSTOK)

Algemene bouw:
parenchymateus orgaan

- cortex (zona
parenchymatosa)
- medulla (zona vasculosa)
- hilus

tek : ovarium Het ovarium bestaat
uit twee delen:

- Cortex
o Buitenste laag
o Ook genoemd: zona
parenchimatosa
- Medulla
o Binnenste zone
o Ook genoemd: zona
vasculosa
o Bevat veel bloedvaten
o De medulla is eigenlijk een voortzetting van het mesovarium; er is geen duidelijke grens tussen
beide

Aan de buitenkant is het ovarium omgeven door een mesotheel laagje, dit is het viscerale blad van het
peritoneum.


MEDULLA (ZONA VASCULOSA)
Mesovarium en medulla : Bevatten veel bindweefsel en collageen, maar ook elastinevezels → stevig én elastisch
bindweefsel. Tijdens de zwangerschap zet de baarmoeder uit en trekt aan de ovaria en het mesovarium → dit
wordt mee in de buikholte getrokken. Na de partus wordt het mesovarium, dankzij de elasticiteit en wat glad
spierweefsel, weer korter → de ovaria komen opnieuw hoog in de buikholte te liggen.

Er zijn veel zenuwen aanwezig → ze hebben invloed op de bloedvaten, niet op de functie van de ovaria zelf. Er zijn
heel veel bloedvaten aanwezig die de ovaria van bloed voorzien. Daarnaast zijn er a. helicinae: arteriën met een
strook gladde spiercellen (longitudinaal). Bij contractie krult het bloedvat op tot een helix. Functie: het volledig
kunnen afknijpen van de bloedtoevoer. Tijdens de ovulatie ontstaat er veel bloeding in de zona parenchimatosa
(ovariële follikels). De a. helicinae contraheren op dat moment → bloeding wordt beperkt en kan gestelpt worden.

Ter hoogte van de ophangband zijn er verschillende embryonale restanten (volgend jaar verder behandeld). Er is
een gemeenschappelijke aanleg met het mannelijk geslachtsstelsel. O.b.v. hormonen differentiëren de structuren
naar een mannelijk of vrouwelijk voortplantingsstelsel.

- Eerste hormonen: paramesonefros-hormoon → zorgt voor aanleg van mannelijk voortplantingsstelsel.
- Bij afwezigheid hiervan: ontwikkeling naar vrouwelijk voortplantingsstelsel.

Structuren die niet verder ontwikkelen (niet meer nodig) kunnen als restanten blijven: Rete ovarii, Interstitiële
cellen; Medullaire strengen

- collageen BW, elastine draden, gladde spiercellen → mesovarium
- venen, arteries (a. helicinae, longitudinale spierbalken)
- zenuwen: autonoom, eventueel ganglioncellen
- lymfevaten
- embryonale resten
o Rete ovarii (komt voor bij carnivoren, herkauwers en varkens)
 Bestaat uit een netwerk van gangetjes en buisjes.
 Bij het mannelijk individu vormen deze de rete testis: verbinding tussen de zaadbuisjes en
de ductus deferentes.

,  Bij vrouwelijke dieren hebben ze geen functie: de buisjes beginnen en eindigen blind.
 Ze hebben eenlagig kubiek epitheel. Soms stapelen ze vocht op en kunnen sterk dilateren.
o Interstitiële cellen (hiluscellen van Berger)
 Hormoonproducerende cellen.
 Bij mannen produceren ze testosteron.
 Bij vrouwen blijven ze als embryonaal restant aanwezig als bleke, blaasvormige structuren.
 Ze kunnen tumoraal ontaarden en mannelijke geslachtshormonen produceren.
 Dit komt vooral voor bij het paard: de merrie wordt agressief en vertoont
bronstgedrag, maar accepteert geen hengst. Een operatie verandert meestal
weinig.
o Medullaire strengen
 Tegenhanger van de zaadbuisjes bij mannelijke individuen.
 Bestaan uit volle epitheelstrengen.
 Hebben geen betekenis bij vrouwelijke individuen.


CORTEX (ZONA PARENCHYMATOSA)
Het cortexstroma bestaat uit weinig gedifferentieerde bindweefselcellen die in groepjes bij elkaar liggen. Er is
weinig ruimte tussen de cellen en ze hebben een opgekruld aspect. Ze lijken wat op gladde spiercellen en
produceren ook matrix en vezels. Tussen deze cellen bevinden zich altijd veel bloedvaten, behalve ter hoogte van
het oppervlak: Daar ligt een witte mantel / tunica albuginea. In lichtmicroscopie (LM) ziet men deze als een
blekere zone. Opgelet: bij de testis (mannelijk individu) is de tunica albuginea een echt kapsel, maar hier is het
geen kapsel, gewoon stromaweefsel met weinig bloedvaten.

Tussen de cellen van het cortexstroma vinden we interstitiële cortexcellen: Polyedrische cellen, mooie ronde
kern,bleek cytoplasma, hormoonproducerende cellen. Ze zijn niet altijd in dezelfde mate aanwezig: veel bij
carnivoren en konijnen en hun aantal neemt toe met de leeftijd.

Het cortexstroma is afgelijnd door een kubiek epitheel: het viscerale blad van het peritoneum. Dit epitheel is een
voortzetting van het mesovarium: van eenlagig plavei-epitheel naar eenlagig kubiek epitheel. Dit wordt het
kiemepitheel genoemd Men dacht vroeger dat hier de ovocyten ontstonden → dit is niet volledig correct

- cortexstroma, oppervlakte-epitheel
- oppervlakte-epitheel (kiemepitheel) → peritoneum (thv hilus)
- Cortexstroma
o langwerpige cellen (slierten), langwerpige kern (~ gladde spiercellen), ~ mesenchymale
cellen
o reticuline, collageenvezels
o rijk aan bloedvaten
o interstitiële cortexcellen
o buitenste zone: tunica albuginea


FOLLIKELS
Een follikel is een bolvormig structuurtje in het ovarium. Niet alle follikels hebben een centrale holte: dit komt
enkel voor bij verder gevorderde follikels. Toch worden ze allemaal follikel genoemd. Een follikel bestaat uit:

- Een voorloper-eicel (ovocyt I)
- Eén of meerdere lagen epitheelcellen eromheen
- Een basaalmembraan
- Aan de buitenkant een mantel van tekacellen → tekalaag

Algemeen

Ontwikkelingsstadia van de follikel

Primordiaal follikel (kleinste) -> Primair follikel -> Secundair follikel -> Tertiair follikel → ontstaan van holtes die
later met elkaar versmelten -> Rijp tertiair follikel / follikel van Graaf → klaar om te ovuleren

Na ovulatie blijft een relatief grote wonde achter op het ovarium → veel bloedingen

- Dit wordt corpus hemorrhagicum genoemd
- Daarna vormt dit zich om tot het corpus luteum (gele lichaam)
£3.26
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
lienmichielsen24

Also available in package deal

Get to know the seller

Seller avatar
lienmichielsen24 Universiteit Gent
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
1
Member since
6 months
Number of followers
0
Documents
29
Last sold
2 months ago

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their exams and reviewed by others who've used these revision notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No problem! You can straightaway pick a different document that better suits what you're after.

Pay as you like, start learning straight away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and smashed it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions