100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

samenvatting schakeljaar micro-economie voor het jaar 2025

Rating
-
Sold
-
Pages
30
Uploaded on
05-10-2025
Written in
2025/2026

samenvatting micro-economie voor het jaar 2025.

Institution
Module










Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Module

Document information

Uploaded on
October 5, 2025
Number of pages
30
Written in
2025/2026
Type
Summary

Subjects

Content preview

Hoofdstuk 1 – De Tien Principes van Economie

Wat is economie?
Economie onderzoekt hoe mensen keuzes maken omdat:
 We oneindige wensen hebben (we willen veel dingen),
 Maar onze middelen zijn beperkt (geld, tijd, arbeid, grondstoffen).

Daarom moeten we kiezen:
1. Wat gaan we produceren?
2. Hoe gaan we het produceren?
3. Voor wie gaan we produceren?

Er zijn twee grote takken:
 Micro-economie → bekijkt beslissingen van huishoudens en bedrijven.
 Macro-economie → bekijkt de economie als geheel (zoals inflatie, groei,
werkloosheid).

De 10 basisprincipes:
1. Mensen moeten keuzes maken
Omdat we niet alles kunnen hebben → we moeten kiezen wat het belangrijkst is.
2. De kost van iets is wat je opgeeft om het te krijgen
Dit heet de opportuniteitskost.
Bijvoorbeeld:
 Je kan 1 uur studeren of 1 uur gamen.
 Als je kiest om te studeren, geef je de ontspanning van het gamen op → dat is je kost.
3. Rationele mensen denken in de marge
Ze beslissen stap voor stap:
 “Ga ik nog één uurtje studeren?”
Ze vergelijken dan extra voordeel (meer kennis) met extra kost (minder
ontspanning).
4. Mensen reageren op prikkels
Als iets goedkoper wordt → mensen kopen meer.
Als een beloning stijgt → mensen doen het sneller.
5. Handel kan in ieders voordeel zijn
Handel laat mensen toe zich te specialiseren in wat ze goed kunnen. Zo wint iedereen.
6. Markten zijn meestal een goede manier om economie te organiseren
Markten zorgen dat vraag en aanbod samenkomen → prijzen sturen beslissingen.
7. De overheid kan soms markten verbeteren
Bijv. bij marktfalen zoals vervuiling of monopolies kan de overheid ingrijpen.
8. De levensstandaard hangt af van de productiviteit
Hoe meer een land produceert, hoe rijker het is.
9. Prijzen stijgen als de overheid te veel geld drukt
→ inflatie.
10. Op korte termijn is er een afweging tussen inflatie en werkloosheid
Meer geld in de economie = meer vraag = minder werkloosheid, maar ook meer inflatie.

Belangrijk begrip: Opportuniteitskost
= Wat je opgeeft om iets te krijgen
= expliciete kost (wat je betaalt) + impliciete kost (wat je opgeeft)

,Voorbeeld:
 Je kan 1 uur studeren of 1 uur werken aan 10€.
 Je kiest studeren.
→ expliciete kost: 0€
→ impliciete kost: je mist 10€ loon
→ totale opportuniteitskost = 10€

Voorbeeld beslissen met marginale baten en kosten
Activiteit Voordeel (baten) Kost
1 uur studeren 15€ 10€
1 uur gamen 10€ 0€
Je kiest studeren, want 15€ > 10€

Hoofdstuk 2 – De Markt: Vraag en Aanbod

Economie draait vaak om markten.
Een markt = een plaats (fysiek of digitaal) waar kopers (vraag) en verkopers (aanbod) elkaar
ontmoeten.

Bijvoorbeeld: supermarkt, bol.com, aandelenbeurs.

De prijs komt tot stand door de wisselwerking tussen vraag en aanbod.

De Vraag (Demand)
Hoeveel willen mensen kopen bij verschillende prijzen?

Basisidee:
Als de prijs stijgt, willen mensen minder kopen.
Als de prijs daalt, willen mensen meer kopen.
Dit heet de wet van de vraag.

De vraagcurve:
 Loopt dalend (van linksboven naar rechtsonder)
 Waarom? Omdat mensen bij hogere prijzen minder kopen.

Vraagfunctie:
We schrijven dat zo:
qᴰ = f(p)
(qᴰ = gevraagde hoeveelheid, p = prijs)
Of omgekeerd:
p = f(qᴰ)
(prijs als functie van hoeveelheid)

, Wat verandert de vraag?
Er zijn twee soorten veranderingen:
1. Beweging op de vraagcurve
→ Als de prijs van het goed zelf verandert.
Bijv. Cola wordt goedkoper → mensen kopen meer cola → we bewegen langs de curve.

2. Verschuiving van de hele vraagcurve
→ Als andere factoren veranderen (niet de prijs zelf):
Factor Wat gebeurt er Effect
Inkomen stijgt Mensen kunnen meer Vraagcurve schuift
kopen naar rechts
Inkomen daalt Minder koopkracht Vraagcurve schuift
naar links
Meer reclame Meer mensen willen het Vraagcurve schuift
product naar rechts
Prijs van substituut stijgt (bv. koffie Thee wordt Vraagcurve schuift
duurder → meer thee) aantrekkelijker naar rechts
Prijs van complement stijgt (bv. koffie Suiker minder Vraagcurve schuift
duurder → minder suiker) aantrekkelijk naar links

Extra:
 Normale goederen: vraag stijgt als inkomen stijgt (bv. kleding, iPhone).
 Inferieure goederen: vraag daalt als inkomen stijgt (bv. goedkope pasta).

Het Aanbod (Supply)
Hoeveel willen bedrijven verkopen bij verschillende prijzen?

Basisidee:
Als de prijs stijgt, willen bedrijven meer produceren (want ze verdienen meer).
→ Wet van het aanbod: prijs ↑ → aanbod ↑.

Aanbodcurve:
 Loopt stijgend (van linksonder naar rechtsboven).

Functie:
qˢ = f(p)
Of
p = f(qˢ)

Wat verandert het aanbod?
Twee soorten veranderingen:
1. Beweging op de aanbodcurve
→ Als de prijs verandert.
£9.77
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
odiseebrusselpersoneelswerk

Also available in package deal

Get to know the seller

Seller avatar
odiseebrusselpersoneelswerk Arteveldehogeschool
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
5
Member since
3 year
Number of followers
0
Documents
20
Last sold
4 days ago

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their exams and reviewed by others who've used these revision notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No problem! You can straightaway pick a different document that better suits what you're after.

Pay as you like, start learning straight away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and smashed it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions