H8: eiwitsynthese en
eiwitadressering
Genetische code gekraakt
Oriëntatie
o 5’ van RNA of DNA -> N terminus van eiwit
o 3’ van RNA of DNA -> C terminus van eiwit
RNA-moleculen
o Untranslated repeats (UTS)
Worden niet vertaald
64 aminozuren theoretisch maar in werkelijkheid 20
Het leesraam
o Tussen start- en stopcodon
1 startC -> AUG -> met
3 stopC
o Mutaties
Insertie of deletie
o ORF
Voorspeling maar bij eukaryoten niet handig
Door intronen en extronen
Experiment
o In vitro translatie van synthetische mRNA
o Strengen met zelfde basen
Zo zien welke aminozuren gevormd worden
o Ook complexen maar altijd herhaling
ACA-ACA-ACA-ACA
tRNA
o Brengen aminozuren naar ribosomen
o Ribosomen grote eiwitten
o Experiment mengsel met synthetische mRNA en alle soorten tRNA
Door filter laten gaan
Complex tRNA en mRNA gaat niet door filter
Aminozuren met meerde codons
o Degeneratie -> zo heet dat proces
o Synonieme codons -> zelfde aminozuur
Ribosomen
o Uit tandem herhalingen
Mens heeft er miljoenen per cel
o Soorten
Vrij
Gebonden aan RER
o Delen
70s complex kleine en grote
30s -> kleine subeenheid
50s -> grote subeenheid
, Polysoom
o mRNA dat bezig is met translatie
o Bevat allemaal ribosomen
Vertaal allemaal tegelijkertijd
o mRNA 5 uiteinde
Bij weinig aminozuren
Ribosomen bewegen
Niet mRNA
Eiwitsynthese
tRNA en aminoacetyl-tRNA synthetasen
o Aan 3’ van tRNA -> langere kant
Aminozuur gekoppeld
o 3 lussen
Anti-codon lus
Codons binden
D-lus
Aminoacetyl-tRNA synthetasen
T sigmaCG loop
Ribosoom
o Bevatten veel gemodificeerde basen
o Aminoacetyl-tRNA synthetasen
Koppeling van tRNA met juiste
aminozuur
Numeriek probleem
o 20 aminozuren en 64 codons -> probleem
o Oplossing = identiteitselement
1 aminozuur -> verschillend tRNA
1 aminozuur -> 1 AA-tRNA synthase
o Oplossing
Codon-anticodon herkenning
tRNA herkent meerdere codons
o Wobble positie
1 op anti-codon
3 op codon
o Variatie anticodon/codon
o U/G
o I/C of I/A of I/U -> I = inosine
o G/U
Aminozuuractivering
Aminozuur activeren
o ATP nodig
Transaltieproces
o Interactie met ribosoom
eiwitadressering
Genetische code gekraakt
Oriëntatie
o 5’ van RNA of DNA -> N terminus van eiwit
o 3’ van RNA of DNA -> C terminus van eiwit
RNA-moleculen
o Untranslated repeats (UTS)
Worden niet vertaald
64 aminozuren theoretisch maar in werkelijkheid 20
Het leesraam
o Tussen start- en stopcodon
1 startC -> AUG -> met
3 stopC
o Mutaties
Insertie of deletie
o ORF
Voorspeling maar bij eukaryoten niet handig
Door intronen en extronen
Experiment
o In vitro translatie van synthetische mRNA
o Strengen met zelfde basen
Zo zien welke aminozuren gevormd worden
o Ook complexen maar altijd herhaling
ACA-ACA-ACA-ACA
tRNA
o Brengen aminozuren naar ribosomen
o Ribosomen grote eiwitten
o Experiment mengsel met synthetische mRNA en alle soorten tRNA
Door filter laten gaan
Complex tRNA en mRNA gaat niet door filter
Aminozuren met meerde codons
o Degeneratie -> zo heet dat proces
o Synonieme codons -> zelfde aminozuur
Ribosomen
o Uit tandem herhalingen
Mens heeft er miljoenen per cel
o Soorten
Vrij
Gebonden aan RER
o Delen
70s complex kleine en grote
30s -> kleine subeenheid
50s -> grote subeenheid
, Polysoom
o mRNA dat bezig is met translatie
o Bevat allemaal ribosomen
Vertaal allemaal tegelijkertijd
o mRNA 5 uiteinde
Bij weinig aminozuren
Ribosomen bewegen
Niet mRNA
Eiwitsynthese
tRNA en aminoacetyl-tRNA synthetasen
o Aan 3’ van tRNA -> langere kant
Aminozuur gekoppeld
o 3 lussen
Anti-codon lus
Codons binden
D-lus
Aminoacetyl-tRNA synthetasen
T sigmaCG loop
Ribosoom
o Bevatten veel gemodificeerde basen
o Aminoacetyl-tRNA synthetasen
Koppeling van tRNA met juiste
aminozuur
Numeriek probleem
o 20 aminozuren en 64 codons -> probleem
o Oplossing = identiteitselement
1 aminozuur -> verschillend tRNA
1 aminozuur -> 1 AA-tRNA synthase
o Oplossing
Codon-anticodon herkenning
tRNA herkent meerdere codons
o Wobble positie
1 op anti-codon
3 op codon
o Variatie anticodon/codon
o U/G
o I/C of I/A of I/U -> I = inosine
o G/U
Aminozuuractivering
Aminozuur activeren
o ATP nodig
Transaltieproces
o Interactie met ribosoom