Belangrijke concepten hoorcollege 1
Sciëntisme is het geloof dat alleen de natuurwetenschappen echte
kennis opleveren, en dat andere vormen van kennis minderwaardig zijn.
Scepticisme is de houding waarbij men betwijfelt of we wel echte kennis
kunnen hebben, vooral over de werkelijkheid buiten onze waarneming.
Postmodernisme stelt dat waarheid relatief is en beïnvloed wordt door
taal, macht en cultuur, wat leidt tot de houding van "anything goes",
waarin alle opvattingen als even geldig worden beschouwd.
Paul Feyerabend bekritiseerde de idee van één universele
wetenschappelijke methode en pleitte voor meer vrijheid en diversiteit in
wetenschap, onder het motto "tegen de methode".
Naïef onderzoek is gebaseerd op persoonlijke ervaringen en intuïtie,
zonder systematische methode.
Wetenschappelijk onderzoek is gestructureerd, herhaalbaar en
gebaseerd op bewijs, waarbij theorieën worden getoetst.
De wetenschappelijke methode is een systematische manier van
onderzoeken, waarin observatie, hypothesevorming en toetsing centraal
staan.
De methode van vasthoudendheid houdt vast aan overtuigingen
ondanks tegenbewijs;
De methode van autoriteit baseert kennis op gezag;
De a priori methode vertrouwt op rationele logica en intuïtie, zonder
empirisch bewijs.
Charles Pierce stelde deze vier methodes op en ontwikkelde de
wetenschappelijke methode als de meest betrouwbare manier om tot
kennis te komen.
1
,Plato’s Pseudo
- Vraag: Wat bedoelt Simmias met zijn opmerking over filosofen en
de dood?
- Antwoord: Hij bedoelt dat mensen denken dat filosofen een
doodswens hebben en dat ze de dood ook verdienen, omdat ze zich
afkeren van het aardse leven.
- Vraag: Wat kenmerkt hier het socratische gesprek?
- Antwoord: Socrates stelt vragen om tot diepere inzichten te
komen, niet om meningen te verzamelen, maar om waarheid te
ontdekken.
- Vraag: Goede manier van vragen stellen?
- Antwoord: Ja, want het dwingt de gesprekspartner tot
zelfonderzoek. De ‘liefhebbers van waarheid’ zijn filosofen die
zoeken naar het wezen van de dingen, los van zintuigen.
- Vraag: Wat bedoelt Socrates met ‘naar het woord van de dichter’?
- Antwoord: Dat zintuigen ons misleiden en dat echte kennis niet via
de zintuigen komt – zoals ook in de grotallegorie: wat we zien, is niet
de waarheid.
- Vraag: Wat betekent ‘overwegen van de ziel’?
- Antwoord: Het rationeel en innerlijk reflecteren zonder zintuiglijke
afleiding; pure, zuivere rede gebruiken.
- Vraag: Wat zegt Socrates hier?
- Antwoord: Ware kennis komt niet via zintuigen maar via de ziel.
‘Het wezen ervan’ verwijst naar de essentie van dingen. We
‘benaderen’ het omdat volledige kennis moeilijk is in het aardse
leven.
- Vraag: Hoe geef je iets volledige aandacht?
- Antwoord: Door je geest erop te richten zonder invloed van het
lichaam of zintuigen – dus via introspectie en zuivere rede.
- Vraag: Wat vind je van deze redenering?
- Antwoord: Het is logisch binnen Plato’s filosofie: lichaam verstoort
ware kennis, dus pas na de dood is de ziel vrij voor echte wijsheid.
- Vraag: Wat is ware kennis? Wat betekent ‘God’ hier?
- Antwoord: Ware kennis is inzicht in het zuivere, eeuwige. ‘God’
verwijst naar een zuivere, redelijke orde, niet een persoonlijke god.
‘Waarschijnlijk’ omdat absolute zekerheid moeilijk is voor
stervelingen.
- Vraag: Wat bedoelt hij hier?
2
, - Antwoord: Dat filosofen niet bang hoeven te zijn voor de dood,
want ze streven juist naar bevrijding van de ziel.
-Vraag: Is de redenering logisch? Bestaat er een scheiding tussen
lichaam en ziel?
- Antwoord: Binnen Plato’s denken wel. Hij ziet de ziel als bron van
ware kennis en het lichaam als obstakel.
Hoorcollege 2 belangrijke concepten
Justified true belief
Kennis is pas echte kennis als je iets gelooft, het waar is, én je goede
redenen hebt om het te geloven.
Empirisme
Alle kennis komt voort uit wat je waarneemt met je zintuigen.
Rationalisme
Kennis ontstaat vooral door logisch nadenken, niet (alleen) door ervaring.
Epistemologie
De filosofie van kennis: wat kunnen we weten, en hoe zeker kunnen we
dat weten?
Ontologie
De leer van wat bestaat; wat is ‘er’ eigenlijk in de werkelijkheid?
Metafysica
Filosofie die nadenkt over wat achter of boven het waarneembare ligt
(bijv. tijd, ziel, bestaan).
Nativisme
Het idee dat we met bepaalde kennis of ideeën geboren worden (bijv. tijd,
getallen).
Grotallegorie (Plato)
Een verhaal waarin mensen in een grot alleen schaduwen zien (de
schijnwereld) en niet de echte werkelijkheid daarbuiten.
Peripatetisch Axioma
“Er is niets in het verstand dat niet eerst in de zintuigen zat” – klassiek
uitgangspunt van empirisme.
Syllogisme
Een logische redenering in drie stappen, bijv.:
1. Alle mensen zijn sterfelijk.
2. Socrates is een mens.
3. Dus: Socrates is sterfelijk.
Inductie
3
Sciëntisme is het geloof dat alleen de natuurwetenschappen echte
kennis opleveren, en dat andere vormen van kennis minderwaardig zijn.
Scepticisme is de houding waarbij men betwijfelt of we wel echte kennis
kunnen hebben, vooral over de werkelijkheid buiten onze waarneming.
Postmodernisme stelt dat waarheid relatief is en beïnvloed wordt door
taal, macht en cultuur, wat leidt tot de houding van "anything goes",
waarin alle opvattingen als even geldig worden beschouwd.
Paul Feyerabend bekritiseerde de idee van één universele
wetenschappelijke methode en pleitte voor meer vrijheid en diversiteit in
wetenschap, onder het motto "tegen de methode".
Naïef onderzoek is gebaseerd op persoonlijke ervaringen en intuïtie,
zonder systematische methode.
Wetenschappelijk onderzoek is gestructureerd, herhaalbaar en
gebaseerd op bewijs, waarbij theorieën worden getoetst.
De wetenschappelijke methode is een systematische manier van
onderzoeken, waarin observatie, hypothesevorming en toetsing centraal
staan.
De methode van vasthoudendheid houdt vast aan overtuigingen
ondanks tegenbewijs;
De methode van autoriteit baseert kennis op gezag;
De a priori methode vertrouwt op rationele logica en intuïtie, zonder
empirisch bewijs.
Charles Pierce stelde deze vier methodes op en ontwikkelde de
wetenschappelijke methode als de meest betrouwbare manier om tot
kennis te komen.
1
,Plato’s Pseudo
- Vraag: Wat bedoelt Simmias met zijn opmerking over filosofen en
de dood?
- Antwoord: Hij bedoelt dat mensen denken dat filosofen een
doodswens hebben en dat ze de dood ook verdienen, omdat ze zich
afkeren van het aardse leven.
- Vraag: Wat kenmerkt hier het socratische gesprek?
- Antwoord: Socrates stelt vragen om tot diepere inzichten te
komen, niet om meningen te verzamelen, maar om waarheid te
ontdekken.
- Vraag: Goede manier van vragen stellen?
- Antwoord: Ja, want het dwingt de gesprekspartner tot
zelfonderzoek. De ‘liefhebbers van waarheid’ zijn filosofen die
zoeken naar het wezen van de dingen, los van zintuigen.
- Vraag: Wat bedoelt Socrates met ‘naar het woord van de dichter’?
- Antwoord: Dat zintuigen ons misleiden en dat echte kennis niet via
de zintuigen komt – zoals ook in de grotallegorie: wat we zien, is niet
de waarheid.
- Vraag: Wat betekent ‘overwegen van de ziel’?
- Antwoord: Het rationeel en innerlijk reflecteren zonder zintuiglijke
afleiding; pure, zuivere rede gebruiken.
- Vraag: Wat zegt Socrates hier?
- Antwoord: Ware kennis komt niet via zintuigen maar via de ziel.
‘Het wezen ervan’ verwijst naar de essentie van dingen. We
‘benaderen’ het omdat volledige kennis moeilijk is in het aardse
leven.
- Vraag: Hoe geef je iets volledige aandacht?
- Antwoord: Door je geest erop te richten zonder invloed van het
lichaam of zintuigen – dus via introspectie en zuivere rede.
- Vraag: Wat vind je van deze redenering?
- Antwoord: Het is logisch binnen Plato’s filosofie: lichaam verstoort
ware kennis, dus pas na de dood is de ziel vrij voor echte wijsheid.
- Vraag: Wat is ware kennis? Wat betekent ‘God’ hier?
- Antwoord: Ware kennis is inzicht in het zuivere, eeuwige. ‘God’
verwijst naar een zuivere, redelijke orde, niet een persoonlijke god.
‘Waarschijnlijk’ omdat absolute zekerheid moeilijk is voor
stervelingen.
- Vraag: Wat bedoelt hij hier?
2
, - Antwoord: Dat filosofen niet bang hoeven te zijn voor de dood,
want ze streven juist naar bevrijding van de ziel.
-Vraag: Is de redenering logisch? Bestaat er een scheiding tussen
lichaam en ziel?
- Antwoord: Binnen Plato’s denken wel. Hij ziet de ziel als bron van
ware kennis en het lichaam als obstakel.
Hoorcollege 2 belangrijke concepten
Justified true belief
Kennis is pas echte kennis als je iets gelooft, het waar is, én je goede
redenen hebt om het te geloven.
Empirisme
Alle kennis komt voort uit wat je waarneemt met je zintuigen.
Rationalisme
Kennis ontstaat vooral door logisch nadenken, niet (alleen) door ervaring.
Epistemologie
De filosofie van kennis: wat kunnen we weten, en hoe zeker kunnen we
dat weten?
Ontologie
De leer van wat bestaat; wat is ‘er’ eigenlijk in de werkelijkheid?
Metafysica
Filosofie die nadenkt over wat achter of boven het waarneembare ligt
(bijv. tijd, ziel, bestaan).
Nativisme
Het idee dat we met bepaalde kennis of ideeën geboren worden (bijv. tijd,
getallen).
Grotallegorie (Plato)
Een verhaal waarin mensen in een grot alleen schaduwen zien (de
schijnwereld) en niet de echte werkelijkheid daarbuiten.
Peripatetisch Axioma
“Er is niets in het verstand dat niet eerst in de zintuigen zat” – klassiek
uitgangspunt van empirisme.
Syllogisme
Een logische redenering in drie stappen, bijv.:
1. Alle mensen zijn sterfelijk.
2. Socrates is een mens.
3. Dus: Socrates is sterfelijk.
Inductie
3