Economie hoofdstuk 1 t/m 2 samenvatting
Hoofdstuk 1 “ School of baantje “
Bij het gevangendilemma is de uitkomst niet optimaal. (Het gd komt oorspronkelijk uit
de speltheorie.) als je bij het gd profiteert van de inspanning van een andere ben je een
meelifter = freerider.
Als mensen samenwerken zijn ze bij een gd beter af, ze doen dit niet omdat ze elkaar niet
vertrouwen.
De dominante strategie is de voordeligste strategie (voor jezelf) onafhankelijk van wat de
ander kiest. Pas als er een bindende afspraak is zal samenwerking ontstaan. Als ze
schenden van de afspraak komt er een sanctie, de afspraak is daarmee bindend.
Je hebt 3 levensfasen:
• kinderfase
• Ouderfase
• Grootouderfase
Het gedrag van de huidige generaties kan invloed hebben op de keuzemogelijkheden van
de toekomstige generaties.
Hoofdstuk 2 “ De jeugd “
Consumeren is het uitgeven van geld voor je eigen behoeftes. Inkomen kun je direct
consumeren of (deels) sparen.
Ruilen over tijd
Het gedrag dat je niet consumeert spaar je. Sparen is het niet consumeren van een deel van
het inkomen. Wie spaart? Stelt consumptie uit. Het moment van consumeren wordt
verplaatst naar de toekomst. Als iemand geld leent, wordt dat gebruikt om consumptie te
vervroegen.
Sparen
>
-
Ontvangst van inkomen Tijd Besteding van inkomen
Lenen
-
Besteding van inkomen Tijd Ontvangst van inkomen
Spaardoelen veranderen naarmate jongeren ouder worden. Kinderen die niet naar de
middelbare school gaan sparen vaak voor een concreet doel.
Er zijn ook jongeren die meer uitgeven dan hun inkomen. Dat is alleen mogelijk als er
geld wordt geleend of gespaard.
Geld lenen —> haal je consumptie naar voren. Er ontstaat een schuld. Je koopt eerst en
verwacht later inkomen te ontvangen om de lening af te lossen.
Hoofdstuk 1 “ School of baantje “
Bij het gevangendilemma is de uitkomst niet optimaal. (Het gd komt oorspronkelijk uit
de speltheorie.) als je bij het gd profiteert van de inspanning van een andere ben je een
meelifter = freerider.
Als mensen samenwerken zijn ze bij een gd beter af, ze doen dit niet omdat ze elkaar niet
vertrouwen.
De dominante strategie is de voordeligste strategie (voor jezelf) onafhankelijk van wat de
ander kiest. Pas als er een bindende afspraak is zal samenwerking ontstaan. Als ze
schenden van de afspraak komt er een sanctie, de afspraak is daarmee bindend.
Je hebt 3 levensfasen:
• kinderfase
• Ouderfase
• Grootouderfase
Het gedrag van de huidige generaties kan invloed hebben op de keuzemogelijkheden van
de toekomstige generaties.
Hoofdstuk 2 “ De jeugd “
Consumeren is het uitgeven van geld voor je eigen behoeftes. Inkomen kun je direct
consumeren of (deels) sparen.
Ruilen over tijd
Het gedrag dat je niet consumeert spaar je. Sparen is het niet consumeren van een deel van
het inkomen. Wie spaart? Stelt consumptie uit. Het moment van consumeren wordt
verplaatst naar de toekomst. Als iemand geld leent, wordt dat gebruikt om consumptie te
vervroegen.
Sparen
>
-
Ontvangst van inkomen Tijd Besteding van inkomen
Lenen
-
Besteding van inkomen Tijd Ontvangst van inkomen
Spaardoelen veranderen naarmate jongeren ouder worden. Kinderen die niet naar de
middelbare school gaan sparen vaak voor een concreet doel.
Er zijn ook jongeren die meer uitgeven dan hun inkomen. Dat is alleen mogelijk als er
geld wordt geleend of gespaard.
Geld lenen —> haal je consumptie naar voren. Er ontstaat een schuld. Je koopt eerst en
verwacht later inkomen te ontvangen om de lening af te lossen.