100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting psycholgie lo en bw theorie 1ste semester

Rating
-
Sold
-
Pages
54
Uploaded on
08-05-2025
Written in
2024/2025

Dit document bevat een gestructureerde samenvatting van de leerstof voor het vak Psychologie – 1ste semester. De inhoud biedt een inleiding tot de basisprincipes van de psychologie als wetenschappelijke discipline en behandelt de volgende thema’s: Definitie en doelstellingen van psychologie Belangrijkste stromingen binnen de psychologie Behaviorisme, psychoanalyse, cognitieve psychologie, humanistische psychologie Ontwikkelingspsychologie Fases van cognitieve en sociale ontwikkeling (Piaget, Erikson, enz.) Waarneming en bewustzijn Sensorische verwerking, perceptie, aandacht en bewustzijn Leren en geheugen Klassieke en operante conditionering, geheugenmodellen en opslag Emoties en motivatie Basisemoties, motivatietheorieën en hun toepassingen De samenvatting is opgebouwd met kernbegrippen, schema’s en puntsgewijze uitleg, en is bedoeld als houvast bij het begrijpen en verwerken van de basispsychologische concepten.

Show more Read less
Institution
Module











Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Module

Document information

Uploaded on
May 8, 2025
Number of pages
54
Written in
2024/2025
Type
Summary

Subjects

Content preview

Psychologie


Les 1

Psychologie: Wetenschap waarbij gedrag wordt bestudeerd

Evidence-based: kritisch en op basis van wetenschappelijke argumenten
handelen ≠ intuïtief denken

Gedrag: reactie op een bepaalde stimulus

 Overt: anderen kunnen dit observeren bv weglopen van een hond
 Covert: gesloten gedrag bv gedachten/gevoelend

2 taken bij studie van gedrag:

 Benoemen van gedrag: welk gedrag wordt gesteld en hoe vaak?
 Verklaren van gedrag: gedrag linken aan bepaalde oorzaak:
o 3 Domeinen:
 Omgevingsfactoren: wat er in de omgeving gebeurt/
aanwezig is.
 Mentale processen: informatieverwerking in het hoofd
 Biologische processen: fysiologische en genetische basis
van gedrag:
 Hersenactiviteit: Specifieke gebieden in de
hersenen die betrokken zijn bij bepaalde
gedragingen (bijv. de amygdala voor angst).
 Neurotransmitters: Chemische stoffen zoals
dopamine, die beloning en plezier beïnvloeden.
 Genetica: Erfelijkheid speelt een rol in aanleg
voor bepaalde gedragingen of eigenschappen.
 Hormonen: Bijvoorbeeld cortisol bij stress of
testosteron bij agressie.
 De 3 domeinen zijn niet in conflict met elkaar, elk gedrag
valt te verklaren vanuit elk van de 3 domeinen.
 Herbenoemen van gedrag: is geen verklaring, het is een
cirkelredenering bv Hij is x, omdat y. hij is y, omdat x
o 3 doelen:
 Heuristisch nut: Gedrag verklaren om het te begrijpen en
te plaatsen.
 Het gaat om een eenvoudige, intuïtieve uitleg
(heuristiek).

,  De verklaring hoeft niet volledig of exact accuraat
te zijn, maar biedt houvast om gedrag te kunnen
vatten.
 Predictief nut: Gedrag verklaren om toekomstig gedrag
te kunnen voorspellen.
 Op basis van verklaringen en patronen inschatten
hoe iemand in een vergelijkbare situatie zal
reageren.
 Dit helpt bij het anticiperen op gedrag.
 Impact nut: Gedrag verklaren om het te beïnvloeden of
te veranderen.
 Inzicht in oorzaken wordt gebruikt om interventies
te ontwerpen.
 Doel is om gewenst gedrag te bevorderen of
ongewenst gedrag te verminderen.
 Toepassing in onderzoeksprojecten:
 Gedrag observeren en beschrijven.
 Een theorie bouwen om gedrag te begrijpen
(heuristisch nut).
 Hypotheses toetsen om gedrag te voorspellen
(predictief nut).
 Interventies ontwikkelen en testen om gedrag te
beïnvloeden (impact nut).

Behaviorisme versus cognitieve
psychologie:

 Behaviorisme:

o Richt zich op observeerbaar
gedrag en vermijdt mentale processen.
o Gedrag wordt verklaard door omgevingsstimuli en reacties.
Systematische observatie en manipulatie
o Belangrijke concepten: klassieke conditionering (bijv. Pavlov)
en operante conditionering (bijv. Skinner).
o Doel: universele gedragswetten formuleren.

 Cognitieve psychologie:

o Bestudeert mentale processen
zoals geheugen, aandacht en
probleemoplossing.

o Beschouwt de mens als een actieve informatieverwerker.

o Onderzoekt hoe informatie wordt waargenomen, verwerkt en
opgeslagen.

, o Maakt gebruik van moderne technologie, zoals hersenscans,
om cognitieve processen te analyseren.

Operationele definities

 Concrete en meetbare omschrijvingen van abstracte concepten,
zoals "stress" gemeten aan de hand van hartslag.

Gesofisticeerd behaviorisme

 Een verfijnde benadering van behaviorisme, met erkenning voor
biologische en cognitieve factoren die gedrag beïnvloeden.

KB1: overtuigingen

 Mentale representaties of schema’s die ons gedrag en denken
sturen.

Confirmatiebias

 De neiging om informatie te zoeken die bestaande overtuigingen
bevestigt, terwijl tegenstrijdige informatie wordt genegeerd.

Onderzoeksmethoden

 Literatuurstudie
Systematische analyse van bestaande wetenschappelijke bronnen
om een onderzoeksvraag te onderbouwen.

 Naturalistische observatie
Gedrag observeren in een natuurlijke omgeving zonder interventie
van de onderzoeker.

 Random toewijzing
Willekeurige verdeling van deelnemers over experimentele condities
om bias te minimaliseren.

 Vragenlijst, opiniepeiling
Instrumenten om zelfgerapporteerde gegevens te verzamelen over
attitudes, overtuigingen of gedrag.

 Gestructureerd / Ongestructureerd interview

o Gestructureerd: Vaste vragen en volgorde, zorgt voor
vergelijkbaarheid.

o Ongestructureerd: Flexibele, open vragen voor diepgaande
inzichten.

 Gestandaardiseerde tests
Instrumenten met vastgestelde normen om prestaties of
eigenschappen objectief te meten.

,  Gevalsstudie
Diepgaand onderzoek naar één individueel geval, fenomeen of
situatie.(kwalitatief)

 Kwalitatief en kwantitatief onderzoek

o Kwalitatief: Diepgaande, beschrijvende data.

o Kwantitatief: Numerieke, statistische data.

 Experiment
Methode waarbij een onafhankelijke variabele wordt gemanipuleerd
om het effect op een afhankelijke variabele te meten.

Kernconcepten

 Reactieve gedragingen en sociale wenselijkheid
Reacties van deelnemers worden beïnvloed door het bewustzijn dat
ze geobserveerd worden.

 Representatieve steekproef
Een steekproef die de populatie waarheidsgetrouw weerspiegelt,
essentieel voor generaliseerbare resultaten.

 Implicit bias
Onbewuste vooroordelen die beslissingen en gedrag beïnvloeden.

 Variabele
Een eigenschap die kan variëren binnen een experiment, zoals
leeftijd of stemming.

 Correlatiecoëfficiënt (r)
Een getal dat de sterkte en richting van een verband tussen twee
variabelen weergeeft. (-1<r<1)

o Correlatie

 Positief: Beide variabelen stijgen samen.

 Negati ef: Eén variabele stijgt, terwijl de andere
daalt.

 Nul: Geen verband tussen de variabelen.

 Causale relaties
Verband waarbij de ene variabele direct verantwoordelijk is voor
veranderingen in de andere.

 (On)afhankelijke Variabele

o Onafhankelijk: Wordt gemanipuleerd.
£7.12
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
eleadvk
5.0
(1)

Get to know the seller

Seller avatar
eleadvk Universiteit Gent
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
5
Member since
9 months
Number of followers
5
Documents
19
Last sold
3 weeks ago

5.0

1 reviews

5
1
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their exams and reviewed by others who've used these revision notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No problem! You can straightaway pick a different document that better suits what you're after.

Pay as you like, start learning straight away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and smashed it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions