Samenvatting Module 7
Inhoudsopgave
Samenvatting Module 7..................................................................................1
Pathologie van arbeid en kraambed:..............................................................................2
Observatie kraambed:................................................................................................. 2
Hyperemesis gravidarum en pathologie placenta:..........................................................6
Borstvoeding:................................................................................................................. 6
Pathologie tijdens de zwangerschap:............................................................................11
Hoofdstuk 1: Bepaling van de amenorrheeduur van een zwangerschap...................11
Hoofdstuk 2: Bloedverlies tijdens het eerste trimester van de zwangerschap...........12
Hoofdstuk 3: Bloedverlies tijdens het tweede en derde trimester van de
zwangerschap........................................................................................................... 15
Hoofdstuk 4: De schildklier in de zwangerschap........................................................19
Hoofdstuk 5: Stoornissen in de foetale groei.............................................................22
Hoofdstuk 6: Het vruchtwater...................................................................................24
Hoofdstuk 7: Screening en behandeling van Groep B Streptokokken (GBS)
dragerschap.............................................................................................................. 26
Hoofdstuk 8: Gebroken vliezen en chorio-amnionitis.................................................27
Hoofdstuk 9: Serotiniteit............................................................................................ 29
Hoofdstuk 10: Hypertensieve aandoeningen.............................................................30
Hoofdstuk 11: Infecties.............................................................................................. 34
Hoofdstuk 12: Klimaatopwarming en hittegolven......................................................40
Hoofdstuk 13: Bloedgroep en Rhesusfactor...............................................................40
Voeding:........................................................................................................................ 42
H1: De voeding van de vrouw met hypertensie:........................................................42
H2: De voeding van de vrouw met overgewicht en obesitas:....................................44
H3: De voeding van de vrouw met diabetes mellitus:...............................................47
H4: Eetstroornissen bij zwangeren:...........................................................................50
Pathologie op de verloskamer:......................................................................................50
Hoofdstuk 1: Algemene inleiding...............................................................................50
Hoofdstuk 2: Niet vorderende arbeid.........................................................................51
Hoofdstuk 3: Schouderdystocie.................................................................................53
Hoofdstuk 4: Kunstverlossingen................................................................................55
Hoofdstuk 5: Tweelingen........................................................................................... 56
Hoofdstuk 6: Vaginale bevalling na sectio in de voorgeschiedenis............................59
Hoofdstuk 7: Meconiaal vruchtwater.........................................................................60
Hoofdstuk 8: Vroeggeboorte......................................................................................61
Hoofdstuk 9: Stuitligging en -bevalling en externe versie.........................................63
Hoofdstuk 10: Navelstrengprolaps.............................................................................68
Hoofdstuk 11: Uterusruptuur.....................................................................................69
Hoofdstuk 12: Verlengde duur van fase 3, manuele placenta-afhaling en
uterusinversie........................................................................................................... 70
Hoofdstuk 13: Vruchtwaterembool, maternale reanimatie en peri-mortem sectio. . . .72
Hoofdstuk 14: Postpartum bloedingen.......................................................................74
Hoofdstuk 15: Postpartum koorts en puerperale infectie...........................................76
Anesthesie:................................................................................................................... 79
Inductie:........................................................................................................................ 79
Liggingen en houding:.................................................................................................. 82
Partus met episiotomie, hechten en knopen:................................................................87
1
,Pathologie van arbeid en kraambed:
Observatie kraambed:
Welke observaties worden uitgevoerd?
• Bloedverlies, BMhoogte (duurt 6 weken), PM (T° en RR), naweeën,
hechtingen, borsten,
6 B’s (te onderzoeken/observeren): blaas, buik, borsten, benen, BM,
bovenkamer (mentale)
3 R’en (te voorzien): rust, regelmaat, reinheid
PREVENTIE PATHOLOGIE ! opsporen pathologie en doorsturen
naar arts
• Blaas
o Welke observaties to do/to ask?
o Welke pathologie?
o Urine retentie:
verhoogd risico door afname blaastonus in
zwangerschap
verhoogde druk door zwangere uterus en plotse afname
van druk na bevalling
verhoogde urineproductie in postpartum rekt hypotone
blaas uit en kan je overloopblaas (paar druppels maar
tijdens urineren) krijgen, als na 4u geen spontane mictie,
dan sonderen en evt. urine naar labo. (Hierbij meer risico
op urineweginfectie)
Meestal spontaan herstel, anders soms 24 tot 48u
verblijfsonde.
Vaker na langdurige arbeid, moeizame bevalling,
kunstverlossing, epidurale en spinale anesthesie
Mictie kan ook reflectoir onderdrukt worden door angst
voor pijn
Kan resulteren in overrekking van de
destrusorspier(blaasspier) waardoor gladde spiercellen
vervangen worden door bindweefsel wat leidt tot
hypocontractiliteit van de blaas. Gevolgen hiervan
kunnen UWI zijn en stress- en/of urgencyincontinentie.
Volle blaas kan ervoor zorgen dat BM niet goed
samentrekt
• Buik
o Welke observaties to do/to ask?
Voelen
Sectiowonde bekijken: genezing
Pijn (nierontsteking)
o Welke pathologie?
o Pyelonefritis (ontsteking nier door opstijgende
urineweginfectie)
Heel vaak kleine beetjes plassen met veel pijn
• Borsten
o Welke observaties to do/to ask?
2
, o Welke pathologie?
o Waar pijn? Roodheid? tepels/borst, stuwing? mastitis?
Oorzaak mastitis: overdruk borst, melk ingekapseld en
ontsteking veroorzaakt, kloven waardoor bacterien naar
binnen gaan in de borst
stuwing: te veel aanmaken melk, kan fysiologisch zijn,
oplossing: voeden op vraag, koude kompressen na
voeding
kloven: lanoline zalf
roodheid: voelen om warmte en pijn te beoordelen: zit
tussen fysiologie en pathologie
• Benen
o Welke observaties to do/to ask?
o Welke pathologie?
o Mogelijkheden: varices, oedemen, oppervlakkige
tromboflebitis, diepe veneuze trombose.
Symptomen tromboflebitis: pijn, warme, rode zwelling
onder de huid. Behandeling: hoogstand, analgetica evt
steunkousen.
Symptomen diepe veneuze trombose: pijn, gezwollen
eerder wit been, positief teken van Homan.
Oedeem in benen = fysiologisch, maar ook een
symptoom bij pre-eclampsie (zwvergiftiging 14/9:
hypertensie = symptoom pre-eclampsie, en proteïnurie
ook symptoom, eclampsie = stuipen)
Varices: warme, zware benen en vaginale spatader zorgt
voor pijn en last tijdens en na de bevalling
Voor wat dienen steunkousen: geeft een verhoging van
snelheid van de circulatie (trage circulatie = kans op
klontering)
o https://www.youtube.com/watch?v=vw7JNeZNgjA
Complicatie: longembolie (dyspnoe (kortademigheid),
tachycardie)!! Behandeling: heparine
(antistollingsmiddel), gevolgd door anticoagulantia
• Baarmoeder
o Welke observaties to do/to ask?
o Welke pathologie?
o Endometritis (8% van de bevallingen) mogelijke oorzaken:
gedaalde afweer en open cervix, frequente veroorzakers
zijn Staf Aureus en groep A streptococcen.
Symptomen: koorts en slechtruikend bloedverlies, kan
ook buikpijn geven.
Komt meestal voor 3 à 4 dagen postpartum
Behandeling: breedspectrumAB.
• Bovenkamer:
o Na een bevalling kunnen meerdere psychiatrische problemen
voorkomen.
o 1. Posttraumatische stressstoornis (na een acute of
ingrijpende gebeurtenis tijdens de bevalling)
3
, Kan zich bvb uiten door het herbeleven van de
bevalling in een nachtmerrie.
Opgelet ook een nieuw gecompliceerde partus kan
als traumatisch ervaren worden.
o 2. Postpartum blues
Veroorzaakt door snelle hormonale veranderingen (ook
door grote overgang en impact daarvan op de vrouw)
Onschuldig maar toch bedacht zijn naar verdere
ontwikkeling tot post partum depressie
Hoelang duur dit?: niet langer dan 48u, langer huilen en
neerslachtig? opgelet voor pathologie (depressie)
o 3. Milde post partum depressie (vaak maar zichtbaar na 3
maanden)
Symptomen: ongelukkigheid, vaak huilen, moeilijkheden
met ‘coping’, zorg rond baby, prikkelbaarheid.
Behandeling psychotherapie en evt. antidepressiva
Met aanleidende oorzaak?: trauma bevalling, BV,
huilbaby…
Optijd doorverwijzen: naar huisarts (kent pt goed)
o 4. Majeure pp depressie:
Ontstaat veelal geleidelijk in de loop vd eerste 2 weken
na de bevalling met 2 pieken v presentatie: 2e en 4e
week post partum.
Symptomen: slaapstoornissen, concentratieproblemen,
angst, waardeloos gevoel, evt suïcidale gedachten,
obsessieve gedachten.
Behandeling medicamenteus en evt langdurige
opname.
o 5. Postpartum Psychose
ontstaat abrupt
Risicofactoren zijn voorgeschiedenis van psychose of
bipolaire stoornis
meestal rond dag 5 pp (dus vnl in 1ste lijn!)
gevaarlijk vr moeder en kind
dringende opname moeder/kind eenheid.
Aanvullende pathologiëen
• Pre eclampsie/ HELLP
o Pre eclampsie: RR, Pols, waakinfuus behouden zeker 48u,
MgSO4 (magnesiumsulfaat: minder kans op stuipen) en
Ebrantil (RR verlagend, enkel te gebruiken na partus, anders
Trandate) zeker 48u voortgezet, urinaire output controleren.
o Zelfde beleid bij HELLP (hemolitische lower platelets) maar ook
anticoagulantia want hier is het risico op trombo embolie
verhoogd!
• Vaginale en vulvaire hematomen
o Oorzaak is meestal trauma tijdens het geboorteproces na
episiotomie of ruptuur.
4
Inhoudsopgave
Samenvatting Module 7..................................................................................1
Pathologie van arbeid en kraambed:..............................................................................2
Observatie kraambed:................................................................................................. 2
Hyperemesis gravidarum en pathologie placenta:..........................................................6
Borstvoeding:................................................................................................................. 6
Pathologie tijdens de zwangerschap:............................................................................11
Hoofdstuk 1: Bepaling van de amenorrheeduur van een zwangerschap...................11
Hoofdstuk 2: Bloedverlies tijdens het eerste trimester van de zwangerschap...........12
Hoofdstuk 3: Bloedverlies tijdens het tweede en derde trimester van de
zwangerschap........................................................................................................... 15
Hoofdstuk 4: De schildklier in de zwangerschap........................................................19
Hoofdstuk 5: Stoornissen in de foetale groei.............................................................22
Hoofdstuk 6: Het vruchtwater...................................................................................24
Hoofdstuk 7: Screening en behandeling van Groep B Streptokokken (GBS)
dragerschap.............................................................................................................. 26
Hoofdstuk 8: Gebroken vliezen en chorio-amnionitis.................................................27
Hoofdstuk 9: Serotiniteit............................................................................................ 29
Hoofdstuk 10: Hypertensieve aandoeningen.............................................................30
Hoofdstuk 11: Infecties.............................................................................................. 34
Hoofdstuk 12: Klimaatopwarming en hittegolven......................................................40
Hoofdstuk 13: Bloedgroep en Rhesusfactor...............................................................40
Voeding:........................................................................................................................ 42
H1: De voeding van de vrouw met hypertensie:........................................................42
H2: De voeding van de vrouw met overgewicht en obesitas:....................................44
H3: De voeding van de vrouw met diabetes mellitus:...............................................47
H4: Eetstroornissen bij zwangeren:...........................................................................50
Pathologie op de verloskamer:......................................................................................50
Hoofdstuk 1: Algemene inleiding...............................................................................50
Hoofdstuk 2: Niet vorderende arbeid.........................................................................51
Hoofdstuk 3: Schouderdystocie.................................................................................53
Hoofdstuk 4: Kunstverlossingen................................................................................55
Hoofdstuk 5: Tweelingen........................................................................................... 56
Hoofdstuk 6: Vaginale bevalling na sectio in de voorgeschiedenis............................59
Hoofdstuk 7: Meconiaal vruchtwater.........................................................................60
Hoofdstuk 8: Vroeggeboorte......................................................................................61
Hoofdstuk 9: Stuitligging en -bevalling en externe versie.........................................63
Hoofdstuk 10: Navelstrengprolaps.............................................................................68
Hoofdstuk 11: Uterusruptuur.....................................................................................69
Hoofdstuk 12: Verlengde duur van fase 3, manuele placenta-afhaling en
uterusinversie........................................................................................................... 70
Hoofdstuk 13: Vruchtwaterembool, maternale reanimatie en peri-mortem sectio. . . .72
Hoofdstuk 14: Postpartum bloedingen.......................................................................74
Hoofdstuk 15: Postpartum koorts en puerperale infectie...........................................76
Anesthesie:................................................................................................................... 79
Inductie:........................................................................................................................ 79
Liggingen en houding:.................................................................................................. 82
Partus met episiotomie, hechten en knopen:................................................................87
1
,Pathologie van arbeid en kraambed:
Observatie kraambed:
Welke observaties worden uitgevoerd?
• Bloedverlies, BMhoogte (duurt 6 weken), PM (T° en RR), naweeën,
hechtingen, borsten,
6 B’s (te onderzoeken/observeren): blaas, buik, borsten, benen, BM,
bovenkamer (mentale)
3 R’en (te voorzien): rust, regelmaat, reinheid
PREVENTIE PATHOLOGIE ! opsporen pathologie en doorsturen
naar arts
• Blaas
o Welke observaties to do/to ask?
o Welke pathologie?
o Urine retentie:
verhoogd risico door afname blaastonus in
zwangerschap
verhoogde druk door zwangere uterus en plotse afname
van druk na bevalling
verhoogde urineproductie in postpartum rekt hypotone
blaas uit en kan je overloopblaas (paar druppels maar
tijdens urineren) krijgen, als na 4u geen spontane mictie,
dan sonderen en evt. urine naar labo. (Hierbij meer risico
op urineweginfectie)
Meestal spontaan herstel, anders soms 24 tot 48u
verblijfsonde.
Vaker na langdurige arbeid, moeizame bevalling,
kunstverlossing, epidurale en spinale anesthesie
Mictie kan ook reflectoir onderdrukt worden door angst
voor pijn
Kan resulteren in overrekking van de
destrusorspier(blaasspier) waardoor gladde spiercellen
vervangen worden door bindweefsel wat leidt tot
hypocontractiliteit van de blaas. Gevolgen hiervan
kunnen UWI zijn en stress- en/of urgencyincontinentie.
Volle blaas kan ervoor zorgen dat BM niet goed
samentrekt
• Buik
o Welke observaties to do/to ask?
Voelen
Sectiowonde bekijken: genezing
Pijn (nierontsteking)
o Welke pathologie?
o Pyelonefritis (ontsteking nier door opstijgende
urineweginfectie)
Heel vaak kleine beetjes plassen met veel pijn
• Borsten
o Welke observaties to do/to ask?
2
, o Welke pathologie?
o Waar pijn? Roodheid? tepels/borst, stuwing? mastitis?
Oorzaak mastitis: overdruk borst, melk ingekapseld en
ontsteking veroorzaakt, kloven waardoor bacterien naar
binnen gaan in de borst
stuwing: te veel aanmaken melk, kan fysiologisch zijn,
oplossing: voeden op vraag, koude kompressen na
voeding
kloven: lanoline zalf
roodheid: voelen om warmte en pijn te beoordelen: zit
tussen fysiologie en pathologie
• Benen
o Welke observaties to do/to ask?
o Welke pathologie?
o Mogelijkheden: varices, oedemen, oppervlakkige
tromboflebitis, diepe veneuze trombose.
Symptomen tromboflebitis: pijn, warme, rode zwelling
onder de huid. Behandeling: hoogstand, analgetica evt
steunkousen.
Symptomen diepe veneuze trombose: pijn, gezwollen
eerder wit been, positief teken van Homan.
Oedeem in benen = fysiologisch, maar ook een
symptoom bij pre-eclampsie (zwvergiftiging 14/9:
hypertensie = symptoom pre-eclampsie, en proteïnurie
ook symptoom, eclampsie = stuipen)
Varices: warme, zware benen en vaginale spatader zorgt
voor pijn en last tijdens en na de bevalling
Voor wat dienen steunkousen: geeft een verhoging van
snelheid van de circulatie (trage circulatie = kans op
klontering)
o https://www.youtube.com/watch?v=vw7JNeZNgjA
Complicatie: longembolie (dyspnoe (kortademigheid),
tachycardie)!! Behandeling: heparine
(antistollingsmiddel), gevolgd door anticoagulantia
• Baarmoeder
o Welke observaties to do/to ask?
o Welke pathologie?
o Endometritis (8% van de bevallingen) mogelijke oorzaken:
gedaalde afweer en open cervix, frequente veroorzakers
zijn Staf Aureus en groep A streptococcen.
Symptomen: koorts en slechtruikend bloedverlies, kan
ook buikpijn geven.
Komt meestal voor 3 à 4 dagen postpartum
Behandeling: breedspectrumAB.
• Bovenkamer:
o Na een bevalling kunnen meerdere psychiatrische problemen
voorkomen.
o 1. Posttraumatische stressstoornis (na een acute of
ingrijpende gebeurtenis tijdens de bevalling)
3
, Kan zich bvb uiten door het herbeleven van de
bevalling in een nachtmerrie.
Opgelet ook een nieuw gecompliceerde partus kan
als traumatisch ervaren worden.
o 2. Postpartum blues
Veroorzaakt door snelle hormonale veranderingen (ook
door grote overgang en impact daarvan op de vrouw)
Onschuldig maar toch bedacht zijn naar verdere
ontwikkeling tot post partum depressie
Hoelang duur dit?: niet langer dan 48u, langer huilen en
neerslachtig? opgelet voor pathologie (depressie)
o 3. Milde post partum depressie (vaak maar zichtbaar na 3
maanden)
Symptomen: ongelukkigheid, vaak huilen, moeilijkheden
met ‘coping’, zorg rond baby, prikkelbaarheid.
Behandeling psychotherapie en evt. antidepressiva
Met aanleidende oorzaak?: trauma bevalling, BV,
huilbaby…
Optijd doorverwijzen: naar huisarts (kent pt goed)
o 4. Majeure pp depressie:
Ontstaat veelal geleidelijk in de loop vd eerste 2 weken
na de bevalling met 2 pieken v presentatie: 2e en 4e
week post partum.
Symptomen: slaapstoornissen, concentratieproblemen,
angst, waardeloos gevoel, evt suïcidale gedachten,
obsessieve gedachten.
Behandeling medicamenteus en evt langdurige
opname.
o 5. Postpartum Psychose
ontstaat abrupt
Risicofactoren zijn voorgeschiedenis van psychose of
bipolaire stoornis
meestal rond dag 5 pp (dus vnl in 1ste lijn!)
gevaarlijk vr moeder en kind
dringende opname moeder/kind eenheid.
Aanvullende pathologiëen
• Pre eclampsie/ HELLP
o Pre eclampsie: RR, Pols, waakinfuus behouden zeker 48u,
MgSO4 (magnesiumsulfaat: minder kans op stuipen) en
Ebrantil (RR verlagend, enkel te gebruiken na partus, anders
Trandate) zeker 48u voortgezet, urinaire output controleren.
o Zelfde beleid bij HELLP (hemolitische lower platelets) maar ook
anticoagulantia want hier is het risico op trombo embolie
verhoogd!
• Vaginale en vulvaire hematomen
o Oorzaak is meestal trauma tijdens het geboorteproces na
episiotomie of ruptuur.
4