100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting hoorcolleges Methoden en Technieken van Bestuurskundig Onderzoek

Rating
-
Sold
-
Pages
51
Uploaded on
12-03-2025
Written in
2023/2024

Samenvatting alle hoorcolleges Methoden en technieken van bestuurskundig onderzoek

Institution
Module











Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Module

Document information

Uploaded on
March 12, 2025
Number of pages
51
Written in
2023/2024
Type
Summary

Subjects

Content preview

Kennisclip 1 - Wetenschapsopvattingen en verschillende soorten
onderzoek

Verschillende wetenschapsopvattingen:
●​ Ontologie = theorie van het zijn
Gaat over de aard van de werkelijkheid: bestaat er een tastbare werkelijkheid, die
onafhankelijk is van de menselijke perceptie (buiten de menselijke perceptie staat)?
Of bestaat de werkelijkheid alleen als ideeën in onze hoofden?
-​ Realisme = er bestaat een objectieve werkelijkheid, buiten de menselijke
perceptie.
-​ Relativisme = werkelijkheid is afhankelijk van menselijke perceptie en
bestaat alleen in de gedachten van mensen, en is dus subjectief.
●​ Epistemologie = theorie van kennis
Houdt zich bezig met de aard van kennis. Is het mogelijk om objectieve kennis over
de werkelijkheid te verwerven? Of is alle kennis afhankelijk van subjectieve
menselijke interpretaties? Oftewel, bestaan universele waarheden, of is kennis
subjectief en afhankelijk van de verschillende perspectieven en ervaringen van zowel
de onderzoeker als de onderzochte.
-​ Objectivisme = het is mogelijk om universele waarheden over de wereld te
ontdekken op basis van objectieve observaties.
-​ Subjectivisme = verwerfde kennis is altijd afhankelijk van de bril waarmee
men naar de wereld kijkt.




Volgens van Thiel zijn er 2 dominante wetenschapsopvattingen in bestuurskundig
onderzoek:
➔​ Positivisme = empirisch-analytische opvatting
Neemt een realistisch ontologisch standpunt en een objectivistisch epistemologisch
standpunt aan. Positivisten nemen aan dat er een objectieve werkelijkheid is die
onafhankelijk is van de menselijke perceptie, waar de onderzoeker kennis over kan
verwerven op basis van neutrale en objectieve observaties.
➔​ Interpretivism = interpretatieve opvatting

, De werkelijkheid is afhankelijk van menselijke percepties, en omdat er een
menigvuldigheid van subjectieve ideeën en ervaringen over de werkelijkheid bestaat,
bestaat er ook een menigvuldigheid van subjectieve werkelijkheden. Subjectieve
ervaringen en subjectieve betekenissen worden toegeschreven aan specifieke
fenomenen en gebeurtenissen. Onderzoekers zijn niet anders dan andere mensen,
zij kijken ook naar de wereld met een bepaalde bril. Het doel van interpretatieve
onderzoekers is om interpretaties te geven van hoe de wereld wordt geïnterpreteerd
door onderzoekssubjecten (dubbele hermeneutiek).

Het vak in het schema rechtsboven is leeg omdat het onlogisch is om als onderzoeker
objectiviteit en neutraliteit na te streven in een poging om universele waarheden te
ontdekken, als je denkt dat de werkelijkheid pluralistisch en subjectief is.

Kritisch realisme is vooral van toepassing op de sociale wetenschap, waarbij er sprake is
van een menigvuldigheid van overlappende sociale structuren. Echter is dit geen impactvolle
wetenschapsopvatting binnen bestuurskundig onderzoek.

Hoe beïnvloeden deze wetenschapsopvattingen hoe onderzoek wordt uitgevoerd?
Om het verschil tussen positivisme en interpretivism te begrijpen, moet je het verschil
tussen erklären en verstehen begrijpen:
-​ Erklären = causale verklaring
-​ Verstehen = interpretatief begrip

Positivisme & erklären:
Positivisten streven naar causale verklaringen. Ontdekken van generaliseerbare verbanden
tussen oorzaak en gevolg. Oftewel, verklaren hoe onafhankelijke variabelen, afhankelijke
variabelen beïnvloeden. Causale verklaringen bestaan uit 2 onderdelen:
-​ Causale relatie = beschrijft welke onafhankelijke variabele gaat de afhankelijke
variabele beïnvloeden, en de richting van het voorgestelde effect (positief/negatief).
Causale relaties kunnen ook indirect zijn, dit betekent dat de onafhankelijke variabele
de afhankelijke variabele beïnvloedt via een effect op een andere variabele =
intervening / mediating variable. Daarnaast bestaan er modererende variabelen
die met het causale verband kunnen integreren.
-​ Causaal mechanisme = om overtuigend te kunnen beweren dat je een causale
verklaring hebt voor een uitkomst, moet de theorie ook kunnen verklaren hoe het
voorgestelde causale verband werkt. Oftewel, waarom de onafhankelijke variabele
de afhankelijke variabele beïnvloedt. De onderliggende drijfkracht achter het causale
verband. De hypothese over een causaal mechanisme, zou voor een hypothese over
een causaal verband moeten komen. Zonder een aannemelijke theorie over een
causaal mechanisme, is er weinig reden om een causale relatie voor te stellen.

De rol van theorie in positivistisch onderzoek is vooral om causale verklaringen te bieden.
Daarom bouwen positivistische onderzoekers causale modellen die generaliseerbaar en
toetsbaar zijn.

De rol van theorie in interpretatief onderzoek is anders.

,Interpretivism & verstehen:
Interpretatief onderzoek streeft niet naar generaliseerbare en toetsbare causale
verklaringen, maar naar diepgaande interpretatief begrip van specifieke fenomenen en
gebeurtenissen, en hoe deze fenomenen en gebeurtenissen zijn ervaren, en de betekenis
die aan deze fenomenen en gebeurtenissen wordt toegeschreven. Interpretatieve
onderzoekers streven naar begrip van hoe de overtuigingen van actoren, gedrag, praktijken
en instituties beïnvloeden. Een interpretatief onderzoek zou bijvoorbeeld proberen om de
ideeën, ervaringen en overtuigingen van mensen in kaart te brengen. Interpretatieve
onderzoekers zijn in zekere zin ook bezig met verklaren, ze proberen namelijk een verhaal
te vertellen over hoe en waarom iets is geworden zoals het is, en niet op een andere manier.
Dit is een andere manier van verklaren dan het verklaren aan de hand van causale
verbanden wat positivisten doen. Interpretatieve verklaringen streven niet naar
generaliseerbaarheid en toetsbaarheid buiten de onderzochte context. Interpretatieve
onderzoekers zien specifieke uitkomsten als inherent verbonden aan specifieke contextuele
factoren en de specifieke ervaringen en het begrip van betrokken actoren. De rol van theorie
in interpretatief onderzoek naar diepgaand begrip en context-specifieke verklaringen, is om
de onderzoeker te voorzien van een kader van theoretische begrippen en ideeën die
bruikbaar zijn voor de onderzoeker in het ontwikkelen van begrip en verklaring van de
onderzochte gebeurtenis of fenomeen. Het wordt gebruikt om de focus van de empirische
dataverzameling te gidsen en te ondersteunen, en om de onderzoeker te helpen in het
interpreteren van de verzamelde data.


Als we praten over verschillende soorten onderzoek is niet alleen de rol van theorie, in de
zin van dat verschillende soorten theorie leiden naar verschillende soorten verklaringen, een
belangrijke factor. Ook de plek van de theorie, oftewel waar de theorie geplaatst is in het
onderzoeksproces, is belangrijk als we onderscheid maken tussen verschillende soorten
onderzoek. Wat betreft de plek van de theorie kan er onderscheid gemaakt worden tussen
inductief en deductief onderzoek, dit zegt iets over waar theorie zich bevindt in het
onderzoeksproces in relatie tot de empirische data:
-​ Inductief onderzoek = neemt empirische data als beginpunt. Door een bepaalde
gebeurtenis of fenomeen te bestuderen, ontdekt de onderzoeker kenmerken en
oorzaken van deze gebeurtenissen of fenomenen. Op basis van deze empirische
observaties kan een meer algemene theorie ontwikkeld worden.
-​ Deductief onderzoek = neemt theorie als beginpunt. De theorie geeft in dit soort
onderzoek een algemene verklaring voor de onderzochte gebeurtenis of fenomeen.
Deze theorie wordt toegepast of getoetst op empirische data om te checken of de
theorie wel of niet klopt.

De plek van theorie in positivistisch onderzoek:
Volgens van Thiel hebben positivisten vaak een voorkeur voor deductief onderzoek. Dit is
in zekere zin waar omdat positivisten toetsend onderzoek waarderen. Alleen wanneer
hypotheses empirisch zijn getoetst, zijn positivisten bereid om te zeggen dat een theorie een
overtuigende causale verklaring biedt van een gebeurtenis of fenomeen. Echter is dit wel
een vereenvoudiging, want om toetsend onderzoek te kunnen uitvoeren hebben we een

, theorie nodig om te kunnen toetsen, en deze verschijnt niet uit het niets. Zelfs abstract
theoretisch denken is beïnvloed door waargenomen patronen en regelmatigheden in de
empirische wereld. Inductief onderzoek speelt dus zeker ook een rol in positivistisch
onderzoek, maar het toetsen van een theorie is altijd het einddoel. Als inductief onderzoek
niet een bijdrage levert aan het ontwikkelen van generaliseerbare en toetsbare theorie, heeft
het weinig nut voor positivisten. Het onderzoeksproces kan daarom gezien worden als een
cyclus waarin inductief en deductief onderzoek elkaar opeenvolgend volgen. Inductief
onderzoek wordt gebruikt om causale theorieën en hypothesen te ontwikkelen, die daarna
deductief getoetst worden. Door de theorie te toetsen krijgen we meer kennis over de
verklarende kracht van de theorie. Als de theorie, of delen van de theorie, niet blijken te
kloppen, en niet in staat is om het onderzochte fenomeen, of delen ervan, te verklaren,
kunnen we concluderen dat er een leemte in kennis is. Er zijn dan dingen die de theorie nog
niet kan verklaren. Als dit het geval is, gaan positivistische onderzoekers terug naar de
empirie om de leemte in kennis inductief te bestuderen, met het doel om een alternatieve
theorie te ontwikkelen, of de bestaande theorie te verbeteren, die opnieuw deductief
getoetst kan worden. Door deze cyclus steeds weer te doorlopen, is het idee dat
wetenschappelijke kennis verbeterd wordt, en dat er theorie wordt ontwikkeld die nog
nauwkeuriger de werkelijkheid reflecteert. Niet elk onderzoek hoeft door de hele cyclus te
gaan. In plaats daarvan focust individueel onderzoek vaak op een deel van de cyclus:
deductief of inductief, en bouwt voort op het onderzoek van anderen. Deductief
onderzoek toetst meestal een theorie die in grote mate is ontwikkeld door anderen, terwijl
inductief onderzoek leemtes in bestaand onderzoek probeert te vullen, in de zin dat er
weinig theorie bestaat voor het verklaren van een bepaald fenomeen, of dat toetsend
onderzoek heeft laten zien dat bestaande theorieën verbeterd of vervangen moeten worden,
omdat de theorie niet in staat is om een theorie te verklaren. Kortom, positivistische
onderzoekers zien het als geschikt om inductief of deductief onderzoek uit te voeren,
afhankelijk van de hoeveelheid van bestaande kennis over het onderzochte onderwerp.




De plek van theorie in interpretatief onderzoek:
Volgens van Thiel hebben interpretatieve onderzoekers meestal een voorkeur voor
inductief onderzoek. Maar ook dit is een vereenvoudiging. Verschillende interpretatieve
onderzoeken verschillen namelijk in de mate waarin ze neigen naar een deductieve of
inductieve benadering. Bestaande theorie werkt vaak, maar niet altijd, als richtlijnen voor
interpretatief onderzoek. Het geeft richting aan empirische dataverzameling en informeert
de interpretaties van de onderzoeker. Maar het detail en de volledigheid van de theoretische
kaders die zulke beginpunten vormen verschillen wel. Theorie die wordt gebruikt in
£8.05
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
schoemakerjulie
3.0
(1)

Get to know the seller

Seller avatar
schoemakerjulie Universiteit van Amsterdam
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
9
Member since
5 year
Number of followers
0
Documents
18
Last sold
2 months ago

3.0

1 reviews

5
0
4
0
3
1
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their exams and reviewed by others who've used these revision notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No problem! You can straightaway pick a different document that better suits what you're after.

Pay as you like, start learning straight away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and smashed it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions