Psycho(patho)logie
Hoorcollege 1:
Toets:
21 mei 2024 9:00
60 gesloten vragen, 100 minuten
Deelgebieden ontwikkelingspsychologie:
o Fysieke/motorische ontwikkeling.
Invloed van het lichaam op het gedrag.
o Cognitieve ontwikkeling, Piaget.
Hoe groei en verandering in intellectuele vermogens ons gedrag beïnvloedt.
Sociale en persoonlijkheidsontwikkeling, Vygotsky en Erikson.
Sociaal-emotionele ontwikkeling: manier waarop de interacties van mensen en
hun sociale relaties in de loop van hun leven groeien, veranderen en stabiel
blijven.
Persoonlijkheidsontwikkeling: stabiliteit en verandering in de
karaktereigenschappen die het ene van het andere individu onderscheiden.
Continue of discontinue veranderding:
o Continue gaat geleidelijk
o Discontinue gaat in stapjes
Groeien, langer worden: continue
Beheersing van de blaas: discontinue
Cognitieve verandering (lezen/leren): continue
Nature-nurture:
o Nature: erfelijk/genen
o Nurture: ontwikkeling/omgeving
Kritieke-gevoelige periodes:
o Kritieke periodes: specifieke tijd in de ontwikkeling waarin een bepaalde gebeurtenis
de grootste gevolgen heeft.
o Rodehond, waterpokken
o Onomkeerbaar
o Gevoelige periodes: bepaalde periode in de ontwikkeling waarin mensen extra
gevoelig zijn voor bepaalde gebeurtenissen.
o Hechting
o Taal
Plasticiteit hoef je niet te weten.
,Leerdoel 1:
Wat voor invloed heeft stress van de moeder op de baby in de baarmoeder?
o Verhoogde hartslag baby;
o Stressgevoeliger/stress seeking;
o Hartproblemen, diabetes, mentale problemen.
Kan een baby al leren voordat het geboren is?
o Geheugen ontstaat bij 32 weken (rijmpjes onthouden);
o ‘Leren’ in de zin van: stimuli lokken reactie uit (zoals muziek).
Teratogene effecten:
Terras = monster
Gennan = voortbrengen
o Voedingspatroon van de moeder;
o Leeftijd van de moeder;
o Gezondheid van de moeder;
o Drugs/medicijngebruik;
o Alcohol, cafeïne, tabak;
o Maar ook: invloed van vaders.
Leerdoel 2:
Geboorte:
1. Te vroeg (prematuur: minder dan 38 weken);
2. Te licht (wegen minder dan 2500 gram);
3. Te laat (postmatuur: 2 weken na uitgerekende datum nog in buik);
4. Zeer laag (minder dan 1250 gram en/of minder dan 30 weken in de baarmoeder).
Welke cognitieve/psychische problemen kunnen ontstaan bij een baby die te vroeg of te licht
is geboren?
o Baby is nog niet volgroeid en heeft zich nog niet volledig kunnen ontwikkelen;
o Meer energie gat naar lichamelijke overleving en minder naar de
prikkelverwerking/cognitieve ontwikkeling.
Mogelijke gevolgen:
o Leerproblemen;
o Aandachtsproblemen;
o Lager IQ;
o Gedragsproblemen;
o Fysieke coördinatie.
Na bevalling:
Roze wolk: vrolijk gevoel
Baby blues: depressie (postnatale depressie)
Wonderen van een pasgeboren baby:
o Reflexen: zuigreflex, slikreflex, knipperen, zoekreflex;
o Zintuigen: reuk, tast, zicht, gehoor, smaak;
o Leren;
o Sociale vaardigheden.
, Leerdoel 3:
Motorische ontwikkeling:
1. 0-3 maanden: hoofd oprichten, observeren;
2. 3-6 maanden: grijpen, doelgericht pakken;
3. 5-8 maanden: zitten;
4. 8-10 maanden: kruipen;
5. 9-15 maanden: lopen (vasthoudend);
6. 12-24 maanden: lopen (zonder steun).
Cognitieve ontwikkeling, volgens Piaget:
o Babytijd: sensomotorische fase;
o Hoe leert een baby de wereld kennen? ;
o Schema: manier waarop baby (ieder mens) kennis en inzicht over object
creëert;
o Adaptie: aanpassen aan de omgeving;
Assimilatie: iets nieuws plaatsen in iets dat je al kent.;
Accommodatie: bijstellen van je denkbeeld, aanpassen.
o Peuter-kleuterleeftijd: pre-operationele fase;
o Schoolleeftijd: concreet operationele fase .
Sensomotorische stadia: plaatje van de levensjaren staan in het boek.
Objectpermanentie: kind gaat zich bewust ervan worden dat een object aanwezig is, ondanks
dat deze niet zichtbaar is.
Sociale en persoonlijkheidsontwikkeling:
Leeftijd is belangrijk bij de toets
1. Basis sociaal gedrag;
2. Relaties aangaan: hechting;
3. Persoonlijkheid (Erikson), temperament.
Social referencing: ‘Checkt bij vader of het oké is’
Vreemdenangst: ‘Kijkt weg als arts aanspreekt, kijkt blij als vader aanspreekt’
Scheidingsangst: ‘Moet scan maken, vader en moeder moeten op afstand staan’
Lees verder in PowerPoint vanaf dia 47.
Hoorcollege 1:
Toets:
21 mei 2024 9:00
60 gesloten vragen, 100 minuten
Deelgebieden ontwikkelingspsychologie:
o Fysieke/motorische ontwikkeling.
Invloed van het lichaam op het gedrag.
o Cognitieve ontwikkeling, Piaget.
Hoe groei en verandering in intellectuele vermogens ons gedrag beïnvloedt.
Sociale en persoonlijkheidsontwikkeling, Vygotsky en Erikson.
Sociaal-emotionele ontwikkeling: manier waarop de interacties van mensen en
hun sociale relaties in de loop van hun leven groeien, veranderen en stabiel
blijven.
Persoonlijkheidsontwikkeling: stabiliteit en verandering in de
karaktereigenschappen die het ene van het andere individu onderscheiden.
Continue of discontinue veranderding:
o Continue gaat geleidelijk
o Discontinue gaat in stapjes
Groeien, langer worden: continue
Beheersing van de blaas: discontinue
Cognitieve verandering (lezen/leren): continue
Nature-nurture:
o Nature: erfelijk/genen
o Nurture: ontwikkeling/omgeving
Kritieke-gevoelige periodes:
o Kritieke periodes: specifieke tijd in de ontwikkeling waarin een bepaalde gebeurtenis
de grootste gevolgen heeft.
o Rodehond, waterpokken
o Onomkeerbaar
o Gevoelige periodes: bepaalde periode in de ontwikkeling waarin mensen extra
gevoelig zijn voor bepaalde gebeurtenissen.
o Hechting
o Taal
Plasticiteit hoef je niet te weten.
,Leerdoel 1:
Wat voor invloed heeft stress van de moeder op de baby in de baarmoeder?
o Verhoogde hartslag baby;
o Stressgevoeliger/stress seeking;
o Hartproblemen, diabetes, mentale problemen.
Kan een baby al leren voordat het geboren is?
o Geheugen ontstaat bij 32 weken (rijmpjes onthouden);
o ‘Leren’ in de zin van: stimuli lokken reactie uit (zoals muziek).
Teratogene effecten:
Terras = monster
Gennan = voortbrengen
o Voedingspatroon van de moeder;
o Leeftijd van de moeder;
o Gezondheid van de moeder;
o Drugs/medicijngebruik;
o Alcohol, cafeïne, tabak;
o Maar ook: invloed van vaders.
Leerdoel 2:
Geboorte:
1. Te vroeg (prematuur: minder dan 38 weken);
2. Te licht (wegen minder dan 2500 gram);
3. Te laat (postmatuur: 2 weken na uitgerekende datum nog in buik);
4. Zeer laag (minder dan 1250 gram en/of minder dan 30 weken in de baarmoeder).
Welke cognitieve/psychische problemen kunnen ontstaan bij een baby die te vroeg of te licht
is geboren?
o Baby is nog niet volgroeid en heeft zich nog niet volledig kunnen ontwikkelen;
o Meer energie gat naar lichamelijke overleving en minder naar de
prikkelverwerking/cognitieve ontwikkeling.
Mogelijke gevolgen:
o Leerproblemen;
o Aandachtsproblemen;
o Lager IQ;
o Gedragsproblemen;
o Fysieke coördinatie.
Na bevalling:
Roze wolk: vrolijk gevoel
Baby blues: depressie (postnatale depressie)
Wonderen van een pasgeboren baby:
o Reflexen: zuigreflex, slikreflex, knipperen, zoekreflex;
o Zintuigen: reuk, tast, zicht, gehoor, smaak;
o Leren;
o Sociale vaardigheden.
, Leerdoel 3:
Motorische ontwikkeling:
1. 0-3 maanden: hoofd oprichten, observeren;
2. 3-6 maanden: grijpen, doelgericht pakken;
3. 5-8 maanden: zitten;
4. 8-10 maanden: kruipen;
5. 9-15 maanden: lopen (vasthoudend);
6. 12-24 maanden: lopen (zonder steun).
Cognitieve ontwikkeling, volgens Piaget:
o Babytijd: sensomotorische fase;
o Hoe leert een baby de wereld kennen? ;
o Schema: manier waarop baby (ieder mens) kennis en inzicht over object
creëert;
o Adaptie: aanpassen aan de omgeving;
Assimilatie: iets nieuws plaatsen in iets dat je al kent.;
Accommodatie: bijstellen van je denkbeeld, aanpassen.
o Peuter-kleuterleeftijd: pre-operationele fase;
o Schoolleeftijd: concreet operationele fase .
Sensomotorische stadia: plaatje van de levensjaren staan in het boek.
Objectpermanentie: kind gaat zich bewust ervan worden dat een object aanwezig is, ondanks
dat deze niet zichtbaar is.
Sociale en persoonlijkheidsontwikkeling:
Leeftijd is belangrijk bij de toets
1. Basis sociaal gedrag;
2. Relaties aangaan: hechting;
3. Persoonlijkheid (Erikson), temperament.
Social referencing: ‘Checkt bij vader of het oké is’
Vreemdenangst: ‘Kijkt weg als arts aanspreekt, kijkt blij als vader aanspreekt’
Scheidingsangst: ‘Moet scan maken, vader en moeder moeten op afstand staan’
Lees verder in PowerPoint vanaf dia 47.