BELEID EN ETHIEK IN DE SOCIAL PROFIT
BELEID LEERPAD 4: ORGANISATIEVERANDERING ZIE ANDERE SV
1. DE NOODZAAK VAN VERANDERING
1.1. WAT?
- Vermogen om te veranderen is een must have voor elk bedrijf en elke organisatie
- Vroeger was een organisatie een symbool voor stabiliteit en routine, voorspelbaarheid
- Organisaties en bedrijven zijn continu in verandering
- Hoge nood dat organisaties permanent in verandering zijn
Stijgende concurrentie, veeleisendere cliënten, markt verandert door maatschappelijke
tendensen
- Vraagt heel veel tijd + werk : wordt niet zomaar gedaan
1.2. DEFINITIE VAN ORGANISATIEVERANDERING
= Een wijziging in een organisatie die de verwachtingen van medewerkers t.a.v. hun toekomst ingrijpend gaat
veranderen.
- Ingrijpende wijzigingen
Aanpassing waar iedereen effect van gaat voelen
- In korte tijd
Geen subtiele wijziging op een langdurige periode
Op korte tijd verandert veel en iedereen zal dat merken
- Van structuur en processen van een organisatie
Verandering is vaak in kern van organisatie en wordt aangestuurd vanuit de kern
- Meestal aangestuurd door de strategische top/management
- Doelgerichte planmatige aanpak
Je kan dat niet zomaar doen : heel goed over nadenken
1.3. WAAR KAN JE ALLEMAAL IN VERANDEREN?
- Visie, missie, strategie en/of doelstellingen van organisatie
- Organisatiestructuur met bijhorende verantwoordelijkheden + bevoegdheden
- Eisen die aan medewerkers worden gesteld t.a.v. functie en functioneren (bijscholing, kennis,
vaardigheden, opleidingsniveau, attitude,…)
- Methodieken : werkwijze + werkprocessen
- Taken / taakstructuur
, - Regels en interne procedures
1.4. VERANDERMODEL
- Diagnose
Elke verandering start met goede diagnose
Wat zijn sterktes, zwaktes?
Wat is er al aanwezig in de organisatie?
Wat kunnen we zelf doen?
Wat heeft de omgeving nodig?
- Strategie
We kennen huidige situatie : maken plan op om het aan te pakken
Hoe pakken we het aan om naar de gewenste situatie te doen?
Vloeit voor uit analyse van macro-omgeving, concurrentieanalyse, interne analyse,… die
strategie bepaalt
- Interventies
Wat is de gewenste toestand en welke acties ondernemen we hiervoor? –
Doelstellingen maken + actieplannen formuleren
1.4.1. EXTERNE FACTOREN (~INPUT BIJ KWALITEITSZORG)
- competitie
Concurrentie : meer spelers in veld – moet je positioneren en doen verschillen –
BELEID LEERPAD 4: ORGANISATIEVERANDERING ZIE ANDERE SV
1. DE NOODZAAK VAN VERANDERING
1.1. WAT?
- Vermogen om te veranderen is een must have voor elk bedrijf en elke organisatie
- Vroeger was een organisatie een symbool voor stabiliteit en routine, voorspelbaarheid
- Organisaties en bedrijven zijn continu in verandering
- Hoge nood dat organisaties permanent in verandering zijn
Stijgende concurrentie, veeleisendere cliënten, markt verandert door maatschappelijke
tendensen
- Vraagt heel veel tijd + werk : wordt niet zomaar gedaan
1.2. DEFINITIE VAN ORGANISATIEVERANDERING
= Een wijziging in een organisatie die de verwachtingen van medewerkers t.a.v. hun toekomst ingrijpend gaat
veranderen.
- Ingrijpende wijzigingen
Aanpassing waar iedereen effect van gaat voelen
- In korte tijd
Geen subtiele wijziging op een langdurige periode
Op korte tijd verandert veel en iedereen zal dat merken
- Van structuur en processen van een organisatie
Verandering is vaak in kern van organisatie en wordt aangestuurd vanuit de kern
- Meestal aangestuurd door de strategische top/management
- Doelgerichte planmatige aanpak
Je kan dat niet zomaar doen : heel goed over nadenken
1.3. WAAR KAN JE ALLEMAAL IN VERANDEREN?
- Visie, missie, strategie en/of doelstellingen van organisatie
- Organisatiestructuur met bijhorende verantwoordelijkheden + bevoegdheden
- Eisen die aan medewerkers worden gesteld t.a.v. functie en functioneren (bijscholing, kennis,
vaardigheden, opleidingsniveau, attitude,…)
- Methodieken : werkwijze + werkprocessen
- Taken / taakstructuur
, - Regels en interne procedures
1.4. VERANDERMODEL
- Diagnose
Elke verandering start met goede diagnose
Wat zijn sterktes, zwaktes?
Wat is er al aanwezig in de organisatie?
Wat kunnen we zelf doen?
Wat heeft de omgeving nodig?
- Strategie
We kennen huidige situatie : maken plan op om het aan te pakken
Hoe pakken we het aan om naar de gewenste situatie te doen?
Vloeit voor uit analyse van macro-omgeving, concurrentieanalyse, interne analyse,… die
strategie bepaalt
- Interventies
Wat is de gewenste toestand en welke acties ondernemen we hiervoor? –
Doelstellingen maken + actieplannen formuleren
1.4.1. EXTERNE FACTOREN (~INPUT BIJ KWALITEITSZORG)
- competitie
Concurrentie : meer spelers in veld – moet je positioneren en doen verschillen –