Richtlijn Hartrevalidatie
Jaar 2 kwartaal 4
Studiejaar 2017/2018
Samenvatting Praktijkrichtlijn Hartrevalidatie
Domenica Krens
Coronairlijden:
De zorg voor hartpatiënten wordt onderscheidt in de volgende fasen:
1. Preoperatieve fase: start bij voorkeur 4 weken preoperatief voor mensen die een
openhartoperatie (coronary artery bypass grafting (CABG) en/of klepoperatie)) moeten
ondergaan en een hoog risico lopen op het ontwikkelen van een postoperatieve pulmonale
complicatie.
2. Fase I/klinische fase (opname in het ziekenhuis): start direct na de acute cardiologische
gebeurtenis zoals een acuut coronair sydroom (ACS), hartfalen, of een acute opname in een
ziekenhuis vanwege een andere cardiologische aandoening. Hierbij is relatieve rust
geïndiceerd met wanneer nodig aanvullende longfysiotherapie. Daarna wordt er zo spoedig
mogelijk met dynamische mobilisatieoefeningen, die worden uitgebreid tot algemene
dagelijkse activiteiten zoals lopen en traplopen.
3. Fase II/revalidatiefase: deze fase begint na het onstlag uit het ziekenhuis. Het
fysiotherapeutische behandelprogramma bestaat uit het informeren en adviseren, het
opstellen en begeleiden van een beweegprogramma op maat en het verzorgen van een
ontspanningsprogramma.
4. Fase III/postrevalidatiefase: deze fase is vooral gericht op het behoud van de in fase II
ingezette actieve leefstijl.
De mensen die op basis van coronairlijden worden verwezen voor hartrevalidatie zijn:
- Patiënten met een acuut coronair syndroo (ACS), waaronder een acuut myocard infarct
(AMI) en instabiele angina pectoris (IAP)
- Patiënten met angina pectoris (AP)
- Patiënten die een (acute of electieve) percutane coronaire interventie (PCI) hebben
ondergaan.
- Patiënten die een coronary artery bypass grafting (CABG) of een klepoperatie hebben
ondergaan.
Coronairlijden of coronaire hartziekten zijn aandoeningen die worden veroorzaakt door
vernauwingen van de kransslagader, als gevolg van atheroslerose. Er wordt onderscheid gemaakt in
één-, twee- en drietakscoronairlijden.
, Cardiovasculaire risicofactoren:
Beïnvloedbare factoren:
- Roken
- Ongezond voedingspatroon
- (systolische) hypertensie
- Body-mass index (BMI) > 30 kg/m2 of middelomtrek >102cm bij mannen en > 88cm bij
vrouwen.
- Gestoorde lipidensprectrum (hypercholesterolemie en hyperlipidemie)
- Diabetes mellitus type 2
- Overmatig alcoholgebruik
- Lichamelijke inactiviteit
- Gebrek aan sociale steun
- Psychische factoren zoals stress, depressie en angst.
Niet-beïnvloedbare factoren:
- Genetische prepositie
- Mannelijk geslacht
- Leeftijd
Prognostische factoren die het herstelproces beïnvloeden zijn: de mate/ernst van de hartziekte, de
resterende linkerventrikelfunctie, comorbiditeit (artrose, COPD, perifeer vaatlijden, obesitas, kanker,
diabetes mellitus, CVA, psychische factoren (depressie en angst) en gebrek aan sociale steun.
Preoperatieve fysiotherapie bij patiënten met een verhoogd risico op het ontwikkelen van een
postoperatieve pulmonale complicatie (PPC) reduceert de mortaliteit, morbiditeit (minder
luchtweginfecties), de beademingsduur en de ligduur in het ziekenhuis.
Jaar 2 kwartaal 4
Studiejaar 2017/2018
Samenvatting Praktijkrichtlijn Hartrevalidatie
Domenica Krens
Coronairlijden:
De zorg voor hartpatiënten wordt onderscheidt in de volgende fasen:
1. Preoperatieve fase: start bij voorkeur 4 weken preoperatief voor mensen die een
openhartoperatie (coronary artery bypass grafting (CABG) en/of klepoperatie)) moeten
ondergaan en een hoog risico lopen op het ontwikkelen van een postoperatieve pulmonale
complicatie.
2. Fase I/klinische fase (opname in het ziekenhuis): start direct na de acute cardiologische
gebeurtenis zoals een acuut coronair sydroom (ACS), hartfalen, of een acute opname in een
ziekenhuis vanwege een andere cardiologische aandoening. Hierbij is relatieve rust
geïndiceerd met wanneer nodig aanvullende longfysiotherapie. Daarna wordt er zo spoedig
mogelijk met dynamische mobilisatieoefeningen, die worden uitgebreid tot algemene
dagelijkse activiteiten zoals lopen en traplopen.
3. Fase II/revalidatiefase: deze fase begint na het onstlag uit het ziekenhuis. Het
fysiotherapeutische behandelprogramma bestaat uit het informeren en adviseren, het
opstellen en begeleiden van een beweegprogramma op maat en het verzorgen van een
ontspanningsprogramma.
4. Fase III/postrevalidatiefase: deze fase is vooral gericht op het behoud van de in fase II
ingezette actieve leefstijl.
De mensen die op basis van coronairlijden worden verwezen voor hartrevalidatie zijn:
- Patiënten met een acuut coronair syndroo (ACS), waaronder een acuut myocard infarct
(AMI) en instabiele angina pectoris (IAP)
- Patiënten met angina pectoris (AP)
- Patiënten die een (acute of electieve) percutane coronaire interventie (PCI) hebben
ondergaan.
- Patiënten die een coronary artery bypass grafting (CABG) of een klepoperatie hebben
ondergaan.
Coronairlijden of coronaire hartziekten zijn aandoeningen die worden veroorzaakt door
vernauwingen van de kransslagader, als gevolg van atheroslerose. Er wordt onderscheid gemaakt in
één-, twee- en drietakscoronairlijden.
, Cardiovasculaire risicofactoren:
Beïnvloedbare factoren:
- Roken
- Ongezond voedingspatroon
- (systolische) hypertensie
- Body-mass index (BMI) > 30 kg/m2 of middelomtrek >102cm bij mannen en > 88cm bij
vrouwen.
- Gestoorde lipidensprectrum (hypercholesterolemie en hyperlipidemie)
- Diabetes mellitus type 2
- Overmatig alcoholgebruik
- Lichamelijke inactiviteit
- Gebrek aan sociale steun
- Psychische factoren zoals stress, depressie en angst.
Niet-beïnvloedbare factoren:
- Genetische prepositie
- Mannelijk geslacht
- Leeftijd
Prognostische factoren die het herstelproces beïnvloeden zijn: de mate/ernst van de hartziekte, de
resterende linkerventrikelfunctie, comorbiditeit (artrose, COPD, perifeer vaatlijden, obesitas, kanker,
diabetes mellitus, CVA, psychische factoren (depressie en angst) en gebrek aan sociale steun.
Preoperatieve fysiotherapie bij patiënten met een verhoogd risico op het ontwikkelen van een
postoperatieve pulmonale complicatie (PPC) reduceert de mortaliteit, morbiditeit (minder
luchtweginfecties), de beademingsduur en de ligduur in het ziekenhuis.