HERPESVIRIDAE – 8 SEROTYPES
Genoom + structuur:
- Lineair dsDNA
- Icosahedraal
- Enveloped
- Geen eigen polymerase
- Groot + groot genoom
- Tussen envelop met spikes en nucleocapside in: tegument
- Genoom bestaat uit:
o Us: korte unieke sequenties
o UL: lange repetitieve sequenties
o Box’en: repetitieve sequenties
Replicatie:
- gC spikes hechten aan heparan-sulfaat (proteoglycanen) op celmembraan
- gD spikes hechten aan TNF receptoren op celmembraan
- de envelop fuseert met celmembraan door gB en gH-gL
- capside migreert nr de kern en geeft viraal DNA af via de kernporieën
- het DNA circulariseert
- de immediate early genes ondergaan transcriptie (kern) tot mRNA en translatie (cytoplasma) tot
eiwitten
- de early genes ondergaan transcriptie en translatie zorgen voor DNA replicatie in een lange streng
- de late genes ondergaan transcriptie en translatie structurele eiwitten (capside, glycoprot, …)
- er wordt telkens een stuk DNA afgeknipt vd lange streng en verpakt in een capside
- capside met DNA gaat nr kernmembraan
- exocytose in envelop met glycoproteinen/spikes viruspartikel = klaar
Antivirale therapie: Acyclovir (ganiciclovir, peniciclovir, brivudine)
- Zovirax Acyclovir = werkzame bestanddeel
- Werkt enkel op replicerend HSV
- ACV gaat naar kern en wordt door een viraal thymidine kinase gefosforyleerd tot ACV-MP
- AMV wordt nog 2 keer gefosforyleerd tot ACV-DP (dr GMP kinase) en ACV-TP (dr NDP kinase)
- ACV-TP is een dGTP nucleoside analoog wordt herkend door viraal DNA polymerase en ingebouwd
in viraal DNA stop synthese en replicatie
- Is enkel werkzaam op geïnfecteerde cellen
- Wel kans op resistentie mutatie in viraal thymidine kinase
- Alternatief tegen resistentie Cidovir ACV dat al 1x gefosforyleerd is (ACV-MP)
- Werkzaam tegen HSV-1, 2 en VZV en CMV
1
,HERPES SIMPLEX - HSV-1 (TYP E I )
Pathogense:
- Transmissie: speeksel, huid-huid contact
- Dringt epitheelcellen vd genitaliën of de orale mucosa binnen
- Nestelt zich in trigeminale ggl van sensorische neuronen
- LATs: Latency Associated Transcripts
RNA dat bij expressie ervoor zorgt dat de replicatie stilvalt
- Kan 30 tot 60 jaar latent blijven
- reactivatie bij bepaalde omstandigheden: koorts, zonlicht, menstruatie, stress
LATs niet meer tot expressie
- virus trekt naar locale zone: de huid rond de mond
idem vr HSV-2 maar dan nr andere locale zones en andere transmissie
Symptomen:
- Orale ulcers/cold sores/ koortsblaren = herpes gingivostomatitis
kwijlen, niet eten (bij kindjes)
- Prodroom = kleine aspecifieke symptomen die eerst verschijnen
- Koorts
- Bij immunodeficiëntie:
o uitbreiden vd herpes labialis: meer ulceraties en necrose
o verspreiding naar ogen: keratitis, conjunctivitis en blepharoconjunctivitis
- Herpetic whitlow:
o Zwellingen, blaren, donkere kleur op vingertoppen
o Vooral via huid-huid contact contactsporten
o ‘herpes gladiatorum’ of ‘herpes rugbiorum’
- Eczema herpeticum: HSV infectie bij persoon met eczeem
Wie/waar/wanneer:
- Vaak bij kinderen onopgemerkt slechts 1/4 symptomatisch
- Kinderen onder 6 maanden = beschermd door AS moedermelk
HSV-2 (TYPE II )
Herpes genitalis:
- Transmissie: seksueel contact (SOA)
- Bij 80% reactivatie (wel minder erg)
- Genitale wratten
Neonatale herpes:
- Tansmissie: intra-uterien, tijdens bevalling (bloeduitwisseling), postnataal
- Vermijden door keizersnede
Herpes (meningo)encephalitis:
- Bij neonaten door HSV-2
- Bij kinderen en volwassenen door HSV-1
o 1/3 bij primaire infectie
2
, o 2/3 bij reactivatie
Pathogenese:
- Infectie via mucosa
- Via bloed naar organen (viremie)
- Verspreiding naar hersenen dodelijke CZS infecties ((meningo)encephalitis)
- Naar ggl vn sensoriële neuronen latent
- Reactivatie mogelijk terug verspreiding naar de hersenen of via de mucosa naar de andere organen
VARICELLA-ZOSTER VIRUS – VZV (TYPE II I)
Pathogenese:
- Kind loopt primaire infectie op (eventueel congenitaal) - Varicella
- Ieder dermatoom kan worden geïnfecteerd waterpokken over hele lichaam
- Geeft complicaties, maar herstelt zich virus wordt latent in ggl.
- Reactivatie op oudere leeftijd (>60) - Zoster
- Geeft complicaties bij 15%
Varicella:
- Vooral kinderen tussen 2 en 6 jaar
- Transmissie: via druppelinfectie
- Incubatietijd: 13 tot 17 dagen
- Symptomen:
o koorts
o wind/waterpokken:
blaasjes gevuld met vocht = macopapulaire rash
gezicht en schedel eerst
snelle evolutie van rash – blaasjes – puistjes – korstjes
- Besmettelijk: 1 dag voor tot 6 dagen na uitbraak
- Complicaties:
o Letsels thv mondmucosa en conjunctiva
o Pneumonie
o Encephalitis
o Bacteriële sepsis
- Zwangere vrouwen congenitale/neonatale varicella:
o 30% neonatale mortaliteit
o Pneumonie
o Hepatitis
o meningoencephalitis
Zoster:
- Ouderen >60
- Bij 10-20% vd primo geïnfecteerden
- Zona intercostalis/gordelroos
- Minder besmettelijk dan Varicella
- Symptomen:
o Plotse pijn
o Unilaterale letsels thv ribben/borst
meestal slechts 1 dermatoom
3
, - Postherpetische neuralgie: pijn blijft nog maanden
- Complicaties: meningocephalitis, myelitis, gastro-intestinale ulcers, pancreatitis, hepatitis
- Zona opthalmica:
o Letsels door N. Opthalmicus
o Voorhoofd, wangen, oogleden, cornea, iris, retina
blindheid tot gevolg
o unilateraal
- VZV Bell’s Palsy:
o N facialis afgekneld in rotsbeen
o Unilaterale samentrekking van kaak/lip
Vaccinatie:
Zostavax
- levend afgezwakt
- niet effectief
- 2 dosissen op jonge leeftijd
- Boost op oudere leeftijd
Shingrix:
- Niet-levend, recombinant subunit vaccin
- wel effectief
- 2 dosissen
- Voor mensen > 60
- Voor personen onder immunosuppressiva > 16
Antivirale therapie:
- Duur en ernst reduceren
- Inname binnen de 72h na eerste letsels
CYTOMEGALOVIRUS – CMV (TYPE V)
Pathogenese:
- Transmissie: via alle lichaamsvloeistoffen via direct of indirect contact
- Jong kindje blijft jaren besmettelijk
- Virus blijft latent in T cellen en macrofagen in lymfeknopen
episodes van heropvlakkering mogelijk
Wie/waar:
- Seronegatieve zwangere vrouwen grootste problematiek congenitale infecties
- Mama aan pageboren baby
- Meeste overdracht in kinderopvang, kleuterschool, kinderziekenhuis
Symptomen:
- Koorts
- Keelpijn
- Vermoeidheid
4