Privaatrecht
Hoofdstuk 1
National recht: privaat & publiekrecht
Privaatrecht = recht verhouding tussen burgers/particulieren onderling.
Personenrecht: gericht op de persoon -personen- en familierecht (huwelijk)
-rechtspersonenrecht (ondernemingen, bv, nv)
Vermogens recht: gericht op het vermogen -goederenrecht
-verbintenissenrecht
3 belangrijkste beginselen van het privaatrecht:
1. contractsvrijheid = de vrijheid op een overeenkomst al dan niet aan te gaan, te kiezen
met welke wederpartij men handelt en wat de inhoud is van de overeenkomst.
2. vormvrijheid = verklaringen kunnen in iedere vorm geschieden en in een of meer
gedragingen besloten worden.
3. pacta sunt servande = overeenkomsten moeten worden nagekomen (belofte maakt
schuld)
Rechtsfeit heeft wel rechtsgevolgen(dood) feiten zonder rechtsgevolg niet.
Blote rechtsfeiten: bep. moment ontstaan, maar er is niet echt sprake van een handeling.
(Geboorte & overlijden)
Menselijke handeling: bep. moment ontstaan, maar ligt een menselijke handeling ten
grondslag. (Sluiten van een overeenkomst, gevolg: leverings- en betalingsverbintenis
ontstaat.)
Rechtshandelingen: menselijke handelingen met een beoogd rechtsgevolg. (Huis verkocht,
eigendom van eigenaar.)
Onrechtmatige daad: er is een daad gepleegd die volgens de wet onrechtmatig is.
Rechtmatige daad: feitelijke handeling. Hierbij is de daad niet in strijdt met de wet
Wanprestatie: feitelijke handeling.
Hoofdstuk 1
National recht: privaat & publiekrecht
Privaatrecht = recht verhouding tussen burgers/particulieren onderling.
Personenrecht: gericht op de persoon -personen- en familierecht (huwelijk)
-rechtspersonenrecht (ondernemingen, bv, nv)
Vermogens recht: gericht op het vermogen -goederenrecht
-verbintenissenrecht
3 belangrijkste beginselen van het privaatrecht:
1. contractsvrijheid = de vrijheid op een overeenkomst al dan niet aan te gaan, te kiezen
met welke wederpartij men handelt en wat de inhoud is van de overeenkomst.
2. vormvrijheid = verklaringen kunnen in iedere vorm geschieden en in een of meer
gedragingen besloten worden.
3. pacta sunt servande = overeenkomsten moeten worden nagekomen (belofte maakt
schuld)
Rechtsfeit heeft wel rechtsgevolgen(dood) feiten zonder rechtsgevolg niet.
Blote rechtsfeiten: bep. moment ontstaan, maar er is niet echt sprake van een handeling.
(Geboorte & overlijden)
Menselijke handeling: bep. moment ontstaan, maar ligt een menselijke handeling ten
grondslag. (Sluiten van een overeenkomst, gevolg: leverings- en betalingsverbintenis
ontstaat.)
Rechtshandelingen: menselijke handelingen met een beoogd rechtsgevolg. (Huis verkocht,
eigendom van eigenaar.)
Onrechtmatige daad: er is een daad gepleegd die volgens de wet onrechtmatig is.
Rechtmatige daad: feitelijke handeling. Hierbij is de daad niet in strijdt met de wet
Wanprestatie: feitelijke handeling.