100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

samenvatting hedendaagse sociologische theorie

Rating
-
Sold
-
Pages
41
Uploaded on
10-03-2023
Written in
2021/2022

samenvatting hedendaagse sociologische theorie UA, perfecte voorbereiding examen

Institution
Module











Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Module

Document information

Uploaded on
March 10, 2023
Number of pages
41
Written in
2021/2022
Type
Summary

Subjects

Content preview

Hedendaagse sociologische theorie

Wat is Theorie?
— Logisch geordend of geïntegreerd geheel van uitspraken over de sociale
werkelijkheid, vertelt hoe de werkelijkheid er uit ziet
— Abstract (abstraherend van specifieke tijd en ruimte) maar tegelijk ook gesitueerd.
Theorieën vertellen ons hoe we naar de (sociale) werkelijkheid kunnen (of moeten)
begrijpen, maar die werkelijkheid beïnvloedt ook hoe we erover denken
— Theorieën sturen de waarnemingen (van de maatschappelijke werkelijkheid) én de
interpretaties van die waarnemingen maar worden anderzijds zelf mee beïnvloed
door de steeds veranderende maatschappelijke omgeving
— Niet gewoon ‘weerspiegeling’ van de werkelijkheid maar eerder de ‘bril’ waardoor
sociologen naar de maatschappelijke werkelijkheid kijken
— Leidraad voor onderzoek, bron voor richtinggevende concepten en formulering van
hypothesen
— Maar vaak ook systematische poging om de resultaten van het onderzoek te
ordenen en te interpreteren.

Theorie en onderzoek: het praktische ‘nut’ van theorie ?
— Heuristiek
— Kadering of ‘framing’
— Systematisering

Orde in chaos zien (heuristiek):
 Theoretische kaders, concepten of ideeën zijn belangrijk omdat ze een
bepaalde ‘bril’, een manier van kijken met zich meebrengen. Door onze
aandacht op bepaalde aspecten van de werkelijkheid te richten (het
‘relevante’) en andere te verwaarlozen (‘het irrelevante’), laten ze ons toe
om een zekere orde of een patroon in onze onderzoeksdata of de
werkelijkheid te zien (‘Heuristiek’)
 Zonder concepten of theoretische kaders (‘frames’), is het soms moeilijk om
überhaupt iets betekenisvol, patroonmatig in de sociale werkelijkheid te
herkennen

Kadering of framing
— Een theoretisch kader of ‘frame’ omschrijft een fenomeen in specifieke theoretische
termen en classificeert het daarmee in een bredere groep (bvb. interactievormen in
de publieke ruimte)
— De meeste analytische kaders of theoretische ‘frames’ worden ontleend aan de
sociologische theorie
— Door theoretische kaders te selecteren, te bediscussiëren en te formaliseren kunnen
onderzoekers hun werk met dat van anderen verbinden
— Verschillende kaders leiden tot andere ‘kadering’ of benadering van onderzoek,
andere onderzoeksvragen, andere ‘data’ (‘wat is het dat we bestuderen?), andere
methoden, etc.

, Bvb. Rellen!
— Crisis gedrag: een reactie op teleurgestelde verwachtingen en (veranderingen in) de
persoonlijke situatie van mensen. Participanten aan rellen kunnen reageren uit
frustratie of uit (morele) verontwaardiging
— Rationeel, instrumenteel gedrag (ook van collectieve actoren) : geweld kan
gemobiliseerd worden om bepaalde doelen te bereiken (en bvb. besluitvorming te
beïnvloeden)
— Aangeleerd gedrag (geweldscultuur) van bepaalde groepen: participanten aan rellen
zijn gesocialiseerd in cultuur waarin mannelijke idealen van dominant en
gewelddadig gedrag de toon aangeven

Systematisering
— Theorie als systematische poging om de resultaten van het onderzoek te ordenen en
te interpreteren
— “Theorie is een veralgemening van het particuliere, een abstrahering van concrete
gevallen” (J. Alexander, What is Theory?, p.2)


Hoe gaan mensen om met racisme en discriminatie?
Uit het vele empirische onderzoek kunnen we vijf verschillende vormen van omgaan
met/beantwoorden van racisme onderscheiden*:
1. Confrontatie (inclusief juridische actie)
2. ‘Management of the self’ (ervoor zorgen dat men geen aanstoot geeft)
3. Negeren / niets doen
4. Zichzelf bewijzen: focus op ‘zelfverbetering’, ‘hard werken’ en ‘competenties
(bvb. in onderwijs of professionele context)
5. Focus op ‘isolatie’ en ‘autonomie’ (ervoor kiezen om enkel nog met de ‘eigen’
mensen om te gaan en andere contacten te vermijden)

Hoe komt theorie tot stand?
— Wordt theorie gemaakt op basis van de empirische feiten (inductie of generalisatie)?
— ‘Relatieve zelfstandigheid’ van theorie: ze kan niet zonder feiten, maar bepaalt
tegelijk hoe die feiten geïnterpreteerd moeten worden
— ‘Theorie’ kan dus zowel heel abstract (‘feitenvrij’) zijn, als gericht op het
systematiseren van empirische observaties (‘feiten’)

Theorieën worden zowel gevormd door ‘empirische observaties’ als door algemene
veronderstellingen

(slides afdrukkem 30- einde)

,College 2: Interpretatieve handelingstheorie (symbolisch interactionisme, erving Goffman,
randall collins

Vervolg college 1:
Sociologische theorie kan algemeen of specifiek zijn. In dit vak bekijken we algemene
sociologische theorie, de maatschappij als een totaliteit interesseert ons hier, hoe hangen d
eversch domeinen samen? Dit gaan we bekijken. Zo krijgen we een systematisch verband.

We onderscheiden algemene en specifieke theorie:
 Algemene sociologische theorie
• Theorie over de maatschappij als eenheid of ‘geheel’ (“Hoe hangen
verschillende domeinen van de maatschappij samen?)
• Theorie over hoe sociale interactie - organisaties – macrostructuren zich tot
elkaar verhouden
• Je gaat kijken hoe de specifieke structuren plaatsvinden in het geheel

 Theorieën over specifiek maatschappelijk domein of specifieke dimensie van het
sociale leven:
• Theorieën van ongelijkheid of ‘sociale stratificatie’ (sociologie van
ongelijkheid)
• Theorieën van het politiek systeem (politieke sociologie)
• Theorie van ziekte en gezondheid (medische sociologie)
• Theorie van specifieke sociale verbanden (bvb. groep, organisatie, macro-
instituties)

Een tweede onderscheidt is het onderscheidt tss sociologische theorie (typisch aan de
discipline sociologie) en de sociale theorie (verzamelnaam voor theorie over de
maatschappij maar niet typisch voor de sociologie):
 Sociale theorie’ ?
• Inbreng en invloed van andere disciplines (bvb. filosofie, antropologie,
linguïstiek, geografie)
• Gaat uit van normatieve principes en gaat kijken hoe de maatschappij er uit
zou moeten zien

 ‘Sociologische theorie’
• Sterkere band met sociologisch-empirisch onderzoek
• Net als in sociale theorie ‘theoretisch pluralisme’: meerdere paradigma’s of
theoretische kaders: bvb. systeemtheorie, conflicttheorie, symbolisch
interactionisme
• Maar gekoppeld aan enkele hoofdvragen van de sociologie
• Gaat kijken hoe de maatschappij er werkelijk uitziet

, Hoofdvragen van de sociologie:
1. Wat ligt aan de grondslag van handelen (bvb. eigenbelang of gerichtheid op
waarden?) Wat is sociaal handelen (onderlinge afstemming van individuele belangen
of creatie van gemeenschappelijke definitie van situatie)? Wat betekent dat ons
handelen gericht is op dat van anderen?
2. Hoe komt maatschappelijke orde tot stand? Bestaat maatschappelijke leven in
eerste instantie uit structuren (bvb. ‘sociale klassen’) of individueel gedrag?
3. Wat is sociale verandering? Wat is typisch aan onze ‘moderne’ of hedendaagse
maatschappij (tijds-diagnose)?

Side note: Hoe gaan we te werk:
DEEL I Handelingstheoriëen (Micro-sociologie) :
- Begrijpen de sociale werkelijkheid vanuit het individuele handelen en de situationele
interactie tussen individuen
DEEL II Functionalisme en Systeemtheorie (Macro-sociologie)
- Begrijpen de sociale werkelijkheid vanuit maatschappelijke structuren
Deel III Tijdsdiagnose - theorieën van de hedendaagse maatschappij (Macro-sociologie)
- Willen vooral begrijpen hoe de sociale werkelijkheid verandert


Handelingstheorie:
 Centrale vragen: hoe menselijk handelen sociologisch beschrijven? Wat is sociaal
handelen?
 In de handelingstheorie zijn er verschillende basisassumpties
• Handelen is rationeel (beredeneerd): wat zijn iemand zijn doelen en hoe wil
iemand iets bereieken, mensen zijn rationeel en reflexief
• Handelen is niet-rationeel: maar veel mensen denken niet na bij wat ze doen;
emoteis, tradities, religie
• Handele is gestuurd van uit eigenbelang / gedeelde normen en waarden
• Vooral gestuurd van interne factoren / externe factoren (internal versus
external reference of action)
 Hoe kunnen we, vertrekkende vanuit het sociale handelen van individuen (micro)
bredere maatschappelijke fenomenen (macro) begrijpen en verklaren?

2 stromingen:
 Utilitaristische handelingstheorie: ruiltheorie, rationele keuzetheorie
 Interpretatieve handelingstheorie: symbolisch interactionisme, sociale dramaturgie
(Ervin Goffmann, Randall Collins), ethnomethodologie,
£6.70
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
carolinejanssens

Get to know the seller

Seller avatar
carolinejanssens Universiteit Antwerpen
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
4
Member since
2 year
Number of followers
3
Documents
8
Last sold
2 year ago

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their exams and reviewed by others who've used these revision notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No problem! You can straightaway pick a different document that better suits what you're after.

Pay as you like, start learning straight away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and smashed it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions