Poëzie
Rijmschema’s:
1. Gepaard rijm
a-a-b-b
2. Gekruist rijm
a-b-a-b
3. Omarmend rijm
a-b-b-a
4. Gebroken rijm
a-b-c-b of a-b-a-c
5. Verspringend rijm
a-b-c-a-b-c
6. Slagrijm
a-a-a-a
7. Eindrijm (laatste woorden van de versregel rijmen)
Versregel: regel van een gedicht
Strofe: Alinea
Enjambement: Een versregel wordt midden in een zin of woord afgebroken
Vol rijm: 2 rijmende woorden à rijm, lijn, konijn.
Halfrijm:
Alliteratie
- Overeenkomende beginletters
- Geen lidwoorden
- Alleen medeklinkers
‘’Een groene grijns van Gods gruwelijke gelaat.’’
‘’Liesje leerde lotje lopen langs de lange lindelaan’’
Assonantie
- Klankovereenkomst oftewel beklemtoning
- Op/binnen een versregel
Kinderen – verslingeren
, Beeldspraak
Vergelijking met ‘als’.!
‘’Haar ogen zijn net zo mooi als het water van de Middellandse Zee.’’
Vergelijking met ‘van’.!
‘’Dat is een beer van een vent.’
Asyndetische vergelijking (vergelijking zonder ‘als’ of ‘van’).!
‘’In ondiep water, in het grauwe dagen
ontwaakt de ziel, een afgedreven boot.’’
Metafoor.!
Een object en een beeld hebben een overeenkomst, maar het object wordt niet genoemd.
‘’Die ezel is zijn boek vergeten.’’
Personificatie.!
Als iets levenloos een menselijke eigenschap wordt toegekend.
‘’De wind fluistert door het riet.’’
‘’De wind huilt door de schoorsteen.’’
Metonymia.!
Het beeld in de zin wordt niet genoemd, maar ingevallen door een eigenschap of kenmerk
van dit beeld.
‘’Hij trapte het leer (voetbal) in de touwen (doelnet).’’
Rijmschema’s:
1. Gepaard rijm
a-a-b-b
2. Gekruist rijm
a-b-a-b
3. Omarmend rijm
a-b-b-a
4. Gebroken rijm
a-b-c-b of a-b-a-c
5. Verspringend rijm
a-b-c-a-b-c
6. Slagrijm
a-a-a-a
7. Eindrijm (laatste woorden van de versregel rijmen)
Versregel: regel van een gedicht
Strofe: Alinea
Enjambement: Een versregel wordt midden in een zin of woord afgebroken
Vol rijm: 2 rijmende woorden à rijm, lijn, konijn.
Halfrijm:
Alliteratie
- Overeenkomende beginletters
- Geen lidwoorden
- Alleen medeklinkers
‘’Een groene grijns van Gods gruwelijke gelaat.’’
‘’Liesje leerde lotje lopen langs de lange lindelaan’’
Assonantie
- Klankovereenkomst oftewel beklemtoning
- Op/binnen een versregel
Kinderen – verslingeren
, Beeldspraak
Vergelijking met ‘als’.!
‘’Haar ogen zijn net zo mooi als het water van de Middellandse Zee.’’
Vergelijking met ‘van’.!
‘’Dat is een beer van een vent.’
Asyndetische vergelijking (vergelijking zonder ‘als’ of ‘van’).!
‘’In ondiep water, in het grauwe dagen
ontwaakt de ziel, een afgedreven boot.’’
Metafoor.!
Een object en een beeld hebben een overeenkomst, maar het object wordt niet genoemd.
‘’Die ezel is zijn boek vergeten.’’
Personificatie.!
Als iets levenloos een menselijke eigenschap wordt toegekend.
‘’De wind fluistert door het riet.’’
‘’De wind huilt door de schoorsteen.’’
Metonymia.!
Het beeld in de zin wordt niet genoemd, maar ingevallen door een eigenschap of kenmerk
van dit beeld.
‘’Hij trapte het leer (voetbal) in de touwen (doelnet).’’